+ Meer informatie

academicus,

3 minuten leestijd

De onturikkeling van het wetenschappelijk onderwijs in de twintigste eeuw heeft er toe geleid, dat het aantal academici op de arbeidsmarkt is toegenomen van 10.000 in 1900 tot 108.000 in 1974. Het aantal studenten aan Nederlandse universiteiten groeit met tien procent per jaar.

Dit betekent dus eens in de zeven jaar een verdubbeling van de student'enbe
volking. Een en ander blijkt uit het rapport van een aantal deskundigen, die in opdracht van staatssecretaris dr. G. Klein (Onderwijs en wetenschappen) een onderzoek hebben ingesteld naar de arbeidsmarkt voor academici. Deze terreinverkenners, onder leiding van professor J. J. J. Dalmulder hebben uitgerekend, dat er omstreeks 1990 voor 120.000 afgestudeerden geen passend werk zal zijn. Dat is op de 300.000 academici, die er dan zullen zijn een perr centage van veertig procent. Tot het begin van de jaren zeventig waren er nauwelijks problemen met de opname van academici.

De toegang tot de universiteiten is al verscheidene jaren beperkt door de zogenaamde numerus fixus (beperking van het aantal studenten). Desgevraagd zei premier Den Uyl dat de studentenstop er niet is om de belangstelling voor het wetenschappelijk onderwijs af te remmen. De numerus ├╝xus is er, zo zei hij, terwille van de beperkte capaciteit van enkele studierichtingen en niet om het aantal studenten af te stemmen op de maatschappij.

Als men vasthoudt aan de huidige opvattingen over de positie van de academicus (universitaire opleiding garandeert een hoog salaris) dan zal voor een ieder duidelijk zijn dat er in de komende jaren grote problemen verwacht kunnen worden. De samenstellers van het rapport wijzen er met nadruk op, dat het moeilijk is nu reeds vast te stellen hoeveel academici er omstreeks 1990 zullen zijn.

Is het aanbod al onzeker, nog vager zijn de berekeningen van de vraag naar afgestudeerden in de komende jaren. Het is niet zo, dat iedere studierichting tot een overweldigend overschot leidt. Er zijn nog verschillende opleidingen waarbij het overschot van afgestudeerden minimaal is. Het is onvermijdelijk dat de onderzoekers schattingsfouten hebben gemaakt.

Met het oog op de arbeidsmarkt en vanuit sociaal-economisch gezichtspunt gezien vragen de deskundigen zich af of het wel gewenst is het aantal deelnemers aan het voortgezet en wetenschappelijk onderwijs onverminderd te laten groeien. Het zal de studenten duidelijk gemaakt moeten worden dat het van oudsher bestaande verband tussen opleiding en de hoogte van het inkomen doorbroken moet worden. -De commissieleden pleiten voor een openbare discussie over andere dan economische doelstellingen in het onderwijs. Hierbij wordt gedacht aan de vorming en de persoonlijke ontplooiing van de mens, welzijnseisen van de samenleving en voortzetting van de cultuur.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.