Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

‘De roeping blijft’

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

‘De roeping blijft’

Ds. H. de Graaf en ds. A. van de Weerd over hun emeritaat

7 minuten leestijd

Jarenlang leefden ze een echt predikantenleven: druk, zeven dagen per week aan het werk en met zware verantwoordelijkheden. Zo’n anderhalf jaar geleden gingen ds. H. de Graaf en ds. A. van de Weerd met emeritaat, een stap die hun leven in verschillende opzichten veranderde. Welke impact heeft dit op hen gehad en hoe vullen zij hun dagen als emerituspredikant?

Zo’n veertig jaar geleden pakte student Van de Weerd op een doordeweekse avond regelmatig zijn scooter uit de schuur om samen met student De Graaf naar Oene te toeren, voor een dienst onder leiding van dominee Doornenbal. Of naar Uddel, voor een preek van dominee Rijkshoorn. Inmiddels zijn beide mannen zelf ervaren predikers en is hun studententijd iets om bij de koffie herinneringen over op te halen. Want de studenten van toen zijn inmiddels emerituspredikant.

Gesetteld
Ds. De Graaf heeft nadat hij zijn studie afrondde in vijf verschillende gemeenten gestaan. Na jaren van trouwe dienst besloot hij in 2008 emeritaat aan te vragen wegens ernstige ziekte van zijn vrouw. Per 1 oktober van dat jaar is de predikant dan ook met emeritaat gegaan en samen met zijn vrouw van Opperdoes naar Urk verhuisd. In de gemeente van Urk-Ichthus is hij sindsdien werkzaam in het bijstandspastoraat.
Ds. Van de Weerd nam op 2 januari 2009 afscheid van zijn gemeente in Nieuwkoop, na een ambtsperiode van veertig jaar. De predikant vroeg zijn emeritaat aan vanwege gezondheidsproblemen en is na het afscheid van Nieuwkoop samen met zijn vrouw naar Tollebeek verhuisd. Beide predikanten zijn inmiddels gesetteld in hun nieuwe omgeving en gewend aan hun nieuwe levensritme. Maar hoe is dat, tijdens de eerste dagen als het emeritaat is ingegaan?

Ds. Van de Weerd (AvdW): “Voor mij ging het leven op 2 januari gewoon verder zoals het was. Nieuwkoop is een kleine gemeente, ik heb er de eerste tijd nog wel eens gepreekt en pastoraal werk gedaan. We hebben wel gezegd dat we gingen verhuizen; toen we een huis hadden gekocht in Tollebeek is daar ook alle aandacht naartoe gegaan. De eerste tijd van het emeritaatschap stond dus vooral in het teken van de verhuizing.”

Ds. De Graaf (HdG): “Ik heb er zelf eigenlijk nog niet bij stil kunnen staan wat emeritaat precies is. Mijn vrouw vraagt me wel eens wie er nu eigenlijk met emeritaat is gegaan. ‘Jij’, zeg ik dan. Aanvankelijk waren we van plan om in Zeeland te gaan wonen, in de duinen van Renesse, maar doordat ik gevraagd werd door Urk-Ichthus om mee te helpen in het bijstandspastoraat is het toch heel anders gelopen. Ik doe echter graag wat, we hebben het ‘beroep’ naar Urk daarom ook met vreugde aangenomen. Het aparte is dat ik het momenteel eigenlijk drukker heb dan toen ik nog niet met emeritaat was. Ik preek elke zondag, besteed tijd aan de voorbereidingen daarvoor en heb veel werk te doen als pastoraal werker.”

AvdW: “Voor mij ligt dat iets anders. Nu we helemaal gesetteld zijn, voel je wel dat het een stuk stiller geworden is. Ik heb bijna geen verplichtingen meer, alleen het preken op zondag is overgebleven. Verder doe ik nog wat werk voor een dagboekje en schrijf ik af en toe nog wat voor het Pastoraal Gezinsblad of de Gezinsgids. Nu het zomer is en alles wat ik moest doen gebeurd is, merk ik dat het vrij rustig is.
Ik ben gelukkig weer helemaal gezond, nadat ik een levensbedreigende operatie heb gehad. Ik kan en mag weer heel wat doen, dingen die eerst niet meer gingen. Verder vind ik het leuk om wat in de tuin bezig te zijn en hebben we wat meer gelegenheid om naar de kinderen en kleinkinderen te gaan. En als je ’s morgens wakker wordt en geen zin hebt om iets te ondernemen, kun je rustig thuisblijven. Het rijke is dat ik ’s zondags nog mag preken, dat ik mijn hoofdtaak mag voortzetten. Het is een voorrecht om elke zondag nog een hele gemeente voor je te hebben.”

