Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Van genieten en gericht

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Van genieten en gericht

8 minuten leestijd

Bijbelstudie n.a.v. Prediker H:9-'l2:1

'Verblijd u, o jongeling! in uw jeugd en laat uw hart zich vermaken in de dagen uwer jongelingschap maar weet dat God om al deze dingen u zal doen komen voor het gericht.' (Prediker 11:9)

hervormd predikant Katwijk aan Zee

Wij laten ditmaal het proza van onze bijbelstudie voorafgaan door een klinkdicht van de dominee-dichter Nicolaas Beets, de negentiendeeeuwse Benschop, een abundante rijm.

Wat is er niet te tioren - wat is er niet te zien Bij 't eerste morgengloren - als nactit en nevel vliên? Van glansen, kleuren.stralen - die langs de hemel dwalen; Van rozenrode wolken - die 't Oost en 't West bevolken; Van held're pareldroppen - op blaad'ren, bloemen, knoppen. Van blijde vogelzangen - luidruchtig aangevangen. Uit volle borst geslaakt?

Wat is er niet t'ontwaren - in 's harten diepsten grond. Bij 't opgaan onzer jaren - in 's levens morgenstond! Te voelen, te beseffen - te gissen en te treffen. Te zoeken, te verlangen - t'ontdekken, op te vangen. Te kennen en te smaken - tot eigendom te maken. Te dromen en te dichten - te slechten en te stichten, T'ontginnen? Nooit genoeg!

Vooral het tweede couplet vertoont wonderlijke overeenkomsten met sommige zaken die de Prediker in dit eigen-aardige Bijbelboek te berde brengt. Daar zit een mysterieus stuk spanning in dit boek : positieve en negatieve geluiden over van alles en nog wat klinken 5p en soms zelfs tegen elkaar in. Soms schijnt Prediker een ultra-pessimistisch mens, een notoire zwartkijker, dan weer een super-optimistische losbol.Soms ontroert hij, vaker onthutst hij ons...

Jeugd en jonkheid

Dat ontroerende en onthutsende zit ook allemaal wel wat in de verzen over jeugd en jonkheid die als uitgangspunt voor deze bijbelstudie dienen. We richten ons eerst op de verzen 9a en 10. Een andere vertaling ervan luidt : 'Verheug u, o jongeling!, in uw jeugd, uw hart zij vrolijk in uw jongelingsjaren; volg de lust van uw hart en de begeerte van uw ogen; weer het verdriet uit uw hart, houd de kwalen van uw lichaam weg want jeugd en jonkheid zijn slechts een ademtocht.' Of dat helemaal dezelfde toonzetting is als die van Beets lentemorgen, valt te betwijfelen. Eigenlijk klinkt Prediker rauwer, harder, direkter. Wie kan nog met zo'n buitelend en kwinkelerend gedicht als dat van Beets uit de voeten in deze tijdi Wij doen het af met : romantisch idealisme! Gepraat van een man met een gekleurde bril op, kind van zijn tijd die nu eenmaal zo in elkaar stak. Zo verheven en schoon denkt de jeugd van deze tijd niet meer, zo rijk en ruim en rein....Moet je vandaag om komen! Geniet van het leven, grijp je kansen eer ze verkeken zijn, haai uit het leven wat erin zit. Dat is de plompe vertaling van het hedendaagse hedonistische levensklimaat. Maak pret

en plezier. Zo lang duurt het niet. Ga uit je dak, uitbundig en losbandig. Zak flink door. Voordat je dood gaat... Vergal je leven niet met allerlei zorgen. En - houd de kwalen van je lichaam weg! - daar hebben we ook ons eigentijds vocabulair voor en onze hedendaagse vormgeving. Is dat niet de cultus van het jonge, mooie en knappe lichaam, heel de lichaamscultuur die bloeit in de tempels van de hedendaagse lichaamsreligie zoals die beleden wordt in sport-en fitnesscentra^ Jawel, maar dat alles maakt niet ongedaan dat de jeugd en jonkheid ijdelheid zijn oftewel een 'ademtocht'. Vluchtig is het leven, ook dat van een jong mens. Het gaat zo snel voorbij. Je kunt jeugd en jonkheid ook vertalen met 'morgenstond' en 'zwart haar' en die twee hebben gemeen dat ze niet blijvend zijn.

