Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Vereende krachten voor verkrachte eenden

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Vereende krachten voor verkrachte eenden

Hulpcentrum wilde dieren Limburg ontfermt zich over slachtoffers van bruut geweld

5 minuten leestijd

De eerste slachtoffers van brute verkrachting zijn alweer binnen, de echte hausse moet nog komen. "Het broedseizoen begon dit jaar laat." Het leed van de wijfjeseenden die door zes, tien of nog meer woerden worden besprongen, wordt mede veroorzaakt door de mens. "Voederen leidt tot verveling en verveling tot verkrachting."

De oude limonadefabriek De Molenbron aan de Beekstraat in het Limburgse dorp Limbricht heeft, wat de gevarieerdheid van bewoners betreft, iets weg van de ark van Noach. Zij het dat de dieren die er wonen, vaak allesbehalve gaaf zijn en zeker niet twee aan twee binnenkwamen. Bijna alle bewoners hebben een akelige voorgeschiedenis.

De stichting Hulpcentrum voor wilde dieren Limburg doet officieel aan opvang van gedomesticeerde dieren, maar het aantal bewoners uit het wild is misschien wel in de meerderheid. In een grote doos met plastic deksel zit een nest jonge, wilde konijnen. Die kwamen tevoorschijn toen de gemeente Sittard in een plantsoen begon te woelen.

In een van de kamers op de bovenverdieping huist een grote witte knobbelzwaan. De gebroken vleugel die hij opliep bij een ongelukkige landing, werd op een vorig opvangadres fout gezet. Oda Ploem (41), hoofd dierenverzorging van de stichting Dierenambulance Centraal-Limburg, gaat nu met hem naar de dierenarts om het afhangende stuk vleugel te laten afzetten. Dan kan hij als definitief gekortwiekt exemplaar in een rustig park zijn verdere dagen slijten.

Naast de zwaan huizen drie prairiehonden. "Zoals ze die bananendozen in hun hok in een dag totaal versnipperen, slopen ze bij mensen thuis het bankstel", zegt Paul van Burink (47). Prairiehonden zijn geen huisdieren, al levert de handel ze graag. "Misdadig is dat. Wij kijken vaak rond in de dierenhandel, dan zien we wat voor dieren we over drie maanden kunnen verwachten. Daar kopen we het speciale voer bij wijze van spreken al voor in."

Van Burink scharrelt met veel ijver en ondanks veel tegenwerking van autoriteiten de fondsen bijeen om de stichting -met zestig vrijwilligers in dienst- draaiend te houden. "Voor de meeste overheden is het werk dat wij doen een doorn in het oog. Ongeveer alles wat hier binnenkomt, zo'n 2200 dieren per jaar, zou volgens de officiële regels moeten inslapen. Nee, we tuttelen niet aan beesten die ten dode zijn opgeschreven, maar we nemen wel de zorg op ons voor dieren die -vaak door de mens- in nood raakten en te redden zijn. Bijna alle dieren worden na een periode hier weer uitgezet."

Oda Ploem startte bijna tien jaar geleden met egelopvang, een bezigheid die uitgroeide van 53 egels per jaar toen tot 450 per jaar nu. "Mensen weten ons steeds beter te vinden. We krijgen inmiddels de zieke, gewonde, verstoorde, halfverdronken en aangereden egels uit heel Midden-Limburg binnen."

Een heel bijzondere categorie in de voorjaarsopvang vormen de eenden. Onder een warme lamp scharrelen acht kuikens waarvan de moeder op de A2 werd doodgereden. Een nabijgelegen vertrek dient als opvang voor de verkrachte vrouwtjeseenden die rond deze tijd beginnen binnen te komen. "Omdat de broedtijd dit jaar laat inzette, komt de stroom pas nu een beetje op gang."

Ploem legt uit hoe de brute verkrachtingstaferelen ontstaan. "De mannetjeseenden horen de hele dag bezig te zijn met het zoeken naar voedsel in hun eigen gebied. Werken, zoeken, verwerken. Zolang ze daarmee druk zijn, hebben ze weinig aandacht voor de vrouwtjes. Als die eenmaal zijn gedekt en op een nest met eieren zitten, is het gedaan met de seks. Ook in de periode dat de vrouwtjes de jongen groot brengen, wordt er niet gedekt. Dat gebeurt in het wild pas weer als er een tweede legsel komt."

Deze van nature evenwichtige situatie loopt in stadsgrachten en buurtsingels, door beïnvloeding van de mens, helemaal in het honderd. "Mensen brengen de eenden massaal brood, want dat is onderdeel van de Nederlandse cultuur. Oma's gaan met de kleinkinderen eendjes voeren. Brood is sowieso fout voedsel voor eenden. In de winter zouden ze eventueel mogen worden bijgevoerd met granen, maar in de zomer moeten ze per se niets krijgen. Nu krijgen ze brood, dat de eenden vetmest, lui maakt en daarmee verveling bezorgt. Bovendien verziekt het vele brood vaak het water. De natuurlijke algen- en plantengroei loopt spaak, het waterleven gaat dood."

Een vervelende bijkomstigheid is dat de eendenmoeder in zo'n kunstmatige situatie vaak snel al haar jongen kwijtraakt, onder andere door uitgezette roofvissen of door de reigers die steeds meer oprukken richting bewoonde wereld. "De moeders die even van het nest afkomen om te baden en te eten, of de vrouwtjes die van hun jongen zijn beroofd, worden onmiddellijk het slachtoffer van de alom aanwezige woerden, die maar één ding willen." Ze worden besprongen door zes, acht of tien mannen tegelijk en na elkaar. "Veel van die vrouwtjes verdrinken of raken zodanig gewond en uitgeput dat we ze meer dood dan levend binnenkrijgen. Soms zijn ze twintig keer achter elkaar gedekt", zegt Ploem.

Dat de getalsverhouding tussen mannen en vrouwen verstoord is, weerspreekt ze. "Uit de eieren komen evenveel woerden als vrouwtjes. Elk vrouwtje heeft één partner en vaak nog een minnaar. Dat er in het voorjaar meer mannen te zien zijn, komt doordat de vrouwtjes op verborgen plaatsen aan het broeden zijn."

De boodschap die Ploem er graag zou inheien bij alle Nederlanders is: "Stop met eendjes voeren. Laten scholen dat ook doorgeven. Dan kan binnen één generatie het probleem zijn opgelost, en kan het natuurlijk evenwicht zich herstellen. Dat betekent wel dat er minder eenden komen, maar dat is niet erg. De duiven in Amsterdam zijn ook een kunstmatig opgewekte plaag."

Dit artikel werd u aangeboden door: Reformatorisch Dagblad

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 14 mei 2002

Reformatorisch Dagblad | 20 Pagina's

Vereende krachten voor verkrachte eenden

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 14 mei 2002

Reformatorisch Dagblad | 20 Pagina's