Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

De Heilige Geest en onze ervaringen

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

De Heilige Geest en onze ervaringen

12 minuten leestijd

Gebrek aan ervaring
Het heeft er alle schijn van dat de kerk op het pinksterfeest niet meer kan opbieden tegen wat er zo al in allerlei groepen en kringen wordt geboden aan ervaringen. Het is, alsof er zich bij tijden een grote gapende verveling heeft meester gemaakt van de kerk. En mag men de stemmen geloven, dan ligt dat aan een werkelijk gebrek, een wezenlijk gemis in de prediking en in de praktijk van de kerken.
Het is goed eens te luisteren naar de argumenten die hier worden aangevoerd.
Er zijn er die sterk werken met een theologisch argument. In de oude kerkgeschiedenis zou de kerk het geloofsstuk van het eerste artikel hebben ontdekt: ik geloof in God de Vader. De kerk heeft zich moeten bezinnen om de betekenis van dit geloof in een felle strijd tegen allerlei dwalingen.
In de tijd van de reformatie zou de kerk vooral het tweede geloofsartikel hebben ontdekt: Ik geloof in de Zoon. De waarde van het belijden omtrent de Christus is in de tijd van de reformatie op een bijzondere manier in het licht gesteld.
Maar eerst aan onze tijd zou het zijn voorbehouden om te ontdekken wat de betekenis is van de leer van de Heilige Geest. Wat daaromtrent in vroeger tijden te berde gebracht werd was volkomen ontoereikend. Het is de armoede geweest van de kerk, ook van de kerk van de reformatie, dat zij het leerstuk van de Geest heeft laten liggen.
Zo wordt er vanuit een bepaalde voorstelling van de geschiedenis een beeld opgeroepen omtrent de armoede van de kerk, terwijl daartegenover heel wat buitenkerkelijke bewegingen zich zouden inzetten om deze armoede weg te nemen.
Die armoede betreft dan niet alleen de theologie van de Geest, maar vooral ook de praktijk: men mist in de kerk de ervaring van de bijzondere presentie van de Geest. Het is in de kerk allemaal zo weinig blij, zo zonder gevoel en zonder meeslepende kracht, zo vlak en oppervlakkig, zo verstandelijk en minder diep.
Wanneer we er op letten, wie deze kritiek uiten, blijken het niet alleen jonge mensen te zijn. Het zijn heel vaak mensen, die de eerste jeugd achter de rug hebben en die hun eigen ervaringen soms schijnen te projecteren op de jeugd en zichzelf dan vervolgens tot spreekbuis van de jongeren maken. Zou er ook iets achter kunnen zitten van een teleurstelling over eigen leven, die zich in deze vorm openbaart en naar buiten komt? Zou het kunnen wezen, dat men zelf bezig is met een verwerkingsproces, dat niet afgerond is, en waarin dan zulke klachten heel gemakkelijk naar boven kunnen komen?
Intussen komen wel wezenlijke zaken op tafel. En het is de moeite waard om een paar zaken te overwegen, die in verband staan met de ervaring van en met de Heilige Geest.

