Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Een halve prijs voor Porto

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Een halve prijs voor Porto

Culturele hoofdstad biedt barokke kerken, kippen aan een touw en een geur van zeep

9 minuten leestijd

Kerk na kerk kom je in Porto tegen. Meest druk-barokke bouwwerken, daterend uit een van Porto's bloeitijden. Alleen de kathedraal wijkt af. Vanbuiten lijkt ze een kasteel, binnen, met de rug naar het altaar, sta je in een romaanse kerk. Een verademing. De tweede stad van Portugal, dicht aan de Atlantische Oceaan, is met Rotterdam Europa's culturele hoofdstad van dit jaar. Maar verdient ze dat?

Een kennismaking met een onbekende oude stad start wat mij betreft het liefst bij de kathedraal. Dit vaak dominante bouwwerk vormt niet voor niets het hart van een stad en bepaalt het gezicht ervan. Vroomheid en verleden tref je er. De grote kerk van Porto valt een beetje tegen. Grandioos -een aanduiding uit een reisgids- zou ik haar niet willen noemen. Bij de eerste ontmoeting op een granietplateau hoog in de stad rijzen zwaar en streng twee torens en kantelen op in de mist. De twee toegangsdeuren blijven dicht, maar vijf minuten later gaan ze -verrassing!- toch open.

Het godshuis is niet heel groot, zijn barokke altaar afschuwelijk. Met de rug naar het ingewikkelde, goudspattende houtsnijwerk voor in de kerk heb je een betere ervaring. Romaanse rust valt dan op je. Op het orgel achterin begint een orgelstudent zowaar een triosonate van Bach te spelen. Hij vecht met hangers, een gevolg van het vochtige weer. Aangenaam rustig doen ook de verscholen kloostergang en kapel naast de kerk aan. Een legende vertelt dat priesters zich er ooit verborgen voor de soldaten van Napoleon.

Vergeleken met de andere kerken in de stad is de kathedraal een mild exemplaar. Bijna alle kerken zijn met een veelvoud van het kathedrale goud versierd. Zware barok valt telkens weer op je. Zonder de uitbundigheid van de Italiaanse architect Nicolau Nasoni hadden Porto's kerken misschien meer verstilling gewerkt.

Rode daken

Porto in maart heeft een aangename temperatuur. Een jas heb je niet nodig. Een meisje in de kathedraal klaagt over de mist die nu al de hele winter over de stad zou hangen. "We hebben maar twee mooie weken gehad, in februari", zegt ze. Vorige week maandag moet voor haar een verrassing zijn geweest, want het weer was fantastisch. Ineens blijkt de informatie in de reisgids te kloppen: op het plateau voor de kathedraal heb je een mooi uitzicht over de stad.

Beneden zie je de rode daken van de Barredo, een oude volkswijk die tegen de heuvel ligt. De buurt is een doolhof van schilderachtige pleinen, straatjes en steegjes. Ooit is het een Joodse wijk geweest; in de Rua Santana stond in de veertiende en vijftiende eeuw een synagoge.

De Barredo is even karakteristiek als de Ribeira, de middeleeuwse benedenstad met haar even grote wirwar aan smalle straatjes, arcades en binnenpleintjes. Vroeger was dit het centrum van de stad, nu vind je er arbeiders, herbergiers en een kapper die in de deuropening de baard van een klant scheert. Het is een echte volkswijk, met spelende kinderen op straat, loslopende honden, kippen aan een touw en de geur van zeep. Om het andere huis leunt een vrouw ergens boven uit een raam. In Porto is het niet alleen op maandag wasdag; de hele week loop je in steegjes onder volle drooglijnen door. Veel van de smalle, hoge huizen zijn niet zo lang geleden gerestaureerd; de gekleurde azulejos (tegels) en de pastel gepleisterde ramen zien er weer fris uit.

De hele stad lijkt aan een restauratieprogramma onderworpen te zijn. Porto is momenteel één grote bouwput. Huizen staan in de steigers, het monument van de beroemdste zoon van de stad, Hendrik de Zeevaarder, staat ingepakt en tal van straten zijn opgebroken. Zelfs het nationale museum (Museu Nacional Soares dos Reis) is wegens verbouwing gesloten. De stad lijkt in een opgewonden opmaakfase te verkeren, ongetwijfeld om komende zomer een stroom van gasten te kunnen ontvangen.

