+ Meer informatie

VARIA

3 minuten leestijd

Het allerbeste voor Hem

Eens begonnen de metalen te twisten, wie toch wel het best en het voornaamst was.

„Ik, " riep het ijzer, „want van mij maakt men de zwaarden waarmede men de wereld kan veroveren."

„Loop heen, " zei het zilver, „ik ben het best; van mij maakt men de prachtige bokalen, waaruit de aanzienlijksten der wereld bij hun feesten drinken!"

Maar nu kwam het goud. Het richtte zich zelfbewust op, en liet een kroon zien. „Dat ben ik! Ik schitter op de hoofden der vorsten en koningen, ben ik dan niet het voornaamste metaal? "

De anderen waren onder de indruk dezer woorden geraakt, en wilden reeds toestemmen.

Maar opeens kwam een cent aanrollen. Hij lachte luidkeels, en spottend riep hij: „Ik — het koper — moet toch wel de allerbeste zijn, want mij ziet men het meest in de kerk!"

Ik deel dit mede, niet om de lachlust te wekken, maar om op te wekken toch af te wijken van de helaas treurige gewoonte voor het Koninkrijk Gods alléén koper te gebruiken, en goud en zilver ten eigen bate aan te wenden.

Dit doelt vanzelfsprekend niet op het penningske der weduwe, want dan is de cent van de arme neg meer dan de guden van de rijke.

Maar overigens heeft „Alexander de kopersmid" een te lang leven.

Reeds in de dagen van Haggaï moet deze toornen tegen de eigenliefde van de mens, die voor des Heeren diemst niets over heeft en Zijn huis woest laat, doch wel alles besteedt aan eigen paleis.

En Maleachi, door de mond des Heerene zegt in hoofdstuk 3 : 8 en 10: al een mens God beroven?

Brengt ai de tienden in het schathuis en beproeft mij of ik U dan niet zal opendoen de vensteren des hemels en U zegen afgieten, zodat er geen schuren genoeg wezen zullen.

Jonge vrienden, laat ons leren van allerlei mededelingen uit de Schrift, dat de dingen des Heeren moeten voorgaan.

Voor Hem het allerbeste!

Desnoods wat minder gerookt en wat minder gesnoept, maar eraan gewend in uw jonge jaren blijmoedig te geven voor alle dingen, die met de dienst des Heeren in verband staan.

DE MENSENVISSER

De leraar is een visser. Als zodanig moet hij zich geschikt maken voor zijn arbeid. Indien sommige vissen slechts bij dag in het aas bijten, dan moet hij bij dag vissen. Indien anderen slechts bij maanlicht te vangen zijn, dan moet hij bij maanlicht uit vissen gaan. Met het vissen naar mensenzielen gaat het precies zo.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.