+ Meer informatie

Buien en bellen in de pudding

Erwin Kroll: „Ik zie wel hoe mooi het weer in elkaar zit, maar ik zie er niet direct een Schepper achter"

9 minuten leestijd

Veertien jaar lang hield Erwin Kroll zich beroepsmatig bezig met het weer. De laatste drie en een halfjaar bepaalde hij voor veel Nederlanders het gezicht van het KNMI, omdat hij in die periode ais weerman in het NOS-journaal optrad. In november verdween hij uit beeld door zijn overstap naar Fokker Space and Systems. Ter afsluiting van zijn meteorologische loopbaan schreef hij een boek onder de veelzeggende titel: "Altijd weer". Een onderwerp dat welhaast elke Nederlander —zeker de afgelopen dagen— zal aanspreken. „Wij gebruiken het weer vaak op een haast therapeutische manier".

Een afwijking wil Erwin Kroll het niet noemen. Maar zijn liefde voor het weer vertoont toch uitzonderlijke trekken. „Van nature ben ik iemand die het liefst buiten hangt. Dat zit denk ik in m'n genen. Het was voor m'n ouders altijd een crime om me binnen te krijgen. Dat heeft natuurlijk met liefde voor de natuur te maken, maar ongetwijfeld ook met het weer. Ik geniet van de voelbaarheid van dingen. De warmte van de zon. De wind die langs m'n hoofd gaat. Of regen die op me neer valt. Niets is mij te dol". Verliefd blikt hij door het raam naar buiten, waar een zware depressie de oorzaak is van een grauw wolkendek, waaruit zo nu en dan wat water spat. „Veel mensen hebben een hekel aan dit weer. Ik niet. Het moet geen twee weken duren, maar voor even vind ik het prachtig. Juist die afwisseling vind ik het leuke van het weer in Nederland. Een goeie storm kan ik ook erg waarderen. Uiterst fascinerend. Ik wil niet over het hoofd zien dat er ongelukken door gebeuren, maar het noodweer zelf is zoiets moois. Net als zwaar onweer. Prachtig! Indrukwekkend! Aan de andere kant vind ik het ook heerlijk als je gewoon van die rustige dagen hebt met wat wolkjes en af een toe een beetje zon ertussendoor".


Therapeutisch


Een voordeel voor Kroll is dat hij zijn passie met veel landgenoten deelt, zodat hij niet echt een zonderling is. Niet voor niets werd hij door uitgeverij BZZToH benaderd om een boek over het weer te schrijven. In het algemeen vindt een natuurkundig getinte publikatie, die verlucht is met schematische tekeningen, niet veel aftrek. Maar een, populair-wetenschappelijke uiteenzetting over drukgebieden en fronten, wolken en neerslag, orkanen, onweer en tornado's gaat er bij ons volk in als koek.


Voor zover bekend is Nederland het enige land waar het weer zo'n belangrijke plaats inneemt. „Wij gebruiken het vaak op een haast therapeutische manier", constateert Kroll. „Heb je net herrie gehad mét iemand, dan kun je er heerlijk op schelden. Het is ook een dankbaar middel om met iemand contact te leggen. Lekker weertje vandaag, buurman. Dat is typisch Nederlands".


„Het enige land waar ook veel over het weer wordt gesproken, is Engeland. Maar daar heeft het een andere reden, heb ik van een Engelsman begrepen. Het is daar het enige onderwerp waarover men met elkaar kan praten zonder ruzie te krijgen. In andere landen heeft men het zelden of nooit over het weer".


Onkunde


Het is voor de weerman bekend nieuws dat de gemiddelde Nederlander geen al te hoge pet op heeft van het KNMI. Hij ervaart die kritiek als onterecht. „De cijfers wijzen uit dat we het echt niet slechter doen dan het buitenland. Ik denk dat met name onkunde bij het publiek de oorzaak is van het idee dat de verwachtingen slecht zijn. In de meteorologie wordt gewerkt met vaste termen, die een bepaalde betekenis hebben en elkaar soms overlappen. Je zou iedere keer weer de kans moeten hebben om uit te leggen wat je bedoelt". Geen meteoroloog kan voorspellen waar precies een bui ontstaat. Kroll trekt een vergelijking met het ontstaan van bellen bij pudding die op het vuur staat. „Je kunt vooraf aangeven dat die bellen er zullen komen, maar niet waar ze precies komen. Vandaar dat het KNMI soms de standaardkreet hanteert: hier en daar een bui. Dat betekent dat er een redelijke kans is dat je een groot deel van de dag in de druipende regen zit, maar ook een redelijke kans dat je een groot deel van de dag droog weer hebt. Dat is geen onkunde van het KNMI, maar hoort bij het type weer. Toch klagen veel mensen dan dat ze te veel regen hebben gehad, of helemaal geen bui hebben gezien".


