Bekijk het origineel

Klachtencommissie inzake misbruik pastorale en andere kerkelijke gezagsrelaties

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Klachtencommissie inzake misbruik pastorale en andere kerkelijke gezagsrelaties

4 minuten leestijd

Helaas is het nodig gebleken dat er ook in onze kerken een onafhankelijke klachtencommissie functioneert. Ook in onze kerken komt misbruik voor. Veelal is een kerkenraad door zijn betrokkenheid niet in staat een klacht op het gebied van misbruik inzake pastorale en kerkelijke gezagsrelaties met voldoende afstand te behandelen. Om recht te doen zowel aan een klager/klaagster als aan de aangeklaagde heeft de Generale Synode van 2001 daarom een klachtencommissie ingesteld, die momenteel acht leden telt.

Het werk van de klachtencommissie bestaat uit het behandelen van bij haar binnengekomen klachten.
Een klacht moet vallen onder de omschrijving van misbruik van gezag zoals geformuleerd in de klachtenprocedure. Samengevat houdt dit in dat een kerkelijk medewerker zijn of haar gezag zo verkeerd aanwendt dat vertrouwen wordt geschonden en de persoonlijke integriteit daardoor wordt aangetast. Het kan zowel seksueel getinte uitingen betreffen als ook ander intimiderend gedrag.
Onder kerkelijk medewerker wordt verstaan iemand die binnen een Christelijke Gereformeerde kerk in een bepaalde functie is aangesteld en die in of vanwege de kerk werkzaam is. Dit kan een predikant zijn, maar ook een ouderling of diaken, een jeugdwerker of een organist.

Klager
Een klacht kan rechtstreeks van een klager komen of door een kerkenraad zijn doorgestuurd.
De commissie stelt zich afwachtend op en komt pas in actie wanneer iemand, direct of indirect, een klacht bij haar neerlegt. Dit moet schriftelijk gebeuren.
De klager dient lid te zijn, of geweest te zijn, van een Christelijke Gereformeerde kerk. Dit kan zowel een belijdend lid, als een dooplid, of een meelevend lid zijn. In bepaalde gevallen kan ook iemand klagen die geen lid is (geweest).
Iemand kan alleen voor zichzelf klagen. Uitzondering hierop doet zich onder meer voor indien het een minderjarige betreft, voor wie ook de wettelijk vertegenwoordiger kan optreden.

Werkwijze
Indien een klacht is binnengekomen wordt eerst bekeken of de klacht formeel juist is ingediend, of degene die de klacht indient bevoegd is te klagen en of datgene waarover geklaagd wordt valt onder de omschrijving van misbruik van gezag zoals in de klachtenprocedure omschreven.
Is het een of het ander niet het geval dan wordt de klager niet ontvankelijk verklaard en wordt de klacht niet verder behandeld. De klager kan deze beslissing dan nog voorleggen aan de beroepscommissie (zie het artikel in De Wekker van 1 december jl.).
Indien de commissie van mening is dat de klacht wel ontvankelijk is dan wordt besloten welke leden deel zullen nemen aan het persoonlijk horen van betrokkenen (klager en aangeklaagde) ter zitting. In beginsel zijn dit de (plv.) voorzitter, de (plv.) secretaris en een derde lid.
Klager en aangeklaagde ontvangen de door de ander overgelegde stukken en worden geïnformeerd over de werkwijze van de commissie en de mogelijkheid een vertrouwenspersoon in te schakelen (zie het artikel in De Wekker van 1 september jl.).
Ze ontvangen vervolgens een uitnodiging om ter zitting gehoord te worden. Dit gebeurt in eerste instantie na elkaar en vervolgens indien nodig en mogelijk ook in de aanwezigheid van elkaar.
Van de zitting wordt een schriftelijk verslag gemaakt, bestemd voor partijen en de commissie.

Klager moet zelf bewijs leveren voor het door hem aangevoerde grensoverschrijdend gedrag door aangeklaagde. Dit kan ook door middel van getuigen.
Aangeklaagde zal indien klager meer informatie aandraagt dan alleen het eigen verhaal niet kunnen volstaan met een ontkenning, maar aannemelijk moeten maken, dat hij ten onrechte beschuldigd wordt. Ook het zonder meer niet verschijnen betekent in dat geval niet dat de klacht daarom niet gegrond verklaard zou kunnen worden.

Een impasse doet zich voor indien er alleen een aanklacht van klager is en een ontkenning van aangeklaagde. De klacht zal dan ongegrond verklaard moeten worden hoewel het mogelijk is dat klager terecht klaagt.

Uitspraak
Op grond van de overgelegde stukken en het verslag van de zitting doet de commissie zo spoedig mogelijk doch uiterlijk zes weken na de laatste hoorzitting uitspraak over de gegrondheid van de klacht. Gezien de gevoeligheid van de materie voor alle betrokkenen moet een zorgvuldige afweging gemaakt worden bij het nemen en het formuleren van het besluit en in geval van gegrond verklaring ook van het advies aan de kerkenraad. Een advies dient zoveel mogelijk aan te sluiten bij de kerkorde.
Een advies aan de kerkenraad is niet vrijblijvend en de beslissing van de kerkenraad is aan een termijn gebonden (vier weken).
Het komt voor dat een kerkenraad alvorens tot een beslissing te komen, in een gesprek met de commissie, toelichting wil hebben op het door de commissie uitgebrachte advies. Ook dit behoort tot de taak van de commissie

(zr. A.P. Versteeg is plv. secretaris van de klachtencommissie)

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 19 januari 2007

De Wekker | 16 Pagina's

Klachtencommissie inzake misbruik pastorale en andere kerkelijke gezagsrelaties

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 19 januari 2007

De Wekker | 16 Pagina's

PDF Bekijken