Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Het woord uit Gods hart

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Het woord uit Gods hart

7 minuten leestijd

God laat in zijn hart kijken. En wat zien we dan? Wellicht heeft elke lezer daar wel een bepaalde voorstelling bij. Wat zou je zien als je in het hart van God kijkt?

Zie je een beeld van liefde, van zorg, van een Vader die op de uitkijk staat en uitziet naar zijn kinderen? Het Johannesevangelie begint ermee, dat God metterdaad in zijn hart laat kijken. Heel opmerkelijk is het dan niet zo dat we een beeld te zien krijgen, maar in de eerste plaats een Woord. God drukt zich uit in wat Hij zegt. ‘In den beginne was het Woord en het Woord was bij God en het Woord was God’ (Joh. 1: 1). Zó hebben wij God leren kennen, zó krijgen we een blik in het hart van God, door dit Woord.

Waarom ‘het Woord’?
Waarom zegt Johannes dit zo? De term ‘woord’ was een beladen begrip in zijn tijd. Verschillende filosofen gebruikten de term om er het allesbepalende logische principe van de wereld mee aan te duiden. ‘Het woord’, daarmee drukten deze denkers uit dat alles in de wereld een bepaalde orde had, die - als je dat ‘woord’ kende - logisch te begrijpen was. Soms werd ‘het woord’ als een bemiddelend figuur gezien tussen God en de wereld. In elk geval had ieder mens iets van dat redelijke principe in zich. En via dat principe, het woord, dus ook iets van God. Het was een redelijk optimistische kijk op de mogelijkheden van een mens om op te klimmen tot de hogere, goddelijke wereld en om daarmee verbonden te zijn.

Wellicht kunnen we iets van deze manier van denken ook vandaag herkennen. Veel mensen vinden het geen gekke gedachte dat er wel ‘iets’ moet zijn. In gesprekken met mensen die nadenken en open zijn voor een ontmoeting met een gelovige, kom ik dat wel tegen. ‘Prima als jij dat God noemt en daarin gelooft. Ik doe dat op mijn manier, en zo heb ik ook iets van god in mij.’

Omgekeerde beweging
Johannes sluit dus aan bij zo'n algemeen religieus gevoel, als hij de term ‘het woord’ gebruikt. Maar hoe doet hij dat? Maakt hij dezelfde beweging als de mensen om hem heen maakten naar God? En gaat Johannes dan proberen te laten zien dat je nog veel dichter bij God kan komen door Jezus?

Als ik het goed zie, doet Johannes het net andersom. Hij laat zien dat het Woord niet het principe is waardoor wij in contact met God kunnen komen, maar dat God in het Woord naar óns toe komt. Het Woord gaat van God uit. Het begint in het hart van God. Daar begint God dus te spreken. En doordat Hij spreekt is alles ontstaan. Met dit begin van zijn evangelie grijpt Johannes terug op het begin van Genesis: ‘God zei: er zij licht, en er was licht’ (Gen. 1: 3). Telkens komt dat terug in het in het Oude Testament dat God de wereld schiep door te spreken: ‘Hij sprak en het was er, Hij gebood en het stond er’ (Ps. 33: 9). Doordat God gesproken heeft is er leven en door zijn woord komt er werkelijk licht in onze duisternis. Het echte licht is komen schijnen in de duisternis, schrijft Johannes (1: 5), maar … en dat is de totale omkering van de optimistische kijk van de mensen uit zijn tijd: de duisternis wilde er niet aan.

Eigenlijk is dat onbegrijpelijk. Als licht schijnt in het donker, wordt het donker verlicht. Maar Johannes onderstreept in zijn inleiding op het evangelie dat het onbegrijpelijke echt gebeurd is. God sprak, drukte zich helemaal uit, wilde zijn hart helemaal laten zien, liet zijn licht schijnen, maar mensen wilden er niet aan. Voor hen blééf het donker, terwijl het licht scheen.

Johannes 1: 6 noemt Johannes de Doper die de mensen wees op het licht. Hij getuigde: ‘zie, hier is het licht, hier komt God zelf naar jullie toe.’ Maar de wereld waar dit licht in scheen heeft Hem niet willen kennen (vers 10). Hij kwam tot het zijne, maar de zijnen hebben Hem niet aangenomen (vers 11).

