Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Van Ingroei-kerk naar Keuze-kerk

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Van Ingroei-kerk naar Keuze-kerk

5 minuten leestijd

Op 1 maart 1997 vond in Utrecht het CGJO-symposium „Jeugdbeleid in de gemeente" plaats. Een symposium dat bedoeld was voor predikanten, jeugdouderlingen, catecheten en anderen die zich inzetten voor het jeugd- en jongerenwerk binnen de kerk. Over belangstelling was niet te klagen, het symposium kende een goede opkomst. Er kan worden teruggekeken op een positieve dag.

Wie de toekomst heeft, heeft de jeugd
De eerste inleiding werd verzorgd door prof. dr. W. ter Horst, oud-hoogleraar orthopedagogiek. Hij schetste in hoofdlijnen een beeld m.b.t. jeugd en kerk. Eén van zijn stellingen was: „De wereld is de laatste 50 jaar sterk veranderd". Een kernpunt daarvan is de veranderde betekenis en leefwereld van de jeugd. Met betrekking tot de betekenis van de jeugd geldt, dat de jeugd zichzelf voornamelijk beleeft als individu. Jeugd ziet zich zelf niet meer als automatisch deel van een groter geheel,
aansluiting bij een geheel vindt plaats omdat men dat zelf wil. Voor de kerk betekent dit bijvoorbeeld dat het niet meer vanzelfsprekend is dat je Christelijk
Gereformeerd bent omdat je familie Christelijk Gereformeerd is. Men kiest nu zelf of men lid wil blijven bij de Christelijke Gereformeerde kerk. De kerk is dus niet meer een kwestie van ingroeien maar van kiezen.
Ten tweede signaleert Ter Horst dat de tijd dat iets geloofwaardig gevonden wordt, uitsluitend omdat een hoger geplaatste dat zo zegt, voorbij is. Het zgn. „piramidale gezag" is definitief voorbij. Daarvoor is een ander gezag in de plaats gekomen, „het verworven gezag", dat zich kenmerkt door charisma, daden en uitstraling.
Ten aanzien van de leefwereld van jongeren merkt Ter Horst op, dat de samenleving post-christelijk is. Dit is een stap verder dan anti-christelijk. Het christendom
wordt in de samenleving steeds meer een onbetekenende zaak. Dit houdt o.m. in dat aan de samenleving gerelateerde opvoedings- of vormingsinstituten (bijv. scholen) steeds minder bezig zijn met geloofszaken. Was geloofsopvoeding vroeger een taak van ouders, school en kerk, tegenwoordig ligt de nadruk rond geloofsopvoeding bij ouders en kerk. Naast de ouders zal de christelijke gemeente er dan ook steeds meer moeten zijn voor de jeugd. Een jeugdvriendelijke
gemeente is een gemeente waarbij de jeugd niet de keus heeft tussen aanpassen of uitgestoten worden, omdat jeugd in zo'n gemeente de beleving heeft dat ze er zonder meer bijhoort zoals ze is. En de kerk heeft jongeren ook heel wat te bieden. Het evangelie is een schatkamer vol toekomstschatten, die voor iedereen bedoeld zijn. En tegenwoordig geldt de zinsnede: „Wie de toekomst heeft, krijgt de jeugd".

Heel de gemeente
De heer Van Dijken, coördinator van de stichting Koers voor ouders, werkte de lijn van Ter Horst verder uit. Hoewel opvoeding - en dus ook geloofsopvoeding - primair de verantwoordelijkheid is van de ouders, heeft de hele gemeente daar ook haar taak in. Jeugdbeleid moet dan ook niet een gondel zijn waarin één persoon ongelofelijk zijn best doet om de boel draaiende te houden, terwijl de overige passagiers zich laten vervoeren, maar een roeiboot waar we als gemeenteleden allemaal een roeispaan hebben en in mee roeien. De voorganger, predikant kan hierbij dan de pas, en de koers aangeven. De heer Van Dijken werkte dit concreet uit door aan te geven dat wij niet individueel of in geïsoleerde kleine groepjes zoals ouders, jeugdwerkers of kerkenraad met jongeren om moeten gaan. We moeten vooral de interactie met elkaar zoeken; in gesprek gaan met elkaar als jongeren, jeugdouderlingen, kerkenraden, ouders en jongerenwerkers etc, maar ook met mensen die buiten deze groepen vallen. Dan kan samen gewerkt worden aan een opbouwend jeugdbeleid: een roeiboot waarin iedereen mee roeit.

Kijkshops
Na de lezingen kon men zelf aan het werk. De Christelijke Gereformeerde kerken van Groningen, Dordrecht-Zuid en Middelburg verzorgden elk een kijkshop. In deze shops werden diverse modellen jongerenwerk gepresenteerd. „Jongeren voor Jongeren", „Jeugdconsulent" en „het wijkmodel" waren vormen waar de bovengenoemde gemeenten ervaringen mee hadden. Aan de hand van de door hen aangeboden praktische informatie konden de deelnemers kennis maken met de mogelijkheden en de valkuilen van elk van deze modellen.

Workshops
Er was keus uit drie workshops: men kon zich verdiepen in de praktijk van de geloofsopvoeding, er was mogelijkheid om bezig te gaan met bezinning op jeugdbeleid, waarbij men stilstond bij de vragen die vooraf gaan aan het opstarten van een jeugdraad, of men kon de workshop „jeugdbeleid handen uit de mouwen" volgen waarbij aandacht werd besteed aan ins en outs van een jeugdcommissie.

Ronde tafelgesprek
Het middagprogramma begon met een ronde tafelgesprek o.l.v. de dagvoorzitter ds. A. Broersma. De workshopleiders en de sprekers van het ochtendprogramma
gingen in op schriftelijke vragen uit de zaal. Enkele opmerkingen daarbij waren dat we - ondanks het grote belang van beleidsmatig handelen in de gemeente - niet onze hoop moeten vestigen op allerlei mooie structuren en systemen, waarvan er op dit symposium enkele de revue gepasseerd hebben, maar dat deze systemen
altijd ingebed moeten zijn in de liefde van Jezus Christus. Een andere constatering die hier naadloos op aansloot was de opmerking dat de relatie met jongeren als hèt belangrijke middel voor overdracht gezien moet worden. Binnen deze relatie moet iets aangeboden worden waaruit de jeugd de liefde van God kan proeven. Dit kwam ook terug in de bemoediging door ds. A. v.d. Maarl n.a.v. 1 Petrus 2:1-10. God wil een relatie met ons, en God vraagt van ons vanuit die relatie met Hem een relatie met onze jongeren aan te gaan. We mogen verwachten dat Hij niet enkel doel is, maar ook bron wil zijn.
Tot slot werd aan het eind van de dag een „dagreader" uitgereikt, waarin alle informatie nog eens na te lezen is.
Deze dagreader is tegen geringe vergoeding (ƒ 10.-) na te bestellen bij de CGJO, Robijnstraat 10, 7314 JC Apeldoorn. Tel./fax: 055-355 62 57.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 25 april 1997

De Wekker | 16 Pagina's

Van Ingroei-kerk naar Keuze-kerk

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 25 april 1997

De Wekker | 16 Pagina's

PDF Bekijken