Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Het feest van Sukkoth

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Het feest van Sukkoth

6 minuten leestijd

„En het feest der inzameling, op de uitgang des jaars, wanneer gij uw arbeid uit het veld zult ingezameld hebben". ​Exodus 23: 16b

Vorige week zaterdag besloot het joodse volk de viering van zijn loofhuttenfeest.
Dit feest is voor ons vrijwel onbekend. Het heeft immers ook geen nieuw-testamentische inhoud. Toch hebben we met dit feest te maken. De profeet Zacharia spreekt daarvan. De heidenen, die niet door het gericht Gods getroffen zijn, zullen van jaar tot jaar optrekken om te vieren het feest der loofhutten, en de volken die niet zullen gaan, zullen geen regen ontvangen. Een verklaring van deze profetie kan ik u niet geven. Ik haal deze profetie slecht aan om te plaatsen voor de belangrijkheid van dit feest.
Het volk van het oude Testament had drie grote feesten: het Paasfeest, het Wekenfeest of Pinksterfeest en het Loofhuttenfeest. Alle man van boven de 12 moest dan op bevel van de Heere optrekken naar Jeruzalem om voor het aangezicht van de Heere te verschijnen. Het laatste was het grootste feest. Ieder moest het vieren. Het was een feest voor heel het volk. De datering was ook voorgeschreven: de 15e dag van de 7e maand. Heel de 7e maand was eigenlijk een bijzondere periode. De eerste dag was de dag des geklanks; de tiende dag was grote Verzoendag, en de vijftiende dag begon het feest der Loofhutten. Zeven dagen lang moest het gevierd worden Het getal 7 komt bij het Pinksterfeest al naar voren. Doch nog sterker bij het Loofhuttenfeest. Begrijpelijk - dacht ik -, als we eraan denken, dat zeven een getal is dat een volheid aangeeft. Op Pinksteren gaat het om de eerste oogst. Vandaar dat de 3000 bekeerden op de dag van het Pinksterheilsfeit eerstelingen des Geestes genoemd worden. Ze vormen de eerstelingen van de oogst. Op het Loofhuttenfeest is er de volle oogst. Dan is er ook de inzameling geweest van de dorsvloer en de wijnpers. Daarom wordt het ook genoemd het feest van de inzameling. Loofhuttenfeest is dus het feest van de volle oogst. Er is nog een tweede element in dit feest. De herinnering aan het wonen in tenten in de woestijn, toen het volk op reis was naar Kanaän. Dus Gods bewarende hand in de woestijn én Gods zorgende hand in de oogst vormden de inhoud van het feest. Vanwege die bewaring en verzorging moest men 7 dagen vrolijk zijn voor het aangezicht van de Heere.
De Heere Jezus is ook eens op dit feest gekomen. U leest dat in Joh. 7 en 8. 't Zal naar aanleiding van de wetslezing op het feest geweest zijn, dat Hij sprak het scherpe woord: „niemand van u doet de wet". Op de 7e dag van het feest werden de lichten ontstoken en droeg men lichttoortsen. Daarmee in verband predikte Jezus: „Ik ben het licht der wereld". Ook werd op het feest een plengoffer gebracht; mogelijk ter herinnering aan de steenrots in de woestijn. Naar aanleiding van dit offer riep Jezus: „Zo iemand dorst, die kome tot Mij en drinke".

