Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Met Charlotte van Pallandt naar Italië

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Met Charlotte van Pallandt naar Italië

Maja van Hall leerde dat ze over een beeld gerust tien jaar mag doen

5 minuten leestijd

Beeldhouwster Maja van Hall kende het werk van Charlotte van Pallandt (1898-1997) natuurlijk van de kunstacademie. Toen ze in 1972 in Noordwijk kwam wonen, had ze echter geen enkele behoefte de beroemde collega in haar atelier op te zoeken. "Ik was geïnteresseerd in een totaal andere manier van beeldhouwen." Vier jaar later waren de twee vrienden voor het leven. "De belangrijkste les die ik van Charlotte leerde, was dat je desnoods tien jaar over een beeld mag doen."

Al vanaf haar zeventiende beoefent Maja van Hall de beeldhouwkunst. Ze probeert vooral haar gevoelens en emoties vorm te geven. Haar beelden zijn biografisch, expressionistisch, abstract, experimenteel. Grote voorbeelden voor haar waren de Roemeen Constantin Brancusi, de Italiaan Alberto Giacometti en de Spanjaard Julio González. Níet de Nederlandse Charlotte van Pallandt, die haar roem onder meer heeft te danken aan haar portretten van bijvoorbeeld prinses Juliana en het monumentale bronzen beeld van koningin Wilhelmina bij Paleis Noordeinde in Den Haag.

Dat Maja van Hall toch met Van Pallandt in contact kwam, heeft ze te danken aan haar vriend Mari Andriessen. "Hij nam mij op een dag in 1976 mee naar het atelier van Charlotte in de bossen bij Noordwijk, waar we met elkaar een kopje thee dronken. Het klikte zo goed tussen ons, dat we binnen de kortste keren bevriend waren", vertelt Maja in haar monumentale woning aan de Voorstraat. "We hadden ook nog dezelfde bronsgieter."

Aan zee

Sinds die tijd trokken Charlotte en Maja veel met elkaar op. "We gingen naar exposities, we hielpen elkaar met het afwerken van beelden en we wandelden veel samen in het bos. Af en toe zaten we een uurtje aan zee te praten over dingen die ons dwarszaten of boeiden. Op haar tachtigste nam ik Charlotte nog mee naar Italië om een beeld uit marmer te laten hakken. Toen ze al in de tachtig was, verzorgde ze gastlessen aan de Kunstacademie in Enschede, waar ik werkte. Ze was erg fragiel en breekbaar, maar van dit soort dingen genoot ze. Wat jonge mensen deden, interesseerde haar heel erg."

Maja heeft veel van Charlotte geleerd. "De vriendschap met haar is belangrijk voor mij geweest. We hadden een behoorlijke voorzichtigheid ten opzichte van elkaars werk. We spraken niet zozeer over ons werk als wel over de bronnen van waaruit we werkten. Ik heb van haar geleerd dat doorzetten erg loont. En dat je de tijd moet nemen. Dat je niet moet schromen om een werk op te pakken van jaren geleden. En dat je desnoods tien jaar over een beeld mag doen."

Zelf bracht Van Pallandt dat laatste ruimschoots in praktijk. Aan een portret van Maja werkte ze zeventien jaar en nog bleef het onvoltooid. "Ze kon er niet goed uitkomen", zegt Maja. "Ze wilde er nog verder aan werken, maar daar is niet van gekomen. Voor mij is het portret zo een prachtig beeldhouwwerk."

Levensvragen

Aan de oppervlakte waren we heel verschillend, vertelt Maja. "Allereerst was er natuurlijk een groot leeftijdsverschil. Zij kwam uit een heel andere tijd. Ook ons werk vertoonde niet direct verwantschap. Charlotte maakte tamelijk klassieke beelden, de mijne waren experimenteler. Toch waren onze diepste behoeften en drijfveren dezelfde. We spraken vaak over de grote levensvragen, over het hoe en waarom van het beeldhouwen, over de manier waarop je problemen oplost."

Die diepere verwantschap kwam ook tot uitdrukking in de belangstelling van de beide beeldhouwsters voor het soefisme, een beweging die ervan uitgaat dat alle godsdiensten uit één bron zijn voortgekomen. Vooral voor Van Pallandt betekende deze religieuze overtuiging veel. "Ze bracht veel tijd door met mediteren, omdat dan het onzienbare dichtbij komt en contact met de eeuwigheid mogelijk wordt." Maja citeert een spreuk van Inayat Khan, de stichter van de soefibeweging: "Gezegend is hij die in het leven zijn levensdoel heeft gevonden." Dat was het levensmotto van Van Pallandt." Maja is ervan overtuigd dat Charlotte in de beeldhouwkunst haar bestemming vond. "Ze leefde nogal teruggetrokken in haar atelier en ze was de laatste jaren soms neerslachtig. Als ze niet met beeldhouwen bezig was, zat ze te denken, te tekenen of bezocht ze haar vriend, de schilder Kees Verwey. Maar haar werk betekende alles voor haar. Ze is ook tot het laatst toe actief gebleven."

Inhalen

Van Pallandt had voor haar gevoel ook nog wat tijd in te halen. Ze kwam uit een adellijke familie en een opleiding aan een academie voor beeldende kunst was voor haar niet weggelegd. Meer dan schilderlessen nemen bij Albert Roelofs zat er niet in. Een carrière in de muziek -ook een passie van Charlotte- was door een handicap aan haar hand evenmin mogelijk.

In 1928 ontworstelde ze zich aan het milieu thuis en vertrok naar Parijs om zich helemaal aan de kunst te wijden. Steeds sterker voelde ze zich aangetrokken tot de beeldhouwkunst, daarbij geïnspireerd door de kunstenaar André Lhote. Vol overgave stortte Charlotte zich op haar werk. In een brief beschreef ze later: "Ik ben heel laat begonnen te beeldhouwen + moest kiezen mij geheel aan 't beeldhouwen te geven of gedeeltelijk met mensen om te gaan. Ik was niet sterk genoeg om alles te verenigen. Ik wilde mij geheel aan mijn werk geven of er niet aan beginnen -ik moest de tijd inhalen- werkte 's morgens, 's middags, 's avonds."

Geruststelling

Voor Maja was het een openbaring én een geruststelling dat zelfs iemand als Charlotte van Pallandt wel eens vastliep in haar werk. "Als me zoiets gebeurt, vertelde ze, dan grijp ik altijd terug op mijn begintijd. Dan ga ik dingen doen die ik wel kan, modeltekenen bijvoorbeeld. Dan ontstaan er vanzelf weer nieuwe wegen. Dat heb ik altijd een heel goede raad gevonden. Een opmerking in een klein moment gedaan kan soms van grote betekenis zijn."

(Werk van Charlotte van Pallandt is tot en met 26 augustus te zien in Kasteel Het Nijenhuis in Heino/Wijhe. Informatie: 0572-391434 of www.museumhsf.nl.)

Dit artikel werd u aangeboden door: Reformatorisch Dagblad

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van maandag 2 juli 2001

Reformatorisch Dagblad | 13 Pagina's

Met Charlotte van Pallandt naar Italië

Bekijk de hele uitgave van maandag 2 juli 2001

Reformatorisch Dagblad | 13 Pagina's