+ Meer informatie

Beter getrouw dan gewild predikant

Conf. herv. -geref. predikantsvrouwen

3 minuten leestijd

NIJKERK — „Er zijn dienaren des Woords, die (haast) nooit een beroep krijgen. God beware ons dan voor verbittering en het bewandelen van eigengekozen wegen. Wij zijn schuldig de tijd te verwachten, dat wij van God beroepen worden (art. 31 NGB). Het is (gezien bij eeuwigheidslicht) niet het belangrijkste hoeveel gemeenten we wel dienden, maar of het ons straks zal worden toegevoegd: „Wel gij goede en getrouwe dienstknecht, over weinig zijt gij getrouw geweest... Dat is beter dan zijn leven lang een trekvogel geweest te zijn".

Zo besloot ds. C. den Boer zijn inleiding op de studie- en bezinningsdag van hervormd gereformeerde predikants- en kandidaatsvrouwen donderdag in Nijkerk. Deze dag was speciaal belegd om met elkaar te praten over het thema „beroepingswerk".

Ds. Den Boer belichtte de principiële uitgangspunten van het beroepingswerk. „Het gaat in beginsel om God, Die roept. Hij roept „mensjes uit het stof verrezen" aldus Calvijn. Er bestaat een verborgen en een publieke roeping. Hierbij mag het kerkelijk beroep gezien worden als een bevestiging van de inwendige roeping. Als er nu niet een beroep komt, moet echter niet direct getwijfeld worden aan de inwendige roeping." Hij voegde er aan toe dat de situatie (zoals in de Gereformeerde Bond met weinig vacatures) een beslissende rol kan spelen terwijl men ook op een ongedacht spoor gezet kan worden.

Wel mag de kerk zichzelf de vraag stellen, of zij wel tijdig ingespeeld heeft op de komende grote aanwas van dienaren des Woords. Althans in GB-kring", zo stelde ds. Den Boer. Hij benadrukte ook de belangrijke rol van de kerk, de plaatselijke gemeente die de predikant beroept. De kerkeraad moet zich daarbij bewust zijn van de dure plicht. Men beroept niet uit naam van de gemeente, maar in Gods Naam. Eerst dient men een profielschets op te stellen.

„Ook de dienaar des Woords heeft een grote verantwoordelijkheid", vervolgde ds. Den Boer. Het moet bij het aannemen of het bedanken van een beroep onder de ogen Gods gebeuren. Het gesprek tussen man en vrouw in de pastorie kan zegenrijk én belemmerend werken. Er blijft tenslotte maar één bede over: „Heere, wat wilt gij dat ik doen zal".

Ds. H. Binnekamp sprak als commissielid werkgroep beroepingswerk, over het werk van deze commissie. Men geeft in eerste instantie voorlichting aan vacante gemeenten. Er zijn bij de GB maar tien à vijftien predikantsplaatsen vacant. Aan een advies, een predikant die volgens de commissie in die gemeente „past", is de betreffende gemeente niet gebonden.

Daarnaast geeft men voorlichting aan predikanten en kandidaten. Het kan zijn dat men benaderd wordt door een predikant die een beroep in overweging neemt, vanwege bv. echtscheidingsproblemen of geloofscrisis. Als er aan een gemeente advies wordt uitgebracht houdt men daar rekening mee. Predikanten kunnen de commissie ook vragen hun naam niet door te geven aan vacante gemeenten.

Hij haalde ook de situatie aan waarbij gereformeerde-bondspredikanten of kandidaten een beroep ontvangen van bijvoorbeeld een confessionele gemeente. „Hierbij spelen praktische en principiële vragen, zoals het Liedboek en de plaats van de vrouw".

Hij reikte daarbij enige mogelijke discussievragen en overwegingen aan: nieuwe wegen voor uitbreiding van predikantsplaatsen onder andere via in- en uitwendige zending. Met zorg constateerde hij een gevoel van zakelijkheid bij het beroepen. Hij vreesde dat het begrip roeping dreigt te verdwijnen. De commissie heeft de mogelijkheid geopend dat predikanten te kennen kunnen geven belangstelling te hebben voor bepaalde gemeenten.

De middag werd gevuld met discussies over de gehouden referaten.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.