Toch wel aansluiten in de woordkeus
Hiermee is het optimistische idee dat de mensen hadden, dat zij via het vonkje van ‘het woord’ dat zij bij zich droegen al een lijntje naar God met zich mee droegen dus radicaal van tafel geveegd. En toch is het niet zo dat Johannes de term ‘het woord’ alleen maar gebruikt om ideeën van mensen te ontkrachten of er tegenin te gaan.

Het evangelie van Johannes heeft te veel aanknopingspunten in woorden en ideeën uit de wereld van toen, om te denken dat hij die alleen maar gebruikt om zich er tegen af te zetten. Het is een bewuste keuze om in zijn woordkeus aan te sluiten bij algemeen bekende termen en ideeën, om de mensen die op die manier denken te bereiken. Maar hij wil hen vervolgens wel meenemen in een beweging die van de andere kant komt. Een beweging die niet begint bij het filosofische denken dat naar God opklimt, maar die in het hart van God begint en naar ons toekomt.

De proloog vat het hele evangelie samen
Die beweging komt naar voren in het hele evangelie van Johannes. Er is wel op gewezen dat het eerste begin van het evangelie, ook wel de proloog genoemd (Joh. 1: 1-18), gelezen kan worden als de korte samenvatting van het totale Johannesevangelie. De beweging begint bij God, die zijn Woord stuurt, zijn Woord vlees laat worden en laat wonen onder zijn mensen. Dit begin uit de ouverture van het evangelie wordt in de hoofdstukken 1-4 uitgewerkt. Daar wordt inderdaad getekend hoe Jezus als het vlees geworden Woord wonderen en tekenen doet. Vervolgens verkondigt Hij dat in zijn Woord het leven te vinden is (Joh. 5 en 6), maar telkens opnieuw wordt Hij niet aanvaard. Het eind van Johannes 6 laat zien hoe de zijnen zich één voor één van Hem afkeren: van toen af keerden vele van zijn discipelen terug en gingen niet langer met Hem mede (Joh. 6: 66). Hier wordt zichtbaar wat al in de proloog stond: de duisternis heeft het niet gegrepen (Joh. 1: 5). En toch blijft het licht schijnen in de duisternis, zegt de proloog (Joh. 1: 9). Dat is het thema dat in de hoofdstukken 7-9 van het evangelie sterk naar voren komt, met als centraal woord in Johannes 8: 12: Ik ben het licht der wereld. Maar het Woord wordt nog steeds niet aangenomen door de zijnen (Joh. 1: 11). Dat komt naar voren in Johannes 10-12. Johannes 12: 37 concludeert na alles wat Jezus heeft laten zien: hoewel Hij zovele tekenen voor hun ogen gedaan had, geloofden zij niet in Hem: de zijnen hebben Hem niet aangenomen.

En toch komt het tot een omkeer in die voortdurende afwijzing. Dat is een totaal onverwacht wonder in Johannes 1: 12. Er komen er tóch die het Woord wél aannemen: hun die Hem aangenomen hebben, hun heeft Hij macht gegeven om kinderen Gods te worden. Dat blijkt in de hoofstukken 13-17, waar staat hoe Jezus de zijnen heeft liefgehad tot het einde. Zo begint Johannes 13: 1: Toen Jezus wist dat zijn ure gekomen was om uit deze wereld over te gaan tot de Vader, heeft Hij de zijnen, die Hij in de wereld liefhad, liefgehad tot het einde. Ze zijn er tóch gekomen: zijn discipelen die Hij liefhad, die met Hem aan tafel zaten en aan wie hij de Trooster belooft, die bij hen zal blijven. Dan blijkt dat zijn Woord een woord is dat vol is van genade en waarheid (Joh. 1: 17). Het is werkelijk een Woord van genade, dat aan het licht komt in de laatste hoofdstukken van Johannes, in de gevangenneming, de verhoging aan het kruis, de opstandig en de verschijningen aan zijn discipelen die Hij opnieuw moet brengen tot het geloof in Hem (Joh. 18-21). De beweging van het Woord van God uit - de wereld in, heeft tóch gehoor gevonden

Een wonder
Hoe is dat zo gekomen? Dat is het wonder van het evangelie: daar zorgt God zelf voor. De duisternis kon het niet grijpen, de zijnen konden Hem niet aannemen, het is niemand gelukt om met het vonkje dat zij hadden echt bij God te komen. Het is precies andersom gegaan: God kwam, zond zijn Woord en zorgde er zelfs voor dat zijn Woord wél werd aangenomen. Hoe? Doordat zijn Woord vlees werd, ging lijden en zou sterven aan het kruis. Dáár wordt de grootste heerlijkheid van het Woord van God zichtbaar volgens het Johannesevangelie, dat Jezus verhoogd wordt aan het kruis.