Moderniteit van het probleem
De kwestie van de ervaring is zeer modern. In allerlei opzicht. De hele mensheid doet ervaringen op die uniek zijn. Wij staan, althans in het westen, bewust in een tijdsgewricht dat uniek is in de geschiedenis. Onbekende werelden gingen vroeger voor de mensheid open. Het is onvoorstelbaar wat de ontdekking van nieuwe continenten heeft betekend voor de mens die de nieuwe geschiedenis inging. Zo rond 1500 waarde ook in Europa de gedachte rond van apokalyptische tijden, die men beleefde. Tóén ging het nog om continenten.
Vandaag gaat het om andere planeten, om andere werelden.
En de gehele problematiek, die daarmee gegeven is, is algemeen menselijk geworden. Ieder krijgt er op zijn niveau mee te maken, of eigenlijk krijgt ieder er mee te maken op een manier, die de indruk wekt, dat het nét precies ons niveau te boven gaat. Vandaar de onzekerheid, het zoeken naar een levenshouding, die bij de grootscheepse veranderingen past. De wereld leeft bij ons in de huiskamer. De problemen van politici zijn onze problemen. Die van de wetenschappers gaan ons evenzeer aan. En al met al voelen we ons zo diep onmachtig.
Binnen dit geheel komt het zoeken naar echte ervaringen te staan. Een ervaring geeft een vorm van kennis. En kennis door ervaring geeft een vorm van zekerheid. In het zoeken naar nieuwe ervaringen is een schreeuw naar zekerheid, die wij bij al onze nieuwe kennis missen.
Immers alles te weten maakt niet gelukkig. Wat wij weten maakt ons onzeker, omdat we de consequenties van onze kennis niet kunnen overzien. Slechts de ervaring zou ons wijs kunnen maken en zekerheid kunnen geven. Zo past in het denken en beleven van onze tijd op zichzelf reeds het zoeken van de ervaring.
Nu staat de theologie niet buiten de tijd. Zij wordt in ieder tijdsgewricht met de eigen vragen geconfronteerd. En ook de theologie van onze tijd heeft zo te maken met de vraag van de ervaring.
Daarin is weer iets zeer moderns. De tijd is voorbij, dat men in de theologie de vragen van de ervaring liet liggen. Kar! Barth heeft met een fors gebaar de hele kwestie van de ervaring van de tafel geveegd. Het heil komt van de andere kant. En het blijft ook van de andere kant. In het laatst van zijn leven heeft Kar! Barth de noodzaak ingezien om in de theologie toch aandacht te schenken aan de plaats en betekenis van de ervaring, aan de plaats en betekenis van het werk van de Geest.
In deze theologische en profane ervaringsbehoefte speelt nu de charismatische beweging op een geweldige manier in. Zij belooft iets te bieden, wat in de kerk niet te vinden zou zijn en wat in de theologie niet aan de orde komt: een authentieke ervaring van het heil.
De theologie heeft in charismatische kringen nooit een hoog cijfer gehad. En de kerk stond evenmin hoog genoteerd. De theologie werd dikwijls afgedaan als intellectualistisch wetenschapsbedrijf. En de kerk kreeg de schuld van veel vervlakking. Deze beide visies werken door in kringen die onder druk staan van de charismatische beweging en van het groepsdenken, zo bijvoorbeeld bij de EO, die méér dan een omroep wil zijn. Zij wil plaatsvervangend theologiseren en pastoraal ook de taak van de kerk overnemen.
De markt ligt voor dit alles open. Inderdaad vertoont het kerkelijke leven schromelijke gebreken en het bouwwerk van de gereformeerde theologie zoals deze in Nederland met veel kennis van zaken werd beoefend is geheel ingestort.
In deze situatie vraagt men om ervaring, om echte beleving van het heil. En die vraag krijgt door alle factoren er omheen een geheel eigen klank, een heel moderne klank. En de vraag is nu, of de gereformeerde theologie op déze vraag nu kan komen met het oude antwoord.
Wat is het moderne van de vraag om ervaring? Het is in de eerste plaats het mondiale aspect, dat er aan vastzit. Wij beleven de dingen op groter schaal. Deze schaalvergroting trekt de eenvoudige ervaringen die wij kenden geheel uit de voegen. Kan men vandaag nog spreken over de voorzienigheid Gods, zoals dit vroeger gebeurde? Is de wereld, waarin die voorzienigheid alle dingen regeert niet totaal anders geworden?
In de tweede plaats is er in de moderne vraag om ervaring een zoeken van de gemeenschap. Nooit zijn er meer eenzame mensen geweest dan vandaag, terwijl ook het karakter van de eenzaamheid op zichzelf totaal veranderd is. Er is iets onbegrijpelijk beangstigends in de eenzaamheid van velen, iets demonisch, zou men haast zeggen. En juist nu ligt de kerk uiteen, verscheurd en bloedend uit vele wonden. Juist nu blijken velen diep teleurgesteld in de kerk.
In de derde plaats is er in het zoeken naar ervaring vandaag een tasten naar de betekenis van het heil, persoonlijk zowel als bovenpersoonlijk: wat is heil, wat is bevrijding en verlossing? Hoe verhoudt zich het persoonlijke tot het algemene? Wat heeft genade met politiek te maken?

De echtheid van het probleem
Men kan de hierboven geschetste problematiek met één woord aan de kant schuiven. Dat is een ervaring op zichzelf. Men doet dan alsof het hele probleem niet echt is, alsof het om onwezenlijke vragen gaat en men werkt deze aan de kant, om over te gaan tot datgene waarvan men zegt dat het wezenlijk is.
Karl Barth heeft dit gedaan. Zijn oplossing had iets van een bevrijdende radicaliteit, die ons doet denken aan het evangelie zelf, dat nog veel radicaler is. Maar op den duur houdt men dit niet vol. Tenzij men voor een andere oplossing kiest. Dan laat men het probleem liggen en men deelt het leven in twee werelden. De éne wereld is de wereld waarin men noodgedwongen moet vertoeven. Zelfs Paulus zei, dat het openbaar is dat we niet uit de wereld kunnen uitgaan. Men moet er in blijven. Maar men kan er in zijn en haar laten liggen. Dan is er een andere wereld, een hogere zo men wil, een geestelijke wereld, waarin men eigenlijk leeft.
Maar dit leven in twee werelden is op den duur even moeilijk vol te houden.
Het leidt tot een vorm van gespletenheid, die ons straks doet vragen: waar zijn we ook al weer. Voordat men er erg in heeft hebben we de zaken door elkaar gehaald. Het werkt verwarrend om zo in twee werelden te leven.
Men kan het probleem ook eenvoudig willen oplossen, door alle ervaringen te herleiden tot één grond ervaring, die voor alle mensen van alle tijden en van alle plaatsen volkomen gelijk zou zijn. Het christelijk geloof is zonder zulk een opvatting niet denkbaar. Wanneer we zeggen, dat wij belijdenis doen van ons algemeen christelijk geloof, doen wij dat in gemeenschap met de kerk van alle tijden en van alle plaatsen. En dan ligt daarachter de opvatting dat er één grond ervaring is, die altijd en overal gelijk is. Wij weten dat dit zo is. Maar daarmee is de echtheid van het probleem van de moderne ervaring nog niet ontkend.
Men mag de zaak vereenvoudigen en zeggen: ook de moderne mens heeft hetzelfde woord, dezelfde verlossing en dezelfde bekering nodig. Wie dit zou ontkennen plaatst zich buiten het christelijk geloof. Maar wij zouden mensen kunnen verliezen voor het christelijk geloof, wanneer we de moderniteit, de echtheid van de vragen van vandaag zouden ontkennen.

