Bekijk het origineel

Geloofsbeleving

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Geloofsbeleving

5 minuten leestijd

In deze tijd wordt meer dan eens gesproken over de beleving van het geloof. Op zichzelf is dat goed. Als het maar niet blijft bij het spreken erover, want dan kun je nog tekort doen en tekort komen aan deze geloofsbeleving. Deze dingen laten zich in wezen meer beleven dan bespreken. Toch zijn er een aantal kenmerken te noemen, die wezenlijk zijn voor het leven door het geloof en het leven in het geloof.

Hartelijk vertrouwen
In het Oude Testament treffen we niet zo vaak het woord geloof en het werkwoord geloven aan als in het Nieuwe Testament. Toch gaat het ook in de oudtestamentische bedeling om het echte geloof dat meer dan eens vertrouwen wordt genoemd. Geloof in God houdt in: vertrouwen op God. Een hele mooie omschrijving vinden we in één van de psalmen: 'k zal op U mijn vast vertrouwen altijd bouwen! Zo spreken de psalmen voortdurend over de beleving van het geloof. Tegenover de onzekerheid, waardoor we heen en weer geslingerd worden, is het zo heerlijk om te komen tot het vertrouwen op de HEERE. Hij is het zo waard om op Hem te vertrouwen. En dat is ook het typerende van het gelovig leven dat je zomaar vertrouwt op God. Met heel je hart. Dit vertrouwen sluit de twijfel buiten. De duivel wil je steeds doen twijfelen aan wat de HEERE heeft gezegd en vooral aan wie Hij is. Maar de Heilige Geest werkt in ons hart dan een vast en zeker vertrouwen: dit weet ik vast. God zal mij nooit begeven, niets maakt mijn ziel vervaard. Zo zingen we het dan met Psalm 56 en met al die andere psalmen die zo sterk spreken van dit vertrouwen, dat God geeft en dat de gelovige beoefent. Soms voel je dit vertrouwen niet en kun je jaloers zijn op mensen, die wel uit het vertrouwen kunnen leven. Vooral wanneer je te strijden hebt tegen je ongeloof en bij tijden twijfelziek bent, zou je zo graag meer vastheid kennen. Vanuit het missen van dit vertrouwen ga je er om vragen. Je zoekt de HEERE en je zoekt het bij de HEERE. En het merkwaardige is dat zo het vertrouwen op Hem en op Zijn Woord gaat groeien. Er komt in je hart een vast vertrouwen op Hem en op Zijn beloften.

Vrede in je geweten
Heerlijk is het wanneer anderen spreken over de vrede met God en bij God, die alle verstand te boven gaat. Het is ronduit een zegen wanneer je mensen ontmoet, die beleven wat er in Romeinen 5:1 staat: wij dan gerechtvaardigd door het geloof, hebben vrede bij God. Deze vrede gaat een gelovige zoeken én ervaren.
Juist als je innerlijk verscheurd wordt en je geweten je aanklaagt dat je tegen al Gods geboden gezondigd hebt en geen ervan gehouden hebt en nog steeds tot alle boosheid geneigd bent (om het met de woorden van zondag 23 van de Catechismus te zeggen), mis je zo de vrede. Er is dan geen harmonie in je ziel, geen eenheid in je geweten. Je bent onrustig en kunt het nergens vinden. Hoe ontvang je dan deze vrede? Je gaat met je onrust tot God en verstaat wat Augustinus vroeger al uitsprak als volstrekte waarheid: ons hart is onrustig, totdat het rust vindt in U, o God. Vandaar dat je deze vrede zoekt bij Hem. Je wordt, door het geloof, naar de Heere toegetrokken en dat verlost je van de onrust in je geweten. Er komt vrede, een vrede, die in zondag 23 als volgt wordt omschreven: Alsof ik zelf voor al mijn zonden volkomen betaald heb. Zó ziet God je in Christus aan, zonder zonde. En als er één ding is dat echte vrede geeft, dan is het dàt wel.

Kinderlijk gehoorzaam
Omdat je in jezelf ontdekt dat je ongehoorzaam bent en je doet wat God niet wil, leer je, door het geloof, luisteren naar Hem en daarom naar Zijn geboden. Je wilt dan zo graag doen wat Hij zegt, bidt daarom en zoekt het te betrachten.
Je doet dit dan niet slaafs, uit angst voor God. Bang om gestraft te worden als je zondigt, bang om verloren te gaan. Nee, doordat je de HEERE leert kennen, komt er iets van liefde tot God en tot Zijn gebod, "'k Zal Uw geboon, die ik oprecht bemin, mijn hoogst vermaak, mijn zielsgenoegen achten", zo zing je dan met Psalm 119. In Psalm 25 wordt dit kinderlijke vreze des HEEREN genoemd. En zo is het ook. Je kent iets van kinderlijke aanhankelijkheid en van kinderlijke afhankelijkheid en dat doet je dicht bij de HEERE leven. Dit brengt mee dat je het ernstig neemt. Je zou zo graag geheel naar Gods wil leven, ook al lukt je dat zo slecht, zodat je met Paulus moet belijden: als ik het goede wil doen, ligt het kwade zo dichtbij. Maar diep in je hart weet je het dat het houden van Gods geboden zo goed is. Omdat de HEERE het zo wil, wil je het zelf ook. Vanuit een hartelijke liefde tot Hem, heb je Zijn gebod lief en wil je er helemaal naar leven. Je hebt er last van als het niet zo 'lukt' en je hebt er verdriet over dat je zo vaak in zonde valt. Je zou wel altijd geheel naar Gods wil willen leven. Je bidt daarom: leer mij naar Uw wil te hand'len, 'k zal dan in Uw waarheid wand'len. En je stemt van harte in met het vervolg: neig mijn hart en voeg het saam tot de vrees van Uwe Naam.
Zo is je geloofsbeleving.

J. Van Amstel

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 26 november 1999

De Wekker | 16 Pagina's

Geloofsbeleving

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 26 november 1999

De Wekker | 16 Pagina's

PDF Bekijken