Bruggen

Eigenlijk boft de stad met haar verkiezing tot Europese culturele hoofdstad van dit jaar. Het oude centrum leeft op en allerlei achterstallig onderhoud wordt uitgevoerd. En dat allemaal met een grote zak Europese munten.

Bovendien krijgt Porto een door de bekende Nederlandse architect Rem Koolhaas ontworpen muziekhuis, het "casa da música". Het nieuwe, futuristische onderkomen van Porto's orkesten en operavereniging is het paradepaardje van de organisatie van dit jaar. De fundering voor Koolhaas' bouwwerk is nog niet gelegd, maar het moet Porto's trots worden. De Rotterdammer bedacht een kristalachtig gevormd gebouw met een dakterras dat uitzicht over de stad biedt.

Het is goed dat de stad zich uitslooft om mooi voor de dag te komen. Dan nóg blijft de vraag of Porto het predikaat culturele hoofdstad verdient. Of is het misschien een manier om de stad een 'uplift' te geven en haar (weer?) op de toeristische kaart te zetten?

Porto heeft ontegenzeggelijk charme. Wat mij betreft meer dan Rotterdam. Al is de Maasstad-skyline indrukwekkend en mag Delfshaven er zijn, het Portugese stadje hoeft niet krampachtig allerlei culturele activiteiten op touw te zetten om er wat van te maken. Vanaf de 'nieuwe' stad Vila Nova de Gaia, aan de overkant van de Douro, krijg je bijna niet genoeg van het zicht op het historische centrum aan de overkant. De stad klimt er weer omhoog, presenteert zich in aardetinten en tussenin passeren schepen langzaam de stad.

Diverse bruggen geven een directe verbinding met de overkant. Begin negentiende eeuw vonden naar verluidt 6000 mensen daar de verdrinkingsdood toen ze massaal via een pontonbrug probeerden te ontkomen, op de vlucht voor Napoleons leger. Nu overspannen ranke, hoge bruggen de rivier. Wie vanaf de kade kijkt, ziet speelgoedgrote voertuigen langzaam over de Dom Luis-brug rijden. In dit ontwerp van Gustave Eiffel zie je de Parijse toren liggend terug.

Napoleon

Een stad met een rivier en bruggen, daar kun je nauwelijks omheen. Maar een culturele hoofdstad kan niet zonder historie. Daarover beschikt Porto natuurlijk ook. In de Middeleeuwen groeide Porto uit tot vesting en bisschopsstad, met nederzettingen en een burcht op de heuvel waar nu de kathedraal staat. De overzeese ontdekkingsreizen van Portugal naar Brazilië en India legden ook Porto geen windeieren. De stad beleefde een gouden eeuw, waarvan nu nog sporen zijn te zien in de rijk gedecoreerde architectuur van de late gotiek. De welvaart bereikte zijn hoogtepunt met de achttiende-eeuwse barok.

Nieuwe zegeningen bracht paradoxaal genoeg de periode van invasies door legers van Napoleon, tussen 1808 en 1814. De vrijhandelsovereenkomst met Engeland -portwijnhandel- bezorgde de stad weer bloei. Uit die tijd stammen de grote gebouwen in neoklassieke stijl, beïnvloed door de Engelse kolonie in Porto.

Intussen deed Porto zelf in de negentiende eeuw ook van zich spreken. De liberale opstand in de stad in 1820 mondde uit in een ware burgeroorlog, die het hele land teisterde. Het resulteerde in een nieuwe grondwet en onafhankelijkheid voor Brazilië. Vervolgens vochten twee broers in de Douro-stad om de macht: de liberaal Pedro IV en de absolutist Miguel. De eerste won.

Een liberale en progressieve naam heeft de stad gehouden. De burgers bogen graag op hun lange strijd voor burgerrechten, én op de uitspraak van koning Pedro IV, die de stad in 1832 prees als "edel, onoverwinnelijk en altijd loyaal." Intussen staat Porto ook bekend als arbeidersstad, met een traditionele dynamiek van bourgeoisie en een druk sociaal en cultureel leven.

