Nieuw thema voor Van der Ploeg
Offensief moet politici overtuigen van impact nieuwe media
DEN HAAG - Staatssecretaris Van der Ploeg van Onderwijs kreeg gisteren precies wat hij wilde: een flitsend congres over de rol van politici ten aanzien van de digitale revolutie. Dat het klapstuk -een debat tussen vier fractievoorzitters uit de Tweede Kamer- ronduit tegenviel, kwam hem niet eens zo slecht uit.
Wie dacht dat Van der Ploeg zo'n jaar voor het einde van de kabinetsperiode was uitgeregeerd, heeft het mis. Nadat hij de Cultuurnota en de Mediawet met goed gevolg door het parlement heeft geloodst, ontdekte de staatssecretaris voor Cultuur en Media op zijn beleidsterrein een nieuw thema. Hij vraagt aandacht voor de ingrijpende culturele effecten van de nieuwe media.
Voor deze week arrangeerde Van der Ploeg een krachtig offensief om zijn nieuwe stiel onder de aandacht van publiek en politiek te brengen. Dat begon eergisteren in het Haagse perscentrum Nieuwspoort, waar de staatssecretaris de door hemzelf geredigeerde bundel "De burger als spin in het web" presenteerde. Saillant detail is dat hij het eerste exemplaar overhandigde aan minister Van Boxtel, de eerstverantwoordelijke bewindspersoon voor overheid en ICT, die ziet dat hem de kaas van het brood wordt gegeten.
De essays in de bundel gaan over "het verdwijnen van plaats en afstand in de informatiesamenleving." In zijn eigen bijdrage verwijst Van der Ploeg naar bevindingen van de door hemzelf opgerichte denktank Infodrome, "die wijzen op fundamentele verschuivingen en institutionele veranderingen in onze samenleving." Internet en nieuwe media maken zaken los die vragen om een "effectief overheidsbeleid" met veel "creativiteit en flexibiliteit."
Om vooral die creativiteit aan te boren, organiseerde Van der Ploeg gisteren samen met Infodrome het congres "Connections", waarvoor zo'n 500 ICT-deskundigen naar de Haagse Ridderzaal togen. Zij zagen Van der Ploeg schitteren als gastheer die een keur aan binnenlandse en buitenlandse sprekers over politiek en nieuwe media te bieden had. Premier Kok kwam even langs om zijn "eerste grote ICT-speech" af te leveren - al reageerde hijzelf bescheiden op die vooraankondiging.
Utopisch
Vooral de bijdragen van buitenlandse sprekers als John Thackara (adviseur van de Europese Commissie) en Andrew Shapiro (gastprofessor aan Yale Law School) vielen op. Shapiro bood een glasheldere analyse van een "control revolution", waarin de macht meer en meer komt te liggen bij private partijen, gedecentraliseerde besturen en bij consumenten met vérgaande keuzevrijheid. Daar kun je bang voor zijn of utopisch over doen, maar het raadzaamst is de ontwikkelingen te volgen en te begeleiden als "techno-realist", aldus Shapiro.
De inmiddels welbekende utopist Frissen, hoogleraar bestuurskunde aan de Katholieke Universiteit Brabant, kwam opdraven om andermaal het einde van de politieke partijen te voorspellen en de overheid te adviseren "er hartstochtelijk voor te zorgen dat ze er in de toekomst nog een klein beetje toe doet." Minister Hermans van Onderwijs legde uit wat er allemaal op stapel staat als het gaat om het gebruik van nieuwe media in onderwijsland. En Sanderijn Cels, minister-president van het zogeheten kabinet-on-line, zette op bevlogen wijze uiteen wat haar schaduwkabinet aan ICT-beleid noodzakelijk acht.
Tegenvaller
De beste wijn hadden Van der Ploeg en Infodrome voor het laatst bewaard. Een debat tussen de fractieleiders Melkert (PvdA), De Hoop Scheffer (CDA), De Graaf (D66) en Rosenmöller (GroenLinks). De vier namen zitting in een panel dat werd geleid door oud-staatssecretaris In 't Veld, die hen op een nogal hoog abstractieniveau aan de tand trachtte te voelen.
Maar dat viel tegen. In de woorden van Sanderijn Cels: "Heb je een goed congres gehad, krijg je zo'n afsluiting. Als dat de mensen zijn die het voor de toekomst moeten gaan doen..." Of in de woorden van Van der Ploeg, naderhand: "In de zaal zaten 500 deskundigen. Dan wordt al gauw duidelijk dat veel politici de ICT-problematiek nog niet scherp op hun netvlies hebben."
Schutterig
Melkert, De Hoop Scheffer, De Graaf en Rosenmöller waren in hun gedachtenvorming duidelijk nog niet zover als de meeste sprekers die gisteren de Ridderzaal toespraken. Hun optreden oogde daardoor een beetje schutterig, ook in de ogen van Van der Ploeg. Dat kwam hem echter niet slecht uit. "Het is juist mijn doel om meer aandacht te vragen voor de ICT-ontwikkelingen. Dat lijkt mij met dit congres aardig gelukt."
Van der Ploeg hoopt dat het ICT-beleid in de aanloop op de verkiezingen van volgend jaar een zwaarbevochten thema wordt. "Er moet worden gewerkt aan sociaal-democratische, liberale en christen-democratische visies op de informatiesamenleving", aldus de man die de representatieve democratie in gevaar ziet komen door e-mailbombardementen.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 12 april 2001
Reformatorisch Dagblad | 30 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 12 april 2001
Reformatorisch Dagblad | 30 Pagina's