Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Zeer gewillig

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Zeer gewillig

7 minuten leestijd

„Uw Volk zal zeer gewillig zijn op de dag Uwer heerkracht" (Ps. 110:3a)

Overal is strijd. Tot in de kerk toe. Het lijkt of het lot van de wereld in handen van mensen ligt. Dat de zonde op de troon zit, en dat het in onze dagen met Gods Kerk bijna gedaan is. U gaat misschien al zuchtend het kerkelijk winterwerk tegemoet of u vraagt zich af of het nog wel zin heeft om je er voor in te zetten? David weet beter. Hij getuigt in deze Psalm van zijn Zoon en Heere, Jezus Christus, Die aan de rechterhand van God is gezeten. Hij regeert. Heel het schokkende wereldgebeuren ligt in Zijn doorboorde handen. Hij heerst temidden van Zijn vijanden. En alles moet Zijn Plan dienen. Eens zal voor die Koning alle knie zich buigen. De zaak van Gods kerk is in goede handen en zal daarom ondanks alle tegenstand, onwilligheid en matheid gelukkig voortgaan.

Er wordt in deze Psalm niet alleen over vijanden gesproken, maar ook over een volk, dat tot dienst aan de Heere bereid is. Een leger dat voor Hem strijdt.
Waar komt het op aan bij een leger? Op de kwaliteit van de uitrusting? De grootte van het getal? Dat is zeker belangrijk. Het komt echter bovenal aan op het hart. Huurlingen hebben geen hart voor de zaak. Daarom wordt hier de gezindheid van dat volk beschreven: het is „zeer gewillig". Een leger van vrijwilligers. „Uw volk zal zeer gewillig zijn". Meen niet, dat ze dat van zichzelf hebben. Van nature zijn we allen onwillig. Vijandig, allemaal. Zelfs na ontvangen genade zo snel en vaak weer vijanden in het bedenken van eigen vlees. De zonde is vijandschap tegen God. Het bedenken van het vlees onderwerpt zich aan de wet Gods niet. Vrijwillig, moedwillig hebben we ons van Hem afgekeerd. Eén en al gewilligheid om in de zonde te leven. Maar een zondaar wil niet wat God wil. Wil zelfs niet zalig worden op de wijze door God bepaald. We willen niet schuldig worden verklaard, laat staan schuld belijden. Aan de kennis van Zijn wegen hebben we uit onszelf geen lust.
Daarom is het zo'n wonder, dat er gesproken wordt van een volk, dat „zeer gewillig" is. Zeer gewillig om de Heere te dienen. Daar is vergeving en hartveranderende genade voor nodig. Weet u, dat dit overvloedig te verkrijgen is voor de grootste der zondaren bij de Priester-Koning van deze Psalm? De Kerk zingt ervan: „ons weerspannig overtreden verzoent en zuivert Gij". Zijn troon is een troon der genade door Zijn Priesterlijk werk. Koninklijk deelt Hij die gaven uit door Zijn Geest en Woord. Het is de Heilige Geest, Die door het zwaard van het Woord bereid maakt om de Koning te volgen en te dienen. Dan wordt de briesende leeuw Saulus op weg naar Damaskus zo mak als een lam. Dan worden we gewillig om onze onwil en schuld te belijden, om de Heere te volgen. Gewillig om Zijn wil te doen, in Zijn wegen te wandelen. „Wat wilt Gij, dat ik doen zal?" Gewillig om Gode te zwijgen als het kruis drukt. Zeer gewillig, als een gespeend kind.
Maar zo is het toch niet altijd bij hen, die de Heere leerden liefkrijgen? Nee, maar in beginsel wel. Paulus, toonbeeld van gewilligheid, klaagt over zijn onwilligheid: „ik ellendig mens . . . ". „Want het goede, dat ik wil, doe ik niet, maar het kwade, dat ik niet wil, dat doe ik", Rom. 7,19.
De tegenstand van de oude mens is vaak fel. Het is waar, de allerheiligsten hebben slechts klein beginsel van die nieuwe gehoorzaamheid. Daarom is er ook zo vaak de twijfel: vrees ik de Heere wel echt?
Hartvernieuwende genade maakt gewillig. Maar je moet wel steeds meer worden wat je in beginsel bent. Niet uit jezelf, maar door op te wassen in de genade en kermis van de Heere Jezus Christus.