Rozenkransen

De talloze mooie blauwwitte tegeltableaus in de stad zijn een erfenis van het verleden en verheerlijken de geschiedenis tegelijkertijd. Talloze huizen zijn ermee versierd. Het indrukwekkendst is wel het hoofdstation. Het bouwwerk uit 1916 verkeert nog in originele staat. Rondom zijn de wanden van de centrale hal bewerkt met azulejos met afbeeldingen van transportmiddelen en de geschiedenis van het vervoer, met scènes van landelijke feesten en historische taferelen.

Zou de stad geen noemenswaardige geschiedenis hebben, dan noemt een heel land zich niet naar een enkele stad. In pre-Romeinse tijd heette de nederzetting aan de Douro Cale; de Romeinen maakten er Portus (haven) Cale van en uiteindelijk is heel Portugal naar deze stad genoemd. Het is ook niet 's lands minste plek: Porto is het centrum van het noorden en na Lissabon de belangrijkste Portugese stad.

Het meest kan Porto misschien nog bogen op een rooms-katholiek verleden. De stad laat een grote concentratie van kerken, kapellen, kloosters en andere gewijde plaatsen zien. Tussendoor passeer je winkels met heiligenbeelden, iconen, rozenkransen en crucifixen. De godsdienstig geïnspireerde kunst loopt van de winkels voor religieuze kunst over in de vaak kleine sieradenwinkels waarmee de stad lijkt vergeven. Ook daar kruisen en Christussen, maar dan van edele metalen. Verder veel ragfijn geborduurd goud- en zilverdraad in godsdienstige en naturalistische motieven: bladeren, bloemen, vogels of middeleeuwse zeilscheepjes. Religiositeit voor de Portugees.

Grand café

Wie de zoete godsdienstigheid of drukke barok wil ontvluchten, kan zich terugtrekken in twee panden die de moeite van het bezoeken waard zijn, een boekhandel en een café. De twee gaan min of meer schuil in winkelrijen. Een uitgever van belangrijke Portugese naslagwerken stichtte in 1869 een beroemde boekhandel, die nog in oude staat verkeert. Rust en boeken vind je in het indrukwekkende, neogotische pand aan de Rua das Carmelitas. Wenteltrappen, een gedecoreerd plafond, art nouveau-snijwerk en -last but not least- boeken tot aan het plafond blijven boeien.

Hetzelfde is het geval aan de Rua Santa Catarina (nr. 112). Een betere plaats voor koffie dan het Majestic Café is er in de stad niet. In het grand café bespraken ooit kooplieden hun zaken, vermaakten aristocraten zich aan de biljardtafel en genoten dames in een andere ruimte van thee of een ijsje. Ook dit pand heeft een art nouveau-interieur -spiegels, kroonluchters, met leer bekleed meubilair- en biedt een prima gelegenheid voor pauzeren.

Behalve dat Porto geschiedenis heeft, is de stad ook nu nog een bedrijvig centrum - wat mij betreft een andere voorwaarde voor een echte culturele hoofdstad. De diverse pleinen zijn vol leven, op straathoeken worden kastanjes gepoft, aan de Douro bespreken mannen het leven en vanuit de bovenramen houden vrouwen de straat in de gaten. In de niet-overdekte markthal van Bolha~o (Ruas Fernandes Tomás) kijk je je ogen uit. Kleine, kreukelige oude vrouwtjes verkopen er hun waren: gedroogde en verse vis, groenten, leren tassen en planten. Levende kippen kun je er ook krijgen. Niet op terrasjes, maar híer leeft de stad. Opvallend is trouwens het respect dat ouderen krijgen.

Periferie

Al pleiten de geschiedenis, de uitstraling en de levendigheid van Porto er misschien voor, toch ik ben niet volledig overtuigd dat Porto het label van culturele hoofdstad verdient. Het is absoluut de moeite waard om de stad te bezoeken, maar de Douro-stad mist de grandeur van München, het karakter van Lucca, de middeleeuwse historie van Praag, de onuitputtelijkheid van Rome... Het lijkt erop dat we na zoveel jaren met culturele "capitals" -vorig jaar hadden we er maar liefst negen- belanden bij de perifere steden. Als Porto dit jaar hoofdstad is, waarom niet Deventer -vooruit, Groningen- volgend jaar?

Dit artikel werd u aangeboden door: Reformatorisch Dagblad

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van maandag 19 maart 2001

Reformatorisch Dagblad | 18 Pagina's

Een halve prijs voor Porto

Bekijk de hele uitgave van maandag 19 maart 2001

Reformatorisch Dagblad | 18 Pagina's