+ Meer informatie

Zo breed mogelijke steun als serieus uitgangspunt

Informateurs Lubbers en De Koning aan het werk

8 minuten leestijd

DEN HAAG — Oud CDA-fractieleider Lubbers en (demissionair) minister De Koning gaan samen proberen de weg te banen, die moet leiden tot een kabinet, dat „mag vertrouwen op een zo breed mogelijk steun in de volksvertegenwoordiging". Nadat koningin Beatrix beiden nog zaterdagavond had aangezocht, hebben zij gisteren hun plannen ontvouwd, hoe ze deze klus denken aan te pakken.

Alvorens de vorstin de beide CDA'ers had ontvangen, had zij nog gesprekken gevoerd met de leiders van de kleine (links en rechtse) fracties, Van der Spek (PSP), Bakker (CPN), mevr, Beckers (PPR), Van Rossum (SGP), Leerling (RPF) en Schutte (GPV). Daarmee waren de consultaties echter nog niet afgelopen, want vervolgens heeft de koningin nog enkele ministers van staat geraadpleegd, te weten mevr. Klompé, in vroeger jaren KVP-minister, mr. J. Burger, oud-fractieleider van de PvdA en minister in het Londense kabinet Gerbrandy II en dr. Ruppert, tot vorig jaar vice-president van de Raad van State.

De adviezen van de kleine partijen liepen nogal uiteen. Gaven de linkse partijen de vorstin de raad iemand te benoemen, die in hun kringen vertrouwen geniet teneinde een „zo progressief mogelijk" kabinet voor te bereiden, de fractieleiders Van Rossum, Leerling en Schutte lieten in hun advies uitkomen, dat zij niet enthousiast zullen zijn over een eventueel „rechts" minderheidskabinet. Van Rossum ging in zijn steun daaraan belangrijk minder ver dan Leerling en Schutte, die beiden deelneming aan een dergelijk kabinet zelfs niet uitsloten, hoewel de geschilpunten met CDA en VVD niet eenvoudig liggen. Van Rossum zei een dergelijke medewerking niet te zien zitten voor de SGP, omdat de levensbeschouwelijke verschillen te groot zijn.

Reeds eerder schreven wij, dat herhaling van de langdurige kabinetsformatie niet gewenst, ja onverantwoord zou zijn, gelet op de economische situatie, waarin het land verkeert. De aanpak van de problemen is zeker niet gemakkelijk, maar het landsbelang vraagt, dwingt tot handelen, snel handelen zelfs.

Eén mogelijkheid

Voor PvdA en D'66 ligt het gemakkelijk. Er is volgens Den Uyl en Terlouw maar één mogelijkheid en Lubbers en De Koning dienen uitsluitend te streven naar de vorming van een kabinet met steun van CDA, PvdA en D'66. Zo eenvoudig liggen de zaken voor hen! Zij kunnen op de „hartelijke medewerking" van de.PvdA rekenen, zo liet de PvdA-tractie reeds kort na de aanwijzing van de informateurs weten. Eigenlijk had de opdracht van de koningin moeten inhouden, dat alleen de richting van een drie partijenkabinet dient te worden ingeslagen. Terlouw was (is) dezelfde mening toegedaan. Simpeler kan het niet zijn voor de heren Lubbers en De Koning, stellen zij en dan valt over allerlei programmatische zaken te praten.

De informateurs zitten niet op deze lijn, want zij gaan eerst alle fractievoorzitters, ook van de kleine fracties, horen. Gisteren nog spraken zij met de „grote vier". Van Agt, Den Uyl, Wiegel en Terlouw en vandaag kwamen de „kleintjes" aan de beurt. Lubbers en De Koning vonden het niet zinnig om vóór dit eerste overleg een financieel-economisch plan te maken, maar zij wensten in eerste instantie te horen wat de belemmeringen tussen de partijen zijn wanneer het op samenwerking aankomt.

Dit betekent zoveel, dat de beide heren een open gesprek wilden over alle eventuele knelpunten, teneinde alles goed op een rijtje te kunnen zetten om daaruit conclusies te trekken voor hun arbeid in later stadium.

Niet te scheiden

Het is duidelijk dat — Lubbers stipte dit gisteren even aan — programmatische laielpunten en de politieke wil tot samenwerking nooit geheel van elkaar te scheiden zijn. De programmatische verschillen tussen CDA en PvdA achtte hij in dit verband belangrijk. Spitsen na deze eerste overlegronde de besprekingen zich toe op de „grote vier", dan zullen juist deze verschillen tot een oplossing moeten worden gebracht om tot elkaar te kunnen komen op basis van een gemeenschappelijk, voor allen aanvaardbaar program.

Hoewel het daarhéén moet, is het echter nog lang niet zo ver. De bel voor de laatste ronde om met Van Agt in zijn wielrennersjargon te spreken, luidt bij lange na nog niet. Tussen haakjes, hebt' ü gemerkt dat Van Agt in deze verkiezingstoumee in vergelijking met 1977, helemaal niet op zijn racefiets heeft gezeten en nergens in een wedstrijd heeft meegereden? Het mocht niet van de CDA-campagneleider (en van het bestuur). Laten wij eerlijk zijn: „Zo heb je een fiets en zo heb je niets" (met excuses aan de ANWB), want dat racen in de vorige verkiezingsstrijd heeft toch ook niet tot winst geleid.