Verwachtingen
Twee emeriti, twee heel verschillende levens. Maar is dit ook wat de predikanten ervan verwacht hadden?
HdG: “Hoewel ik het dus nog steeds druk heb, zijn er wel zekere spanningen weg. Ik hoef de kerkenraadsvergadering niet meer voor te bereiden en te leiden, dat geeft een bepaalde rust, de druk is eraf. Bovendien ben je niet meer volledig verantwoordelijk voor alles wat er in de gemeente gebeurt. Al heb ik als ik nu bezig ben natuurlijk ook verantwoordelijkheid tijdens kraamvisites, rouwbezoek, ziekenbezoek, verjaardagen en catechisaties.”
AvdW: “Voor mij is dat anders, ik doe al die bezoeken niet meer. Graag had ik op dezelfde voet voort willen gaan zoals ik in Nieuwkoop werkte: met een kleine gemeente en behoorlijk rustig. Dat zou je bij wijze van spreken nog jaren kunnen doen. Maar doordat mijn gehoor achteruit ging, werd het allemaal wat moeilijker. Dat was iets wat ik moest accepteren. Het pastoraal werk mis ik echter wel eens, het is prachtig dat ik dat zo kon doen.”

Geeft het emeritaat rust?
AvdW: “Ja. Het is goed voor mezelf en voor mijn gehoor ook. Vroeger had ik wel last van Ménière-aanvallen, maar dat is al tijden over. In de pastorie heerst toch altijd een bepaalde stress, dag en nacht heb je een gemeente. Het geeft rust dat dit nu over is.”
HdG: “Als je emeritaat krijgt, verwonder je je dat je die periode zonder uiterlijke kleerscheuren mocht afmaken en niet afgezet bent. Het is wel zo dat je nu ineens met je leeftijd geconfronteerd wordt en met de kortstondigheid van het leven. Mensen vragen wel eens of ik geen predikant bij hen zou kunnen worden. Maar nee, dat gaat echt niet meer.”

AvdW: “Dat voel je heel sterk ja, dat je wat dat betreft nu ook echt aan de zijlijn staat. Je leven is een periode van een aantal jaar in bepaalde gemeentes, dat kun je in hokjes indelen. Nu zit je in de laatste fase, krijg je geen nieuwe gemeente meer en hoop je maar dat deze fase nog lang mag duren. Maar de roeping blijft, zo ervaar ik dat wel.”
HdG: “Daar kan ik van harte mee instemmen. Ik neem nu meer tijd voor mijn bezoeken, er zit minder drang achter. Soms is het erg druk, maar ik kan wel makkelijker wat meer rust nemen. Er kan een tijd komen dat je het allemaal wat minder kunt. Dat realiseer je je ook. Zolang het nog kan, zet ik daarom de sokken er nog maar in.”

Toekomst
HdG: ”Ik denk nog wel eens aan wat ik een oude collega hoorde zeggen in mijn eerste gemeente: ‘Zie ik op mezelf dan beef ik, zie ik op Jezus dan leef ik.’ Je ziet veel tekortkomingen, ook je predikantschap moet gereinigd worden door het bloed van Christus. Maar ik mag met veel dankbaarheid en vreugde terugzien op die periode en de moeilijke dingen moet je ook weer loslaten. Dan overheerst dat God je wilde gebruiken en nog steeds wil gebruiken. Soms merk je dat Hij daar wat mee doet.”

AvdW: “Ja, en ook al gaat het met de samenleving de verkeerde kant op, God zal voor Zijn kerk zorgen, daar ben ik geen ogenblik benauwd voor. Het kerkelijk leven gaat niet voorbij. Het geheim van je werk is dat God Zijn woord laat uitgaan tot een zondige wereld. Het is mooi als je daar een plaatsje in mag innemen zolang de Heere je dat vergunt.”

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 9 juli 2010

De Wekker | 16 Pagina's

‘De roeping blijft’

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 9 juli 2010

De Wekker | 16 Pagina's

PDF Bekijken