Positieve genieting

Strooit Prediker toch weer voor de zoveelste keer roet in het eten met zijn 'ijdelheid der ijdelheden'i Sombere geesten zouden het kunnen denken. Wellicht is het laatst getekende denken het onze niet, hoop ik tenminste. Maar dat bedenkende, zijn wij nog niet klaar met Predikers woorden en ook niet met het gewrocht van de eerwaarde dominee uit het Heemsteedse van de vorige eeuw. Mij dunkt dat de wijze man uit de Bijbel het oog heeft op een positieve levensaanvaarding en een eerlijke genieting van het goede van het leven. Van het leven genieten. Eigenlijk weten velen in onze kringen daar geen raad mee. Een christen die geniet van het leveni Kan dati Officieel vinden velen dat het niet kan. Dientengevolge heeft men zich een besmuikt genieten eigen gemaakt. Tenslotte zijn wij allemaal gewone mensen, nietwaar^ Of er worden vele katten in het duister geknepen : men bleek minder wereldvreemd dan men voorgaf. Soms heerst er merkwaardige schizofrenie : op zondag is alles keurig in het model, daarna worden vele blaadjes omgekeerd en vele pakken geladen op de ezel die oude mens heet. 'Wandel in de wegen van uw hart en in de aanschouwingen van uw ogen...' Prediker heeft de genoegens van het leven bepaald niet geboycot. In de natuur en in de cultuur heeft hij Gods gaven erkend en genoten. Hij had een reële kijk op het leven maar verkoos nooit het kluizenaarschap. Niet zelden is een bepaalde vorm van godsdienstigheid waarin men zich in cocons van wereldmijding opsluit, niet anders dan sublimatie van verdrongen complexen. Omdat de werkelijke vreze des Heeren ontbreekt en het leven uitsluitend bestaat in dingen die men doet en laat. Alle schepsel Gods is goed en van Gods gaven, mits met dankzegging ontvangen, mogen wij genieten. Alleen zo kunnen wij staan en dienen in de complexiteit van de samenleving, in arbeid, cultuur en politiek, in wetenschap en techniek om in dat alles onze gaven tot ontplooiing te brengen.

Het gericht

Nu komen wij aan de eerste van twee heel belangrijke noties in deze verzen: od en het gericht! 'Maar weet dat God, om al deze dingen, u zal doen komen voor het gericht.' (11:9) God is een werkelijkheid evenals Zijn gericht. Hij zal rechtspreken, ons leven aan Zijn beoordeling onderwerpen. Eens komt het in volle breedte en diepte aan het licht, Gods licht.Ook de fase, de 'ademtocht' van onze jeugd. Niet alleen in haar zonden, ook in haar genietingen. Dat wil nogal wat zeggen. Dit : er is een maatstaf, Gods wil. Er is ook een toom, een breidel : Gods Wet. Er is ook een heilige huiver : Gods oordeel. Verheug je, jong mens, maar bedenk : eens word je tot verantwoording geroepen. Nu komen de dingen echt op hun plaats. Dat oordeel moet ons ertoe dringen te leven in de vreze des Heeren. Niet in krampachtige angst en in vertekeningen als zou God ons niets goeds, niets moois gunnen, niets anders dan een bestaan dat is ingesnoerd door duizend en één geboden en gebodjes, maar in heilig ontzag voor God en vooral in de liefde Gods. Dat zal ons afhouden van zondig vermaak, boos begeren, ons bewaren als jongeren voor dit verdriet en dit k^waad dat de jonge knoppen in de lente van ons leven breken en de frisse bloei al in de jeugd vergaat. Dat zal ons wapenen in uren van verleiding en hartstocht en bij het genieten behoeden tegen de roes en de uitspatting.

De Schepper

De tweede notie is deze : God is onze Schepper. Zeer persoonlijk staat het er ; 'En gedenk aan uw Schepper in de dagen van uw jongelingschap..' (12:1) Denk aan Hem die ons het leven gaf, ons onder de adem van Zijn Woord en de band van Zijn verbond bracht. Onze jonge jaren zijn de dagen bij uitstek om aan Hem te denken. Zodat wij niet gedachteloos genieten. Ken de momenten waarin ziel en zinnen tot onze Schepper opklimmen, om Hem lief te hebben en te leren gehoorzamen. Opdat Hij de Eerste zij, voor alle andere dingen als studie en carrière, genot, levenstaak en levensvulling. Het grootste geluk is : God te kennen! De jeugd is daarvoor de allerbeste tijd. Laat het een tijd van gisten en rijpen zijn, de dingen léven dan tenminste. Wij kunnen vrezen voor de tijd van ons oudere leven. O wat worden de posities vaak onwrikbaar, de stellingen zo vast, de gedachten zo verroest, de verw/achtingen zo benepen, de rek raakt uit een mensenziel en alle indrukken ketsen af en de korst van stomme onbekommerdheid groeit al maar aan..Die mij vroeg zoeken, zullen Mij vinden!, zegt de Heere. De Rechter, de Schepper. Laat mi) nog een trede hoger klimmen :

„Is dat niet de cultus van het jonge, mooie en knappe lichaam, heel de lichaamscultuur die bloeit in de tempels van de hedendaagse lichaamsreligie zoals die beleden wordt in sport-en fitnesscentral Jawel, maar dat alles maakt niet ongedaan dat de jeugd en jonkheid ijdelheid zijn oftewel een 'ademtocht'. "

De Vader! Dat is God in Ghristus voor al de Zijnen. En dat te weten maakt leven en sterven, handel en wandel zo gans anders. Er valt licht over, er gaat een glans van uit. En alle dingen, het goede en het kwade, wij ontvangen ze uit Zijn hand.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 december 1999

Zicht | 28 Pagina's

Van genieten en gericht

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 december 1999

Zicht | 28 Pagina's

PDF Bekijken