Plan-Albeda speelt mee

Lubbers en De Koning zullen de fractievoorzitters een aantal vragen voor leggen om dan uit de antwoorden te kunnen opmaken waar de (belangrijkste) verschillen liggen, terwijl ook het plan-Albeda (een tienpuntenplan tijdens de verkiezingscampagne gelanceerd) daarbij aan de orde zal komen. Minister Albeda heeft bij het naar voren brengen van zijn ideeën in een verkiezingsrede verklaard, dat de partijen door de slechte economische toestand van ons land de plicht tot eensgezindheid hebben, ook al zijn de barrières anders en lastiger dan in de jaren vijftig, toen ook een her-industrialisatie van Nederland van de grond moest komen.

Het plan-Albeda heeft als belangrijkste punten het maken van een industrialisatieplan; internationale initiatieven op het gebied van het werkgelegenheidsprobleem, dat een internationaal vraagstuk is; meer inkomensmatiging, waar dit door iedereen wordt ingezien, hetgeen zou moeten inhouden het loslaten van het trendbeleid voor ambtenaren; voorts grotere medeverantwoordelijkheid van werkgevers en werknemers en tenslotte herziening van ons sociale verzekeringsstelsel en van de belastingwetgeving.

Den Uyl liet zich over dit plan vriendelijk uit, al is hij het zeker niet met alles eens, maar de VVD stemde direct in met Albeda's visionaire rondblik en in CDA-kring viel het eveneens goed. Het kan natuurlijk als basis voor een gemeenschappelijk program dienen, maar iji de uitwerking zal het ongetwijfeld problemen opleveren. Wij behoeven maar het woord kernenergie te noemen en iedereen begrijpt, dat het al of niet sluiten van de twee kerncentrales, die ons land rijk is, een uiterst gewichtig knelpunt wordt. PvdA en D'66 willen daar naar toe. D'66-Eerste-kamerlid prof. Glastra van Loon acht deze uitspraak van zijn partijcongres wel voorbarig, maar ze ligt er toch maar. De VVD denkt er niet aan om Borssele en Dodewaard te sluiten en in het CDA is de overgrote meerderheid voor het open-houden van de kerncentrales, maar loyalisten als (Hans) de Boer en Van Houwlingen (sorry, „loyalisten" bestaan nu niet meer) zijn er nog niet zo zeker van voor de toekomst.

Kruisraketten, ja of nee

Met de kernbewapening ligt het nog (veel) moeilijker. Den Uyl en Terlouw hebben steeds geroepen, dat bij de kabinetsformatie moet worden beslist over de plaatsing van kruisraketten op Nederlandse bodem. Eerstgenoemde zegt: weg met die dingen; Terlouw verklaart hetzelfde met een voorbehoud ten aanzien van de ontwapeningsbesprekingen, de VVD is voor plaatsing en het CDA wil uitstel tot december, wanneer de besprekingen tussen de Sovjetunie en de Verenigde Staten over stabilisatie van de in Europa aanwezige kernbewapening beginnen. Wat voor compromis. daarover uit de formatiebus zal rollen, weet nog niemand en degenen die erbij betrokken zijn, de fractieleiders, zien dit compromis ook nog niet.

Zo zouden er meer punten zijn te noteren. Geen verdere nivelering van inkomens, aldus Albeda, want de grens werd bereikt. Kom nou, reageert Den Uyl en diens partij, wij moeten naar een maximum van driemaal het netto-minimum en dan nog arbeidstijdverkorting er bovenop. Het zijn volgens Albeda formatiedromen, die niet uit (kunnen) komen, omdat er al genoeg aan koopkracht 'is ingeleverd en arbeids' tijdverkorting het verlies nog groter zal maken.

Er zijn nogal wat belemmeringen, zoals De Koning gisteren verklaarde, die moeten worden weggenomen, alvorens partijen tot samenwerking geraken.

Vóór 26 mei werd er een reeks uitspraken door lijsttrekkers en andere politici gedaan, die niet altijd evenveel getuigen van de wil tot samenwerking. Wij geloven, dat Van Agt gelijk had, toen hij na het bekend worden van de uitslag zei, dat heel wat woorden dienen te worden teruggenomen, wil er van een geslaagde kabinetsformatie sprake zijn.

Doorbraak toch nodig

Nu is het niet de bedoeling van de informateufs om alle boute verklaringen en uitroepen direct al proberen te doorbreken. Zij willen alle mogelijkheden van samengaan nog open houden. De Koning schreef in het vorige week verschenen nummer van het CDA-weekblad, dat de uitslag „niet direct een voor de hand liggende coalitie liet zien" en uit deze woorden kan men concluderen, dat hij het „neen" van D'66 tegen de VVD na de verkiezingen anders weegt dan ervoor. Als verstandig politicus heeft De Koning nooit vonnis geveld over de samenwerking in de huidige coalitie. Dat hij echter de mogelijkheid van een combinatie CDA, PvdA en D'66 zorgvuldig met Lubbers wil bezien als er geen andere mogelijkheid meer voorhanden is, wijst erop, dat hij de door koningin Beatrix begeerde „zo breed mogelijke steun" als een serieus uitgangspunt wenst te nemen.

Het zal Van Agt niet meevallen zijn vriend Wiegel wellicht te moeten opgeven als coalitiepartner, maar als Van Agt werkelijk opnieuw premier zou worden, moeten wij het nog zien gebeuren, dat Den Uyl onder heni gaat dienen. Dit blijft een even serieuze vraag als die welke coalitie het straks wordt, met hoeveel voortvarendheid Lubbers en De Koning ook te werk gaan.

Wie van de twee wordt „rentenier", Den Uyl of Van Agt? Wij zullen afwachten.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.