De ervaring van de Geest
Maar hier komt de Geest ons te hulp in onze zwakheid. Daar waar wij zeggen: wij weten niet, daar helpt de Geest. De apostel heeft daarvan een troostvol getuigenis gegeven in deze woorden: en desgelijks komt ook de Geest onze zwakheden mede te hulp. Want wij weten niet wat wij bidden zullen gelijk het behoort. Maar de Geest bidt voor ons met onuitsprekelijke zuchtingen.
Misschien is de ervaring van onze tijd wel het meest passend aangeduid met de massaliteit waarin wij vandaag zeggen: Wij weten niet . . .
We zeggen het met betrekking tot de problemen waarin de ganse schepping zucht. Merkwaardig is het, dat de Schrift ons reeds voor is in het aanduiden van het „mondiaal" aspect van onze moderne ervaring. In Rom. 9 spreekt de apostel reeds over de problematiek van de ganse schepping. Dat reikt wijd. De gehele schepping in haar totaliteit zucht. Het lijkt alles zinloos en ijdel. Maar bij dit schepselmatige zuchten voegt zich het zuchten van de kinderen Gods. En daarbij komt dan nog eens het zuchten van de Geest. Wanneer wij zeggen met betrekking tot zo vele zaken: wij weten niet. . ., en wanneer wij aldus onze onkunde en onervarenheid aanduiden, is er tegelijk de geloofservaring van de Geest, die mede zucht. Eigenlijk staat er, die op zijn beurt mede de schouders zet onder de last. Inderdaad is daarmee de zaak aangeduid. De Geest, die op het Pinksterfeest is uitgestort is de Geest die ook de Schepper is. En Hij bidt voor zijn eigen werk, voor het scheppingswerk, wanneer Hij zegt: Kom Here Jezus, ja kom haastig. Daarom mag een christen nimmer zeggen, dat zijn ervaringsbehoefte in alle moderniteit niet meer toe kan met het oude pinksterevangelie, Er is geen moderne vraag, of de Geest heeft haar reeds doordacht. Hij die de diepten Gods doorzoekt, weet niet alleen wat er in die diepten is, maar Hij staat deswege ook boven alle diepten die in de schepping zijn. Hij staat er boven. En wie door déze Geest geleid wordt zal in géén toekomst dwalen, welke die ook mag zijn.
We zeggen hetzelfde met betrekking tot de vragen van de moderne eenzame mens.
De moderne eenzaamheid heeft iets afgrondelijks, zo zeiden we. Zij is beangstigend. Zij heeft bij tijden iets demonisch. Zij grijpt ons naar de keel. Eenzaam te staan in een wereld van mensen, allen met hun eigen problemen: die eenzaamheid is nog nimmer zo massaal én zo fataal geweest. Vandaar de vlucht in de vergetelheid en in de ontrukking van zichzelf aan de werkelijkheid.
Maar hier helpt de Geest ons: Waar zou ik uw Geest ontvluchten, zo vraagt reeds de oude psalm. Overal zijt Gij. En de eenzame mens, die door deze Geest gezocht en gevonden wordt is niet meer alleen. Hij heeft sterkte in de Here, zijn God.
Hij weet van gemeenschap met de Here zelf. Geen eenzaamheid, ook niet de meest moderne, is zo diep, of de Geest kan haar opheffen.
En ook onze verlegenheid met het heil dat persoonlijk is en dat boven alle persoonlijkheid uit wil doortrekken in een nieuwe wereld, met nieuwe structuren, ook dát heil ligt in de handen van de Geest, die de Geest van Christus is.
Daarom zeggen we dat heel de moderne ervaringsbehoefte vervuld kan worden met het oude pinksterevangelie: zij werden allen vervuld met de Heilige Geest. Vol van God zelf. Gelukkig de mens, die op de goede plaats heeft leren zeggen en belijden: Wij weten niet... De Geest die Christus als de levendmakende Geest verwierf, kan ons dan in onze zwakheden te hulp komen als de Trooster, de Andere, die ons met Christus troost en blijdschap schenkt. Ook in onze tijd.

W. van 't S.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 28 mei 1982

De Wekker | 12 Pagina's

De Heilige Geest en onze ervaringen

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 28 mei 1982

De Wekker | 12 Pagina's

PDF Bekijken