Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Ds. Vilmos Dekker nauw bij Hongaarse Kerk betrokken

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Ds. Vilmos Dekker nauw bij Hongaarse Kerk betrokken

Ere-professor Hogeschool van Debreccen

7 minuten leestijd

Er zullen heden ten dage niet veel theologen meer zijn die kunnen zeggen dat ze bij de beroemde Duitse theoloog Adolf von Harnack college hebben gelopen. Evenmin dat ze Kannegieter of Valeton hebben meegemaakt. Een gesprek met ds. Willem Dekker op 24 november a.s. 60 jaar predikant in Breskens (ja, vlak bij Vlissingen) zou dan ook gemakkelijk een anekdote dogmatiek kunnen vullen, ware het echter niet, dat zijn bewogenheid nog veel meer de Hongaarse Hervormde Kerk raakt. Van deze kerk, die in Nederland nauwelijks bekend is, weet hij nog geestdriftig te vertellen, hoewel het hoofdzakelijk in episoden is.
Hongaarse theologen herinneren zich de naam D. Vilmos is: Dekker Willem nog opperbest. O ja, de man die zo veel voor onze kinderen heeft gedaan en die een ereprofessoraat aan de Theologische Hogeschool van Debreccen ontving. Ook zijn dochter, spastisch, die een leven vol pijn lijdt, kent de oudere Hongaarse theoloog. De zoon uit een bekend boerengeslaeht in Hoofdplaat verzorgt zijn dochter vrijwel geheel alleen, en dat is een opgave, die een 84-jarige niet gemakkelijk moet vallen. Maar Marietje vult zijn leven....

Gemeenten
Willem Abraham Dekker, emeritus predikant van de Nederlandse Hervormde Kerk werd op 2 januari 1888 in Hoofdfplaat geboren. Na het stedelijk gymnasium in Middelburg, studeerde hij in Utrecht bij Kannegieter, Van Veen, Hugo Visscher, Baljon en Valeton om er een paar te noemen, waarna hij zijn kandidaats- en kerkelijk examen aflegde. Omdat hij nog te jong was om direkt predikant te kunnen worden, liep hij een jaar lang college in Geneve en Berlijn en werd hulpprediker in Hollandscheveld. Dat was op 24 november 1912, nu bijna 60 jaar geleden. Het was de eerste van een grote reeks gemeenten met onlosmakelijk daaraan verbonden verhuizingen. Achtereenvolgens: Melissant (1916) als predikant, Nieuw-Beyerland (1919), Krabbendijke (1922), Hollandscheveld-Zuid-Oost-Elim (1926), Schamegoutura en Loënga (1920) en Losdorp (1947). Na zijn emeritaat in 1953 vervulde hij weer bijstand in het pastoraat in Dantumawoude, Twello (1955), Budel (1958) en Breskens (1965). Een respectabele reeks. Talloos zijn de anekdoten, die van hem in omloop zijn. Zo is het bij de jaarwisseling in Scharnegoutum gebeurd, dat de gehele kerkeraad op één diaken na het bijltje er bij neer legde, maar kort daarna was de „raad der kerke" weer voltallig. Zijn preken, vertelt een tijdgenoot, waren bijzonder levendig en het was een lust om ds. Dekker, bijna als een acteur, op de kansel bezig te zien. De diverse vergelijkingen met natuurgebeurtenissen en het dagelijks leven bootste hij in de gemeente aanschouwelijk na en wat dat betreft, is de Bijbel inderdaad gezien de Oosterse beeldspraak onuitputtelijk. De vlucht van een adelaar, een geliefkoosd onderwerp, illustreerde hij met brede gebaren voor een soms verbaasde gemeente, die zich stilletjes afvroeg wat er verder wellicht verkeerd zou gaan. Maar slapers had ds. Dekker zelden in de kerk.

Kinderen
Na de Eerste Wereldoorlog toen met name het Habsburgse deel van de Centrales (Hongaars- Oostenrijkse monarchie) volkomen was ontwricht en er een nood heerste, die te vergelijken valt met die in Nederland na de Tweede Wereldoorlog, sprong ds. Dekker in de bres om Hongaarse kinderen naar het "steenrijke" Nederland te halen en wat van de oorlogsellende te laten vergeten. Dat was in de Krabbendijkse periode. Hij bewaart nog enkele foto's, waarop hij temidden van Hongaarse kinderen aan de Oosterscheldezeedijk staat „gekiekt". Via deze kinderactie kwam hij regelrecht met de Hongaarse kerk en cultuur in contact, waarmee hij diepgaand kennismaakte. Zodra hij weer een paar dagen vakantie kon nemen, toog hij naar het land van de vrijheidshelden als Koszac en Racosiz, vervulde er vele spreekbeurten en predikbeurten in het Hongaars, voerde talloze gesprekken met collega's-theologen, kortom: ds. D. Vilmos mat zich een tweede vaderland aan.

