+ Meer informatie

Onze beelden van God

4 minuten leestijd

Een beeld van God maken. Dat doen we niet in letterlijke zin. Maar welk beeld hebben wij in onze gedachten van Hem? Het beeld dat de Schrift ons tekent, of hebben wij onze eigen voorstelling van Zijn toorn. Zijn hefde?

Van degenen die de kerk verlaten zijn er verscheidenen die als reden daarvoor noemen, dat zij zijn opgegroeid in een omgeving waarin over God werd gesproken als louter een God van gericht en toorn. In de loop der jaren zou zoveel verbittering en weerstand zijn gegroeid, dat ten slotte met de kerk werd gebroken. Daarnaast kennen we allen de uitspraak: Als God nu liefde is, hoe kan dan...? In al deze gevallen is de vraag in het geding welk beeld van God wij hebben. Wat denken wij van de deugden, de eigenschappen van God? En een stap verder: Leef ik niet met een waanbeeld, een verkeerd beeld van God?

Onbijbels
Hier komen we tot verschillende ingrijpende vragen. We hebben te maken met het tweede gebod, waarin de Heere ons het maken van een beeld verbiedt. Toegegeven, wij maken niet een beeld van God zoals Israël dat deed in het gouden kalf. Maar wat te denken van een geestelijke beeldendienst, het maken van onbijbelse voorstellingen in onze gedachten? Zijn mijn gedachten over de rechtvaardigheid van God wel bijbels? En ga ik in het spoor van het Woord wanneer ik hoor en spreek van de liefde van God? Het kan gebeuren dat je een gesprek hebt met iemand over geestelijke vragen en dat je elkaar maar moeilijk of helemaal niet verstaat. Soms rijst de vraag: Spreken we wel over dezelfde God? Hebben we niet een totaal verschillend beeld van God? Hoe gemakkelijk stellen wij ons God niet voor op onze eigen wijze, anders dan Hij Zich bekend maakt in Zijn Woord, en dienen Hem dan ook dienovereenkomstig! We spreken dan wel over eigenwillige godsdienst. Het getuigt niet van wijsheid en zelfkennis als ik meen dat ik me daaraan niet schuldig zal maken. Alsof ik het tweede gebod wel zou onderhouden...! Ook voor de opvoeding van onze kinderen heeft dit alles grote betekenis. In dit verband is het opmerkelijk dat juist bij het tweede gebod wordt gesproken van het derde en vierde en ook het duizendste geslacht!

Voorstelling
Aangaande de liefde van God kan de gedachte post vatten, dat Hij in een of andere vage goedheid wel tevreden over me is als ik m'n best doe, en het in ieder geval wel terecht komt met een handjevol godsdienst in m'n leven. Of de liefde van God is onbestaanbaar met het sterven van jonge kinderen vanwege honger. (Ik ontken niet dat hier geweldige vragen liggen.) Anderzijds kan bij de rechtvaardigheid van God gedacht worden aan het toornen en straffen van God als Zijn eerste en liefste werk. Kaïn zegt: „Mijn misdaad is groter dan dat zij vergeven worde." Of de rechtvaardigheid van God wordt gemaakt tot een blinde en menselijke willekeur. Ik kan leven alsof God blind is, alsof Hij in ieder geval bepaalde (verborgen) zonden niet ziet en bezoekt, of ook de moeite en het verdriet niet aanschouwt. Of ik koester het beeld van een God Die best buiten Christus om gediend kan worden. Ik kan mij een voorstelling van God maken waarbij het Hem ontbreekt aan almachtige handen. Of ik volhard in mijn pogingen om zelf een offer voor God aan te dragen, alsof Christus geen Hogepriester is bij Wie het ene volmaakte offer wordt gevonden. Wat kan het voor de mens -in iedere eeuw, maar zeker ook aan het einde van de twintigste eeuw- een aanstoot zijn, dat God ten enenmale niet zo is als wij vaak menen dat Hij moet zijn! Zelfs wanneer er geloof en bekering zijn, kan ik mij een verkeerd beeld vormen: „Mijn weg is voor de HEERE verborgen.

Meer kennis
Maar wordt nu de vraag niet heel klemmend: Leef ik niet met bepaalde (waan)beelden van God? Temeer klemmend omdat het niet om een kleinigheid gaat. Wat hebben wij het Woord en nog eens het Woord nodig, het onderwijs en de heerschappij van het Woord door de Heilige Geest! Juist op dit heel wezenlijke punt gaat het erom dat God God voor me wordt. Er zit in het geestelijk leven altijd een hunkering naar (meer) kennis van God. Als er één diep heeft nagedacht over God en over de deugden van God, is het Augustinus wel. Wat heeft juist hij intens gesmeekt om (meer) kennis van God! In de levende ontmoeting met God sneuvelen mijn zelfgemaakte beelden van God en vergaat mij de lust om God te willen doorgronden. Is dat soms geen ongekende zegen!? Het kan ook zo gezegd worden: Christus, Die het Beeld Gods is, is ook de grote Profeet en Leraar Die de Zijnen onderwijst. In Hem blijkt ten volle wat Gods rechtvaardigheid en barmhartigheid is. Dat wordt geleerd aan Zijn voeten! En wie Zijn verschijning liefkrijgt, gaat meebidden: O Zoon, maak ons Uw beeld gelijk!

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.