Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

De verzegeling met de Heilige Geest (II)

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

De verzegeling met de Heilige Geest (II)

8 minuten leestijd

Volheid van menigerlei genade
We hebben gezien, dat het werk van de Geest, zoals het door de apostel wordt getekend in Ef. 1:13,14, wordt aangeduid als verzegeling. We dienen daar onder te verstaan de volheid van het werk van de Geest, niet slechts een specifiek onderdeel ervan, maar de karakteristieke, kenmerkende aanduiding van de volheid van genade, die in verkiezing, verzoening en verzegeling in het leven van Gods kerk een werkelijkheid is geworden en ook altijd weer moet worden. Wat is de kerk zonder verkiezing? Zij zou er niet zijn. Wat is zij zonder verzoening? Zij zou er niet eens kunnen zijn. Wat is zij zonder verzegeling? Zij zou niet eens weten, dat zij er was. Het heil Gods wordt door de Geest vastgemaakt in het leven van de kerk, in haar zijn en in haar bewustzijn.
Maar wanneer we in het begrip „verzegeling" de volheid van het genadewerk, bezien van de kant van de Geest, aangeduid vinden, dan ontkennen we niet, dat er in deze volheid tegelijk gesproken moet worden van menigerlei genade. Dit geldt ook reeds van het werk van Christus. Uit zijn volheid hebben wij ontvangen ook genade voor genade. En het is niet minder waar van het werk van de Geest. Deze volheid der verzegeling vertoont een rijkdom, waarvan evenzeer geldt, dat zij zich manifesteert in „allerlei geestelijke zegen" in de hemelse gewesten (Ef. 1:3).
We kunnen dit moeilijk anders opvatten, dan zó, dat wij in het werk van de Geest op een heel bijzondere manier nog eens weer opnieuw te maken krijgen met de Vader en met de Zoon en hun werk. Waar de Geest werkt, daar blijkt hoe volstrekt de genade is, die ons verkiest. Gods verkiezing wordt door het werk van de Geest niet buiten spel gezet. Zij wordt in haar alles-in-allen-werkende kracht juist gekend en ervaren. Het werk van de Geest is, op deze manier beschouwd, de in onze ervaringswereld doorwerkende kracht van de verkiezing.
Evenmin betekent het werk van de Geest dat de verzoening door het éénmaal volbrachte werk van Christus op de achtergrond zou geraken. Integendeel, wat de Geest doet is niets anders, dan dat de kracht van de verzoening in een mensenleven wordt ingedragen. Hoe krachtig blijkt het bloed van Christus tot vergeving en tot vernieuwing! Door de Geest wordt het kruis in ons eigen leven geplant, zodat wij met Christus medegekruisigd worden, niet slechts op de manier van het recht van God, dat ons vrijspreekt, maar ook op de wijze van de nieuwheid des levens, waardoor wij wezenlijk veranderd worden tot een nieuwe gehoorzaamheid. Dat is het werk van de Geest, zoals het de kracht der verzoening effectief maakt in ons leven.
Het eigene van de Geest bestaat in deze relatieve onzelfstandigheid. Hij is de Geest van de Vader en van de Zoon. Maar dit betekent niet een degradatie, een onderwaardering. Waar zouden we zijn zonder de Geest? Wat zouden verkiezing en verzoening ons te zeggen hebben? De Geest is het die levend maakt. De Geest is het die ons overtuigt, die ons verzegelt. In de relaties waarin de Geest staat tot de Vader en de Zoon ligt de verscheidenheid van zijn werk reeds opgesloten.