Preken
Hij liet ons nog enkele preken van hem zien, die voor uw verslaggever onbegrijpelijke woorden bevatte maar die ds. Dekker even gemakkelijk vertaalde of het Engels was. Het Hongaars is betrekkelijk eenvoudig van opzet, zo vertelde hij in een klein taalprivatissimum. Het Hongaars kent geen opeenvolging van vele medeklinkers achter elkaar zoals het Russisch maar plaatst daar bij voorkeur een klinker tussen. Zo kan een Hongaar zeer moeilijk de naam „Frans" uitspreken, maar maakt daar „Ferenc" van, met tussenvoeging van de „E". Overigens behoort het Hongaars niet tot de Indo-Germaanse taal; het vertoont in de verte enige verwantschap met het Fins, dat ook niet Indo-Germaans is.

Ere-professoraat
Zijn specifieke kennis van de Hongaarse cultuur en uiteraard de Hongaarse Hervormd/Gereformeerde Kerk bracht de Hervormde Synode er toe hem 35 jaar geleden als afgevaardigde naar een vergadering van de Hongaarse Herv. Gereformeerde predikantenbond te zenden, waarna deze bond hem tot ere-lid benoemde. De Hongaren lieten zich verder t.o.v. de Nederlandse kindervriend niet onbetuigd: na de eremedaille van het Hongaarse Rode Kruis werd hem ter gelegenheid van het vierde eeuwfeest van de Universiteit van Debreccen een ereprofessoraat in de theologische wetenschappen verleend, mede voor zijn vele diensten aan het Hongaarse protestantisme. Deze universiteit vormde in 1914 op initatief van keizer Franz Josef een uitbreiding van de in de 16e eeuw gestichte Theologische hogeschool van Debreccen. Thans is deze universiteit gesplitst in een Theol. hogeschool en de Jajos Kossuthuniversiteit. De communisten wilden het zo...
Dat was in 1938 en kort daarop, in 1939 beantwoordde ds. Dekker deze zeldzaam verleende onderscheiding met een boek "Van Godsdienst en Vaderland, hoofdlijnen van de Geschiedenis van de Hongaarse letterkunde". Het werd opgedragen aan het „eerwaarde Gereformeerd Kololegium van Debreccen". Ds. Dekker vertolkte met dit boek zijn dankbaarheid voor de onderscheiding. Het boek is nu nog antiquarisch nog verkrijgbaar. Kort voor de Tweede Wereldoorlog sprong ds. Dekker weer in tijdens de Fins-Russische oorlog. Eind 1939 begin 1940 nam hij het initiatief tot de oprichting van een Centraal Fins Comité tot steun aan Finland, waarvan hij voorzitter werd. In enkele maanden tijds bracht deze actie in Friesland ruim ƒ 40.000 op, voor die tijd een groot bedrag. Kort voor het einde van deze oorlog ontving hij van de Finse consul in Den Haag de toezegging van een Finse onderscheiding, maar de oorlogshandelingen en de Russische bezetting leidden er toe dat deze onderscheiding hem nimmer is uitgereikt. Niet alleen op buitenlands terrein was ds. Dekker echter bekend. In eigen land schreef hij een onoverzienbare hoeveelheid artikelen, met name in het theologenblad „Onder eigen vaandel" dat thans „Kerk en Theologie" heet. Voorts veel in het vroegere confessionele weekblad „Het Hervormd Weekblad De Gereformeerde Kerk", „Stemmen des Tijds" en het Hervormd Zondagsblad van Friesland.

Verzet
In een beknopte beschrijving kan uiteraard niet zijn verzetsrol worden verzwegen: in de hongerwinter van '44/ '45 ijverde hij voor de voedselvoorziening voor het westen des lands, waartoe hij zelf enkele malen een voedseltransport naar Amsterdam begeleidde. Veel kinderen uit de grote steden bezorgde hij een gastvrij onderdak bij Scharnegourumse boeren, evenals — en dat tekent toch wel de mens ds. Dekker - na de oorlog Westduitse kinderen. Hij zelf vertelde het ons niet, maar uit andere bron bleek ons, dat dank zij zijn inzet een Joods meisje en een Amerikaanse piloot voor de bezetter kon worden verborgen gehouden. Zijn voornaamste taak in oorlogstijd was echter de gemeente een evangelische riem onder het hart te steken waarbij hij geen blad voor de mond nam.

Manuscripten
En nog is ds. Dekker bezig. Ten behoeve van latere geschiedschrijvers ontcijfert hij kerkeraadsnotulen van de Hervormde Kerken van Sluis en Aardenburg, waarbij de 16de eeuwse manuscripten hem voor bijzonder grote moeilijkheden plaatsen. Een laatste wens van ds. Dekker is, dat enkele van zijn onuitgegeven manuscripten nog eens het licht zullen zien. Ze betreffen het dagboek van een Joods jongetje van vier jaar, dat Lambert heet en dat evenals Anne Frank wordt opgepakt door de Duitsers. Verder heeft hij een manuscript over de Hongaarse kerkgeschiedenis zetklaar liggen. Maar de komst van een uitgever verwacht hij nu ook niet direct. Maar wij geven de wens slechte door...

Dit artikel werd u aangeboden door: Reformatorisch Dagblad

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 3 oktober 1972

Reformatorisch Dagblad | 8 Pagina's

Ds. Vilmos Dekker nauw bij Hongaarse Kerk betrokken

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 3 oktober 1972

Reformatorisch Dagblad | 8 Pagina's