Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Gods zegen in de woestijn

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Gods zegen in de woestijn

4 minuten leestijd

Zie, Ik zal daar vóór u op de rots bij Horeb staan. Exodus 17:6

Als u er eens bij geweest was, daar bij het volk Israël, onderweg van Egypte naar het beloofde land, hoe zou u dan gereageerd hebben? U moet denken, het was nog maar een week of vijf geleden, dat ze uit Egypte waren getrokken. Met een sterke hand en uitgestrekte arm heeft de HERE zijn volk bevrijd. En in die eerste paar weken is er al zo veel gebeurd.
Denk u maar in: eerst die machtige uittocht in die grote nacht der nachten, verschrikking voor wie God verachtten, maar God hield Israël in stand. Toen de redding in de doortocht door de Schelfzee, teken van behoud èn ondergang. En daarna in snel tempo de ervaring van het bittere water van Mara dat zoet werd, de oase van Elim en de gave van het brood uit de hemel, het manna. Dit heeft zich allemaal afgespeeld in de eerste paar weken en het was nog vóór de wetgeving op Sinaï. Redding uit doodsgevaar, de bitterheid van een moeilijk woestijnleven, de verlichting bij de bronnen en de palmbomen, en het levensonderhoud onderweg. Allemaal dingen, waarmee de HERE zijn volk had willen leren, dat de woestijn betekent: een pelgrimstocht, een onderweg zijn naar het beloofde land, een afhankelijk leven, maar door zijn goedheid niets te kort komen.
Moeilijke dingen. Gezegende dingen. Goddelijk onderwijs.
En nu: gebrek aan water.

Ja, hoe zou ik gereageerd hebben? Een mogelijkheid: Let toch op Gods beloften en op zijn wonderen. Wat heeft Hij al gegeven. Zal Hij zijn woord niet houden? Gaat Hij niet voorop in de wolkkolom? Verlicht Hij niet de nacht tegen gevaren? Zal Hij ons niet veilig leiden?
Andere mogelijkheid: Het moet maar heet en droog zijn, en je tong moet maar aan je gehemelte kleven. Je kinderen moeten maar om water vragen. Dorst is ongeveer het ergste wat een mens kan hebben. Wij weten niet wat dorst is. In de woestijn en in Afrika weten ze het wel. En de regel is zo: Als je eenmaal midden in de nood zit, helpen de herinneringen van vroeger niet. Alles smelt weg in de hitte. Zegeningen van vroeger kunnen mij vandaag niet meer helpen. Waar is God en waar zijn zijn beloften?
Zeg niet te spoedig, dat u wel positief zou gereageerd hebben.

U weet, dat Mozes die plaats Massa en Meriba heeft genoemd. Dat gebeurde ook die andere keer, toen Mozes tegen Gods bevel in op de rots had geslagen. Massa: verzoeking. Meriba: twist. Hoe kan een volk tegen zijn God opstaan!

Maar het is nog maar aan het begin. Er moet nog zo veel geleerd worden. De HERE is heel geduldig met zijn bruidsvolk. De huisregels zullen pas bij de wetgeving afgekondigd worden. De HERE is in liefde heel dicht bij zijn volk, dat meer let op de aanwezige nood dan op de gegeven beloften.

Daarom komt dat bijzondere woord: Ik zal daar vóór u, voor uw aangezicht op de rots bij Horeb staan. Voordat er water uit de rots vloeien zal, is de HERE al aanwezig.
Ik zal er zijn. Die belofte is van het begin afgegeven. Zo is ook zijn Naam. Zo is zijn kracht, zo is zijn werk, zo is zijn trouw.
Hij zou er zijn. Ook enigen van de oudsten van het volk mochten mee. Ze hebben God niet zien staan. Maar Hij was er wel.

De eigenlijke zegen is niet eens, dat er water uit de rots kwam. De eigenlijke zegen is, dat de HERE er is. Dat bijzondere, dat Hij Zich niet in toorn afkeert. Later wordt dat anders. Als er veel meer geleerd en gegeven is, mag er ook meer verwacht worden. Aan wie veel gegeven is, van die zal des te meer worden gevraagd.

We weten wel, dat de tocht naar Kanaän dikwijls vergeleken is met de pelgrimstocht naar het grote beloofde land, de stad met fundamenten, waarvan God de Ontwerper en Bouwmeester is. Het Nieuwe Testament gaat ons daarin voor. Zouden we dat vandaag vergeten? Zo velen proberen om van de woestijn al het paradijs te maken. Als er geen beloofd land wenkt, heb je ook niet anders. Maar door de Geest van God leren we, in de woestijn afhankelijk en vertrouwend te leven. Ik zal er zijn, met mijn vriendelijke ogen naar u toe gericht. Op die onmogelijke plek, die harde rots. De Here Jezus zei: Zie, Ik ben met u, al de dagen, tot aan de voleinding der wereld.
We hebben een wonderlijk goede God.

K. Boersma

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 17 september 1993

De Wekker | 16 Pagina's

Gods zegen in de woestijn

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 17 september 1993

De Wekker | 16 Pagina's

PDF Bekijken