Weet u wanneer dat volk zeer gewillig is? Als de Koning Zich laat zien. „Op de dag Uwer heerkracht", staat er bij in de tekst. Van dat zien van de Koning gaat bezieling uit. Zoals wanneer een dappere koning kwam om zijn troepen te inspecteren. Als Immanuël Zich laat zien in Zijn Middelaarsschoonheid, in Zijn gewilligheid als Borg, dan wordt het geloof door de liefde werkende. Dan triomfeert dat nieuwe leven over het oude. Wat gaat er dan een kracht uit van Zijn Woord, wat verkwikken dan Zijn beloften.
Als Christus Zich openbaart door Woord en Geest wordt dat onwillige hart gewillig, dat stugge hart zacht, en is er een volgen van het Lam overal waar het heengaat. Daarom is het altijd maar weer uitzien naar die Koning. Als Hij er is wordt de wereld losgelaten, worden zondebanden verbroken, leer ik mezelf verloochenen en mijn Heiland belijden. Dan behoeven we niet gedwongen te worden om te strijden tegen de duivel, de wereld en ons eigen vlees. Je doet het graag en gewillig. Zowel in het persoonlijke als in het publieke leven.
Voor U wil ik lijden, voor U wil ik strijden. „Gij zult mijn getuigen zijn . . .", zo klonk het tot discipelen. In Gethsémané bleek wat er van dat leger te verwachten is als het op zichzelf vertrouwt: het vlucht. Deserteurs zijn het. Petrus verloochent zijn Meester. Maar zie eens naar Pinksteren, als de Verheerlijkte Paasvorst door Zijn Geest tot hen komt: wat zijn ze dan tot Zijn lof en dienst bereid! Aangedaan met kracht uit de hoogte. Toen de Koning kwam door Zijn Geest. Wat een gewillig leger. Geen huurtroepen, die de aanvoerder volgen om loon. Een vrijwilligersleger. Niet er op uit om te verdienen, maar om te dienen. De Koning dienen en Zijn taak, opdat Zijn Koninkrijk kome.
Dienen we Hem met lust en liefde? Ook nu het winterseizoen in het kerkelijke leven weer begonnen is? Hij is het zo waard. Niet gedwongen naar de kerk, op huisbezoek, naar catechisatie, en vereniging, maar zeer gewillig. Graag komen, onderwijs ontvangen, geoefend worden tot de strijd. Met blijdschap. Dient de Heere met blijdschap!
„Uw volk zal zeer gewillig zijn". „Uw" volk. Het is Zijn volk. Behoort u daarbij? Is het de keus van uw en jouw hart al geworden: „Uw volk is mijn volk . . ."?
Nog komt Hij tot ons door Zijn Geest en Woord. Ook nu roept de Koning tot de strijd. Jong en oud. Strijdt de goede strijd des geloofs. Doet aan de gehele wapenrusting Gods. De zaak van de Koning is het eeuwig waard. Je draagt wellicht Zijn merk- en veldteken, maar is je hart al aan Hem verbonden? Als Zijn eer ons op het hart gebonden is bidden we: „Uw wil geschiede". Dat is: „Geef, dat wij en alle mensen onze eigen wil verzaken, en Uw wil, die alleen goed is, zonder enig tegenspreken gehoorzaam zijn" (HC 49). Gelukkig, de strijd tegen vlees en bloed, tegen de geestelijke boosheden behoeven we niet te strijden in eigen kracht. Vorst Immanuël, geducht in macht, beloofde het: „En zie, Ik ben met u".
De wereldmacht, de macht der duisternis, gaat onder. Christus wint het. De overste der wereld wordt onder Zijn voeten gezet en de laatste vijand die teniet gedaan wordt is de dood.

Christus heerst nog temidden van Zijn vijanden. We verkeren nog in het strijdperk van dit leven. Overal strijd. Tot in de kerk toe. Er zijn zoveel onwilligen. Sommigen onttrekken zich. Christus wil u gewillig zien, altijd en overal. O, zoek - voor het te laat is - dat gewillig buigen van die gewillige Zaligmaker te leren. De Priester-Koning wil opstandigen nog inlijven in Zijn leger.
U klaagt over uw lusteloosheid, onwilligheid om die Koning te dienen? Wat een troost, dat Hij is opgevaren „opdat zelfs 't wederhorig kroost altijd bij Hem zou wonen". Smeek Hem maar: „Leer mij naar Uw wil te hand'len". Hij hoort hen, die Zijn heil verwachten. Dan wordt het: „Mijn hart, o Hemelmajesteit, is tot Uw dienst en lof bereid". Een goede dienst toegewenst!

R. Kok, Damwoude

Dit artikel werd u aangeboden door: De Wekker

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 13 september 1991

De Wekker | 8 Pagina's

Zeer gewillig

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 13 september 1991

De Wekker | 8 Pagina's

PDF Bekijken