+ Meer informatie

Verschil tussen diabetes mellitus type I en II

5 minuten leestijd

Deze keer zijn er enkele praktische vragen aan de orde over suikerziekte, diabetes mellitus, een ernstige, veel voorkomende aandoening, waaraan in Nederland meer dan 270.000 mensen lijden. Bij veel oudere mensen wordt suikerziekte bij toeval ontdekt, zonder dat er bijzondere klachten zijn, bij voorbeeld tijdens een keuring. Bij kinderen en jonge volwassenen zijn de verschijnselen vaak zeer heftig: dorst en veel plassen staan op de voorgrond. De geproduceerde urine is zoet. Diabetes betekent in het Grieks doorloop, mellitus is Latijn en betekent honingzoet.

Suikergehalte
Vroeger werd de diagnose gesteld op het vóórkomen van suiker in de urine. Dit is echter een onbetrouwbare methode, want er zijn ook mensen die suiker in de urine hebben zonder dat ze lijden aan diabetes. Daarom is de bepaling van het bloedsuikergehalte de enig juiste methode om diabetes vast te stellen. Wat zijn de normale waarden van het suikergehalte in het bloed? Tegenwoordig hanteert men de volgende getallen: de nuchtere waarde (nadat de patiënt 8 uur niets gegeten of gedronken heeft) is kleiner of gelijk aan 5,5, boven de 6,7 is er sprake van suikerziekte. Ook kan het gehalte bepaald worden twee uur na de hoofdmaaltijd. Dan gelden de volgende waarden: kleiner of gelijk aan 7,7 geen suikerziekte, boven 11,1 wèl diabetes. Bij waarden hiertussenin heeft iemand nog geen diabetes mellitus, maar kan dit in de toekomst wel krijgen. De ziekte is latent aanwezig, zeggen we dan,

Geen insuline
Bij mensen met diabetes is er iets mis met de opname van glucose (suiker) in de cellen. Glucose is een belangrijke brandstof voor de , cel. Bij het opnameproces speelt het hormoon insuline een essentiële rol. Er kunnen twee redenen zijn waarom glucose niet in de cel wordt opgenomen: öf het lichaam is niet in staat insuline te maken öf de lichaamscellen zijn onvoldoende gevoelig voor insuline, het kan niet effectief genoeg werken. In het eerste geval spreken we van type 1 diabetes, in het tweede geval van type II. Type I is het meest gevreesd. Het wordt ook wel insuline-afhankelijke diabetes genoemd. Vroeger werd de term jeugddiabetes vaak gebruikt, omdat het vooral op j onge leef tij d ontstaat. Insuline wordt geproduceerd door de alvleesklier (pancreas), die bij het stijgen van de bloedsuikerspiegel geprikkeld wordt om mede insuline af te geven. Insuline zorgt ervoor, dat glucose uit het bloed in de cellen kan worden opgenomen. Waarom de alvleesklier bij sommige mensen onvoldoende insuline produceert, is niet bekend. Het is mogelijk, dat iemand antistoffen tegen eigen alvleesklierweefsel maakt, zodat er beschadigingen ontstaan. Ook gaan de gedachten uit naar een virusinfectie, die dit orgaan kan aantasten. Type I is alleen te behandelen met insuline-injecties. Vroeger waren de vooruitzichten erg slecht. Dankzij hetbeschikbaar komen van heel zuivere insulinepreparaten is een goede regeling van de bloedsuikerwaarden mogelijk. Niet alleen verdwijnen de klachten hierdoor heel snel, maar ook is de kans op complicaties op de lange termijn veel minder groot. Men streeft ernaar om met behulp van insuline-injecties het suikergehalte de hele dag beneden de 8 te houden.

Overgewicht
Bij type II, ook wel ouderdomsdiabetes genoemd, is het lichaam wèl in staat om insuline te maken, maar in verhouding te weinig. Erfelijkheid is een belangrijke factor bij het ontstaan van dit type, veel meer dan bij type I. Overgewicht speelt een grote rol bij het tot uiting komen van diabetes type II bij iemand die er aanleg voor heeft. Afvallen is dan ook de eerste maatregel die getroffen moet worden bij het behandelen van ouderdomsdiabetes. Door vermagering neemt niet alleen de behoefte aan insuline af, maar worden de lichaamscellen er ook gevoeliger voor. Lichamelijke en geestelijke stress en medicijngebruik (plaspillen!) kunnen er, naast overgewicht, ook voor zorgen, dat er op een gegeven moment ouderdomsdiabetes ontstaat. De behandeling van type II diabetes berust, naast het normaliseren van het gewicht, op het geven van tabletten die stoffen bevatten die de alvleesklier stimuleren om meer insuline te gaan maken. Het primaire doel is om de klachten te doen verdwijnen. Bij oudere mensen zijn we wat minder streng als het gaat om het bloedsuikergehalte. Met waarden rond de 10 a 12 na de maaltijd zijn we al tevreden. Bij mensen meteen bloedsuiker in het grensgebied blijft controle noodzakelijk. De tijd zal leren of er diabetes ontstaat.

Dieet
Ten slotte is er nog een vraag over het houden van een dieet. De dieetadviezen zijn veel minder streng dan vroeger. Toen was een gebakje uit den boze. Tegenwoordig mag de patiënt best eens smokkelen, als hij er maar op let dat een bepaalde hoeveelheid koolhydraten niet overschreden wordt. Via diëtisten zijn zogenaamde koolhydraatvariatielij sten verkrijgbaar, waarmee verschillende voedingsmiddelen met eikaar vergeleken kunnen worden. Ik ben mij ervan bewust lang niet alle vragen op het gebied van de diabetes mellitus beantwoord te hebben. Wellicht zijn er lezers die er meer van willen weten. Een heel goed boek vind ik ' 'Suiker'' uit de serie "Mondig ziek zijn" van de uitgeverij Bohn, Scheltema & Holkema te Utrecht. Natuurlijk is er ook nog de Diabetesvereniging Nederland, een grote patiëntenvereniging met bijna in iedere plaats een afdeling. Voor iemand met diabetes is het zeer zinvol hier lid van te worden. Het adres is: D.V.N., Postbus933, 3800 AX Amersfoort, tel. 033-630566.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.