Verschillende aspecten
Een groot aantal aspecten laat zich bij het zorgvuldig lezen van Ef.1:13,14 onderscheiden, wanneer we tenminste de plaats lezen in het verband waarin de tekst voorkomt.
In de eerste plaats: de verzegeling met de Heilige Geest heeft alles te maken met datgene wat een van de belangrijkste onderdelen vormt van de gehele brief: de verhouding tussen Jood en heiden. Israël en de kerk zijn twee. Maar zij zijn één in Christus. En van die eenheid legt de verzegeling met de Geest getuigenis af. We mogen dit aspect niet voorbijzien, omdat ons wellicht andere meer interesseren.
In de tweede plaats: de verzegeling is altijd een verzegeling „in Christus". Ook dit wordt dikwijls uit het oog verloren. We maken dan niet alleen het werk van de Geest los van dat van Christus, zoals heel vaak gebeurt. Maar we lezen niet eens goed wat er staat. In heel het tekstgedeelte gaat het vanaf vers 3 tot 14 over het „in Christus". Tot acht keer toe lezen we „in Christus", „in Hem", „in de Geliefde". Het mag ons beslist niet ontgaan, dat de verzegeling tot tweemaal toe in verband gezet wordt met het „in Hem". Wie het daarvan losmaakt kan niet meer begrijpen wat de apostel bedoelt.
In de derde plaats: de tekst legt een verband tussen Woord en Geest, het Woord der waarheid, het evangelie der behoudenis én de Geest der belofte. Wie in de verhouding van Woord en Geest de zaken op een verkeerde manier benadert, moet ook verkeerd uitkomen, wanneer hij gaat spreken over de verzegeling met de Geest.
Ten vierde: geloof en verzegeling staan tot elkaar in een onlosmakelijke relatie. Hoe men daarover denkt, is van doorslaggevende betekenis voor ons verstaan van de verzegeling met de Geest. Al te vaak worden deze twee uiteengerukt. Dan raakt men het spoor bijster We zullen daarover iets moeten zeggen, om te begrijpen, hoe het geloof werkt in de vragen van de verzegeling.
Een vijfde aspect: niet alleen in het gedeelte, dat wij als belangrijkste gegeven over de verzegeling op het oog hebben, Ef. 1:13 en 14, maar ook op andere plaatsen is sprake van de samenhang tussen zekerheid en verzegeling. Vooral de teksten uit 2 Cor. 1:20vv.;
2 Cor. 5:5 en andere plaatsen wijzen op deze samenhang. Er is zekerheid, onwankelbare zekerheid in Gods beloften, die door de Geest verzegeld worden.
In de zesde plaats dienen we de vraag onder ogen te zien van de plaats die de sacramenten, met name de doop innemen in de verzegeling met de Geest. Er zijn er die zonder meer doop en Geest verwisselen. In dit klimaat komen we ook op gedachten die de doop met de Heilige Geest opvatten als de verzegeling met de Geest. Moderne charismatische opvattingen wijzen sterk in deze richting.
Een bijzonder aspect treffen we ten slotte aan in de samenhang, die onmiskenbaar aanwezig is met de christelijke hoop. Verzegeld tot de dag der verlossing. De Geest is onderpand in onze harten met het oog op de toekomst, waarin het sterfelijke door het leven verslonden zal worden (2 Cor. 5:1-5). We raken hier aan de grondslag van het geestelijke leven: geloof en hoop.
Ongetwijfeld zou er nog meer te noemen zijn. Maar we trachten slechts iets te laten zien van de grote betekenis van het onderwerp.

Tradities uiteen op dit punt
De grote rooms-katholieke traditie neigt er toe om de verzegeling met de Heilige Geest sacramenteel op te vatten. Moderne rooms-katholieke exegeten gaan weer sterk in deze richting. Op goede gronden? Dat is de vraag, die overwogen moet worden.
De Reformatie heeft over de verzegeling met de Geest zo gesproken, dat hier op een bijzondere manier de weg van de zekerheid van het heil van God werd aangewezen. Immers de zekerheid van het geloof speelde in de Reformatie een rol van betekenis. Men legde daarbij vooral sterk de nadruk op de betekenis van het Woord en van het geloof. Heeft de Reformatie daarmee in wezen te kort gedaan aan het werk van de Geest? Die opmerking werd in later tijd nog wel eens gemaakt.
In de Nadere Reformatie hoorde men wel eens geluiden, die op dit punt de Reformatie min of meer in gebreke stelden. Van de weeromstuit werd hier de verzegeling soms vrij wat sterk in de onderwerpelijke sfeer getrokken. Wat dit betreft, is de Nadere Reformatie weer heel modern. Men moet de dingen beleven. Er moet iets ervaren worden. Men gebruikt dan niet met volle overtuiging het woord „bevinding", is daar veeleer ook wat bang voor, maar men zoekt toch wel naar experiëntie, naar gevoelige ervaring, die ons van binnen wat doet. Deze ervaring overtuigt de ander ook. Moderne theologie vraagt naar de authenticiteit van de ervaring en zoekt daarin dan tegelijk een kenmerk van haar betrouwbaarheid, zonder direct een onderzoek te willen instellen naar de inhoud van de ervaringen. In dit opzicht behoort de verzegeling met de Heilige Geest tot een moderne thematiek, die theologisch ook van belang geacht moet worden.
Het kwam reeds even ter sprake: de moderne charismatische beweging hecht veel waarde aan de verzegeling met de Geest. Het is daar veelal aanduiding van een ingrijpende subjectieve ervaring, zeer persoonlijk, soms ook in een soort van psychologische groepsdynamiek afgeperst. Deze ervaring is dan een afsluitende, afrondende religieuze beleving, die van de doorsnee-christen een soort eersterangs gelovige maakt.
Men ziet, er liggen hier ook nog al wat problemen. Zij kunnen, althans dit hopen we, verduidelijkt worden, wanneer we trachten de Schrift zelf aan het woord te laten komen, terwijl we daarbij ook niet willen verzuimen om te luisteren naar hen, die eerder over deze dingen hebben nagedacht.

W. van 't S.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 4 augustus 1989

De Wekker | 8 Pagina's

De verzegeling met de Heilige Geest (II)

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 4 augustus 1989

De Wekker | 8 Pagina's

PDF Bekijken