+ Meer informatie

Magneetmeter legt hersenacties bloot

4 minuten leestijd

ENSCHEDE — Een paar uur voor de persconferentie lag professor Rogalla nog bij de cardioloog op tafel. „Alles okee", deelt hij onmiddellijk ter geruststelling mee. Maar het duurde hem daar te lang. Als het aan Rogalla ligt, heeft elke huisarts over een jaar of vijf een handig en klein apparaatje voor dat soort controiewerk. Dat wordt dan een apparaat dat reageert op het magnetisch veld dat iedereen rijk is.

Een flinke portie ergernis, een paar felle kleuren of een forse dosis geluid: allemaal dingen waar de hersenen het erg druk mee kunnen hebben. Doen zich zulke omstandigheden voor, dan ontkomt niemand aan een opleving van de sterkte van zijn magnetisch veld. Niet dat een kompasnaald daar nu van in de war raakt. Magnetische velden van de hersenen zijn uiterst zwak: een miljoen tot een miljard keer zwakker dan dat van de aarde. Er is daarom uiterst gevoelige apparatuur nodig om de activiteit van de hersenen (of andere menselijke organen) te meten. De apparatuur moet bovendien in een zeer goed afgeschermde ruimte staan, om te voorkomen dat bij voorbeeld het magnetisch veld van de aarde storingen veroorzaakt.

Huisje

Vorige week vrijdag nam het Biomagnetisch Centrum Twente (BCT) aan de Technische Universiteit Twente (UT) de nieuwe apparatuur voor dat soort onderzoek in gebruik. Projectleider Rogalla spreekt graag van „ons huisje". De laatste nieuwbouw van de UT staat in het weiland in een hoekje van de uitgestrekte campus. „Om naar de magneetwerking van hersens te kijken, moet je de magneetwerking van auto's, fietsen en dergelijke zo goed mogelijk afschermen", verklaart de projectleider. Daarom is de twaalf vierkante meter grote kamer waarin de apparatuur is opgesteld aan de binnenkant bekleed met zogenaamd mu-metaal, een nikkel-ijzer-legering. Een kostenpost van acht ton, weet Rogalla.

De fundering kreeg ook speciale aandacht. De cabine is geplaatst op een blok beton van ongeveer vijftien ton, dat inclusief cabine door een luchtveer-systeem van de rest van de fundering gescheiden kan worden om eventuele trillingen uit de omgeving te dempen. Om ongewenste magnetische effecten te voorkomen is het betonblok gewapend met glasvezelkabels in plaats van metaal.

Stroompjes

Hersenactiviteit meten is in veel ziekenhuizen dagelijks werk. Met EEG-apparatuur (elektro-encefalografie) wordt dan gekeken naar de elektrische stroompjes die de hersenen produceren. Dat gebeurt als ze geprikkeld worden door bij voorbeeld beelden, geluid of pijn. Het waarnemen van de hersenactiviteit via elektrische stroompjes wordt beperkt door de diepte van de activiteit: weefsel werkt verstorend.

Waar elektrische activiteit is, zoals in de hersenen en het hart, is ook een magnetisch veld. Dat is waar te nemen met magneto-encefalografie (MEG). Het magneetveld wordt niet gehinderd door schedel of weefsel. De UT beschikt sinds vorige week over een magneetmeter die met negentien sensoren in één 'blik' een groot deel van de hersens in beeld brengt. Met grote nauwkeurigheid -Rogalla spreekt van kubieke millimeters- kan daarmee vastgesteld worden welk gebied in de hersenen verantwoordelijk is voor de activiteit.

Experimenteel

„Het onderzoek zal eerst duidelijk van experimentele aard zijn", benadrukt de projectleider. „Er zijn zoveel signalen, we moeten eerst maar eens goed gaan bekijken wat we nu allemaal zien". Rogalla wil beslist niet in de krant hebben dat er binnenkort voor patiënten allerlei mogelijkheden zijn. Voorlopig staan de onderzoekers te dringen om allerlei experimenten te doen. „We hebben nu al moeite met het indelen van de beschikbare tijd".

Maar welke mogelijkheden ziet Rogalla met die onderzoekers op termijn? „Met de informatie van een MEG moét het mogelijk zijn om bij voorbeeld heel nauwkeurig de plaats te bepalen van implantaten voor verdoving. En bij epilepsiepatiënten moeten we veel beter kunnen localiseren waar het probleemgebied ligt". Vanuit een onderzoekcentrum in het Duitse Erlangen bestaat er veel interesse, weet hij. „Ze kunnen nu ongeveer dertig patiënten per jaar opereren en er zijn naar schatting tussen de duizend en vijfduizend mensen die geholpen willen worden". Foetusonderzoek is volgens de Twentse hoogleraar een ander interessant gebied. „De elektrische activiteit van moeder en kind zijn heel moeilijk te scheiden maar voor de magnetische activiteit is dat geen probleem".

Toekomst

„Maak het zo goedkoop en gebruikersvriendelijk mogelijk, zodat elk normaal ziekenhuis de apparatuur kan gebruiken", vindt. Rogalla. Nu kost een magneetmeter met negentien sensoren eén slordige vijf miljoen gulden. „We verwachten over enkele jaren een simpel systeem te hebben, dat niet alleen geschikt is voor kleine ziekenhuizen maar ook bij artsen is te installeren". En dan hoef je voor een routinecontrole van je hart niet meer naar de cardioloog. „Eerst alles bevestigen, dan nog tien minuten voor de metingen, je bent zo een halfuur kwijt. Dat moet straks met een apparaatje gewoon zo kunnen". Rogalla zwaait zijn multomap tegen zijn en legt hem weer op tafel.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.