Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Een koninkrijk van priesters - dat mag en kan!

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Een koninkrijk van priesters - dat mag en kan!

4 minuten leestijd

...gij zult Mij een koninkrijk van priesters zijn... (Exodus 19: 6)

Dat mag en kan voor Israël...
We zijn geneigd om dit als een opdracht te lezen: je móet een koninkrijk van priesters wezen. Maar dat is te eenzijdig. Want ontroerend mooi is de context, waarin de HERE (!) dit plaatst:

– Israël, Ik heb jullie op een bijzondere manier uit de wurggreep van de Egyptenaren bevrijd; ja, Ik heb voor jullie zorg gedragen, beschermend, als op arendsvleugels gedragen, en jullie tot Mij gebracht! En wereldwijd, temidden van alle volkeren, zullen jullie mijn eigendom zijn... Deze “woorden” laat de HERE aan Israël zeggen. Zó mag de relatie/positie zijn, gegeven binnen het kader van Zijn verbond. En de opdracht is: Luister aandachtig naar Mij en wees zuinig op die verbondsrelatie. Want zó kan en mag Israël, midden tussen de volken, een koninkrijk van priesters zijn

. – D.w.z. een koninkrijk: leiding geven, “regeren” met bevoegdheid en macht. Maar... met de inzet van priesters: van offerbereidheid, het doen van voorbede en het tot zegen zijn. Daarop heeft Israël gereageerd: en het gehele volk antwoordde eenparig: Alles wat de HERE gezegd heeft zullen we doen! (Ex. 19: 8).

– En het resultaat? De eerste generatie stierf in de woestijn. En de volgende generatie sprak met overtuiging: ook wij zullen de HERE dienen... Maar Jozua zei: “ge zult niet in staat zijn de HERE te dienen, want Hij is een heilig God! Ge zijt getuigen tegen uzelf... (Jozua 24: 16vv).
Een tijdje ging het goed, vs. 31. En toen kwam de afval: Het niet meer aandachtig luisteren naar de HERE... En de generatie van vandaag, in haar positie temidden van de volken en het conflict met de Palestijnen? Een Koninkrijk van Priesters? Is dat een te grote sprong van Ex. 19 naar vandaag?

– Romeinen 11 is niet makkelijk, maar opent wet perspectief rondom Ex. 19. Van de kant van de HERE...

Dat mag en kan voor de Gemeente...
Petrus schrijft erover in zijn eerste brief aan “de vreemdelingen, die in de verstrooiing zijn” (1 Petrus 1: 1). Inderdaad, de gemeente Gods van het N.T., de gemeente van de Here Jezus Christus, is vreemdeling temidden van de volken. Maar wel een door God “uitverkoren geslacht, een koninklijk priesterschap, een heilige natie, een volk God tot eigendom” (1 Petrus 2: 9). Dat mág de gemeente zijn en dat kán zij zijn, omdat ze uit de duisternis geroepen is tot Gods wonderbaar licht. Eens niet zijn volk, zonder ontferming... Nu Gods volk, in ontferming aangenomen (vs. 9, 10). En van daaruit mag ze dat koninklijk priesterschap beleven! En geldt dan voor deze gemeente dezelfde waarschuwing van Jozua: dat zul je niet kunnen? Ja, als het gaat om menselijke maakbaarheid. Nee, als het gaat om “wat zij in Christus Jezus – gelovend – mag hebben”.

– Want zij mag komen tot Jezus Christus als “een levende steen”, bij God uitverkoren en kostbaar (respecteer dat!), om zich door Hem ook als levende stenen te laten gebruiken voor de bouw van een geestelijk huis. En daarbij hoort het vormen van een koninklijk priesterschap. Zo kan het en zo mag het. En vandaaruit is het ook opdracht... De beslissende vraag is dus: hoe kostbaar is deze Levende Steen voor ons. Is Hij de Hoeksteen, die alles draagt? Want, pas op, Hij kan ook een steen van aanstoot zijn... Omdat je Hem op een vrome manier negeert...; verwerpt bij de geestelijke bouw van de gemeente...

– Nog een getuigenis. Van Johannes, heel indringend, Openb. 1: 5, 6: Die Jezus Christus, die ons liefheeft en ons uit de wurggreep van onze zonden verlost heeft, Hij heeft ons tot een koninkrijk, tot priesters voor Zijn God en Vader gemaakt. Hij dus... Niemand anders!
Om nog even het beeld van de adelaar uit Ex. 19 vast te houden: Hij draagt Zijn gemeente op adelaarsvleugels naar Zich toe. We zijn zijn eigendom, die ons ‘s zondags groet met genade en vrede, als de getrouwe getuige, de eerstgeborene der doden en de overste van de koningen der aarde. Wat willen we nog meer...

– En wat Israël betreft: ook voor dat volk mogen we een koninkrijk van priesters zijn! En dat geldt ook voor de Palestijnen. Denk maar eens aan “Jemima”...

J.H. Carlier
(ds. J.H. Carlier is emerituspredikant en woont te Hilversum)

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 25 augustus 2006

De Wekker | 16 Pagina's

Een koninkrijk van priesters - dat mag en kan!

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 25 augustus 2006

De Wekker | 16 Pagina's

PDF Bekijken