Het feest der Loofhutten moest vanwege Goddelijke bewaring en verzorging een vrolijk feest zijn voor het aangezicht van de Heere. De juiste volgorde wordt gehandhaafd: eerst grote Verzoendag, daarna het Loofhuttenfeest. Immers er moet eerst verzoening zijn, zal het aangezicht van de Heere van toorn in gunst gewend zijn. Is er geen verzoening, hoe kan men dan vrolijk zijn voor het aangezicht van de Heere? Dan is het juist: „bergen, valt op ons, en heuvelen, bedekt ons ... "
De echtheid van het vrolijk zijn voor het aangezicht van de Heere hangt niet alleen van de juiste volgorde, maar ook en juist van de inhoud van grote Verzoendag af! Daar hebben ook wij mee te maken.
Het geklank van de ramshoorn op de 1e dag van de 7e maand of het geluid van de 7 bazuinblazende engelen uit het boek Openbaring kan tot de bodem van ons hart zijn doorgedrongen - dat wil zeggen, dat we waarlijk geloven dat het gericht en het oordeel komen en rechtens komen -, de vraag is dan maar: welke inhoud geven wij aan grote Verzoendag? Onze offers, onze wetsvolbrenging, ons geloof, onze bekering, onze kerkgang, onze orthodoxie, ons bidden, ons activisme?

God heeft een is-gelijk-teken geplaatst tussen grote Verzoendag en Goede Vrijdag. De weg naar het feest der Loofhutten, van het vrolijk zijn voor het aangezicht van de Heere loopt slechts over Golgotha. Jezus Christus, Die de wet heeft volbracht, gehoorzaam geweest tot de dood. Die de vloek der wet heeft gedragen. Die alzo geworden is tot de Steenrots, tot levend water. Die door Zijn kruis- en vloekdood de toorn Gods heeft gestild, - door Hem, in Hem Gods aangezicht in gunst tot mij gewend. Hij als het licht der wereld plaatst op grond daarvan dat Hij in de duisternis geweest is, in het licht van Gods aangezicht. Dan begint het echt te zingen in mij: „Gods vriendelijk aangezicht heeft vrolijkheid en licht".
Zo volkomen is de verzoening door voldoening op Goede Vrijdag!
De gelijkenis van de verloren zoon zegt dan: „En zij begonnen vrolijk te zijn". Hier is de blijdschap van de Vader; hier is een kind dat huppelt van zielevreugd voor het aangezicht van zijn Vader.
Straks houden wij weer onze dankdag. Gods bewaring en verzorging zijn motief om met dankoffers te komen voor het aangezicht van de Heere. De „goeden" niet te na gesproken - maar ik hoor kerklid a zeggen: „'t is toch zonde om daarvoor een snipperdag te nemen", en kerklid b hoor ik zeggen: „'t spijt me wel, maar de kerk moest wat meer rekening houden met de televisieprogramma's". Ik bedoel maar - we kunnen stenen werpen naar Israël, maar hebben wij nu wel Golgotha goed begrepen?

Loofhuttenfeest - feest van de volle oogst. Pinksteren - de eerstelingen. Doch hét feest aan de uitgang des jaars! Christus komt met in Zijn hand een scherpe sikkel. Hij komt als de oogst der aarde rijp is geworden. Er zal zijn wijnoogst. Huiveringwekkend! Dan vertreden worden in de grote wijnpersbak van Gods toorn. Bekeert u, bekeert u, waarom zoudt gij sterven?

Er zal zijn graanoogst. Als een tarwegraan in de akker gevallen. Slechts in de weg van sterven een halm, een aar, vruchten. Vruchten, die ook slechts in de weg van sterven rijp zijn geworden. Rijp - dan komt ook hier de sikkel: „En met gejuich, ter goeder uur. Zijn schoven dragen in de schuur".

Loofhuttenfeest - het feest van de volle inzameling. Hier is het: zij begonnen vrolijk te zijn. Dan is het: eeuwig vrolijk. Hier 7 dagen. Dan een volle eeuwigheid. Vrolijk voor het aangezicht van de Heere. Vanwege Goddelijke bewaring en verzorging, door Golgotha, om Golgotha. „Hun blijdschap zal dan, onbepaald, door 't licht, dat van Zijn aanschijn straalt, ten hoogste toppunt stijgen".

Doornspijk, v. Zonneveld

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 19 oktober 1979

De Wekker | 8 Pagina's

Het feest van Sukkoth

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 19 oktober 1979

De Wekker | 8 Pagina's

PDF Bekijken