Opnieuw is dat precies het tegendeel van wat filosofen kunnen bedenken. De heerlijkheid van God wordt niet zichtbaar in een groots en machtig spektakel, in de hoogste heerlijkheid die je als mens kan bedenken. De hoogste heerlijkheid die wij van God te zien krijgen, waarmee God zijn hart uitdrukt, is zichtbaar in het Woord dat vlees werd. Hij werd mens. En als mens zette Hij zich in om de voeten van zijn discipelen te wassen, om zich te bukken, om zich te geven tot aan het kruis. Zo laat God zien wat er in zijn hart is.

De beweging gaat door
Het typerende van het Johannesevangelie is dan vervolgens, dat het daar niet bij blijft. Deze beweging die bij God begon en door zijn Woord de wereld inging, houdt niet op na het sterven en de opstanding van Jezus. Dat maakt Johannes duidelijk door expliciet uit te leggen waarom hij deze dingen heeft opgeschreven. Het is de bedoeling dat degene die dit hoort, er ook door meegenomen wordt. Deze dingen zijn geschreven opdat gij gelooft, dat Jezus is de Christus, de Zoon van God en opdat gij, gelovende, het leven hebt in zijn naam (Joh. 20: 30). Het is de bedoeling dat dat wonder zich zal blijven herhalen, dat zij die Hem niet aangenomen hebben, Hem toch aannemen.

Hoe gaat dat verder? Doordat dat Woord nog steeds de wereld ingaat, vanuit het hart van God. Die beweging van Johannes 1 houdt niet ergens op. Die gaat door op elk moment dat dit Woord klinkt in de woorden van de mensen die het voorlezen, laten horen en doorgeven wat Johannes heeft opgeschreven. Daar bad Jezus voor in het gebed in Johannes 17: voor hen die het Woord zouden gaan doorgeven en voor hen die door hun woord in Hem zouden gaan geloven. Dat is de manier waarop de beweging nog steeds doorgaat in de wereld.

Wat hebben we er aan om dat te weten voor zo'n gesprek met mensen die geloven dat er iets is, waarmee zij een lijntje naar God hebben? Het evangelie naar Johannes maakt duidelijk dat er maar één manier is waarop zij zullen ontdekken dat dat iets te vinden is in het Woord dat vlees is geworden. Dat gebeurt op het moment dat dat Woord zelf hen meeneemt. De manier waarop dat gebeurt is een geheim, het is het werk van God, die het onmogelijke mogelijk maakt. Hij zorgt er voor dat ze er komen, die Hem aannemen, terwijl ze er eerst niet aan wilden. Dat geheim is en blijft het werk van God, onderstreept Johannes.

Maar de manier waarop God harten opent wordt ondertussen wel duidelijk getekend. Doordat zijn Woord ook vandaag klinkt in de woorden van mensen. Die menselijke woorden worden ingeschakeld in dezelfde beweging, omdat de mensen die die woorden spreken in dezelfde beweging terecht zijn gekomen. Dat is het appèl dat klinkt vanuit dat Woord. Daar kan je niet neutraal naar luisteren. Niemand kan hier op een afstand toekijken. Ieder die dit woord hoort wordt in de beweging meegenomen. En dan is het één van beiden: je verzetten en zeggen dat deze woorden niet van God komen; óf je laten meenemen in die beweging die bij het hart van God begint, die jou wil meenemen en wil maken tot iemand die anderen ook weer meeneemt. Doordat je het vertolkt in de woorden die die ander kent; terwijl je van a tot z wijst op Hem die van de ander kant naar ons is toegekomen en nog steeds spreekt in zijn Woord.

Het Woord in het woord. Dat is de manier waarop Gods beweging nog steeds verdergaat.

M.C. Mulder
Dr. M.C. Mulder is docent Judaïca aan de TUA

Dit artikel werd u aangeboden door: De Wekker

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 27 mei 2016

De Wekker | 24 Pagina's

Het woord uit Gods hart

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 27 mei 2016

De Wekker | 24 Pagina's

PDF Bekijken