Meteo Consult


Sinds 1985 kent ons land naast het KNMI het particuliere weerbureau Meteo-Consult, dat is opgericht door voormalig KNMI-medewerker Harry Otten. Kroll kan de ontstane concurrentie binnen het meteorologische wereldje wel waarderen. „Daarom ben ik misschien een klein beetje teleurgesteld in het werk van Harry Otten. Ik had verwacht dat dat een hardere strijd zou opleveren, waarbij om klanten gevochten zou moeten worden. Maar Harry heeft zeker niet voor een revolutie binnen de markt gezorgd. In mijn dagelijks werk bij het KNMI heb ik nooit, gemerkt dat Meteo Consult erbij gekomen was".


Een heel eigen plaats hebben de eenmansbedrijfjes die gericht zijn op publieksvoorlichting. Concreet: Hans de Jong in Gorredijk en Jan Pelleboer in Paterswplde. Voor Kroll zijn dat zeker geen curiositeiten in meteorologisch Nederland. „Het zijn mensen die kennis van zaken hebben. Waarbij ik moet zeggen dat Jan Pelleboer mijn voorkeur heeft. Hij geeft zijn publieksverwachtingen ook in de stijl van het publiek. Dat doet Hans de Jong niet. Die vind ik veel te elitair. Neem z'n taalgebruik. Hij praat echi'vobr een select publiek. Ik zou dat niet dóen. Maar ondanks dat heeft hij succes. En hij is een uiterst kundig man".


Vondst van de eeuw


Het succes van Pelleboer wordt mede bepaald door een aantal factoren die een mens niet zelf in de hand heeft. Hij is begiftigd met een opvallend uiterlijk en een nog opvallender stem. Wie hem eens hoorde, vergeet hem nimmer. Daarnaast beschikt hij over een grote mate van originaliteit in de wijze van presentatie. Zo is hij op een gegeven moment ertoe over gegaan cijfers aan het weer te geven.


„De vondst van de eeuw", vindt Kroll. „Omdat ik voor het KNMI werkte, zou ik daar nooit voor gekozen hebben. Dat kan niet bij een wetenschappelijke instelling. Ik viel al een beetje uit de toon met m'n populaire benadering van de weersverwachting. Maar voor iemand met een particulier bedrijfje vind ik het heel sterk.


Als er een Nobelprijs zou bestaan voor dit soort nonsens, dan zou hij die van mij krijgen. Het is toch een vondst om te zeggen: het weekend wordt een vijf. En het grappige is dat iedereen onmiddellijk begrijpt wat hij bedoelt. Daar gaat het om. Hij is er wonderwel in geslaagd om die vreselijk moeilijke materie die weer heet op een begrijpelijke manier over te brengen. Je hoeft nog niet eens zijn verhaal over het weer te horen. Als Jan zegt „een vijf", dan zet jij je paraplu vast in de gang klaar".


Satelliet


Frustrerend voor meteorologen is dat de voorspellingen voor de korte termijn ondanks de geavanceerde meteorologische apparatuur die is ontworpen nauwelijks is verbeterd. Daar staat tegenover dat de kwaliteit van de verwachtingen voor de langere termijn sterk is gestegen.


De komende jaren verwacht Kroll een verdere verbetering daarvan op grond van satellietgegevens. Zo moet aan het eind van dit jaar de ERS-1 worden gelanceerd. Deze satelliet, een project van het Europese ruimtevaartagentschap ESA, moet meetgegevens leveren die direct gebruikt kunnen worden voor het maken van weersverwachtingen en gegevens voor wetenschappelijk onderzoek, onder meer naar het broeikaseffect. De belangrijkste Nederlandse deelnemer in het project is Fokker Space and Systems, een zelfstandige werkmaatschappij van Fokker die zich richt op de ruimtevaart.


Zeer essentieel voor het maken van weersverwachtingen op lange termijn is kennis van het verband tussen atmosfeer en oceaan. De ERS-1 moet de daarover de nodige informatie gaan leveren. „Als onze kennis over de uitwisseling tussen atmosfeer en oceaan zo groot is dat we die in formules om kunnen zetten en in de computer kunnen stoppen, dan worden de voorspellingen voor vijf, zes, zeven dagen vooruit nog aanmerkelijk beter", is de stellige overtuiging van Kroll. „Of dat binnen vijf of binnen tien jaar is weet ik niet. Dat hangt ervan af hoe snel men de informatie op de juiste wijze kan interpreteren".


Weermaker


In zijn loopbaan bij het KNMI is het Kroll opgevallen dat de meteoroloog vaak gezien wordt als de maker van het weer. Toen hij bekend werd door zijn tvwerk, werd hij meer dan eens aangesproken door mensen die hem bedankten voor de zon. Anderen raadden hem in natte perioden schertsend aan ontslag te nemen. Op een zondagmorgen werd hij zelfs opgebeld door een boze jongeman die hem verantwoordelijk stelde voor zijn verregende feest.


De weerman zelf weet maar al te goed dat een mens niet meer kan dan op grond van beschikbare gegevens een verwachting van het weer in de nabije toekomst maken. Maar dat er een Schepper zou zijn. Die de wateren in Zijn wolken bindt, wil er bij hem niet in. „Er is meer dan dat wat wij kunnen zien. Maar vraag mij niet wat. Het is een mysterie, dat je niet kunt afdoen met: Er is een Schepper. Dat maakt het voor mij veel te eenvoudig. Ik ben zeer onder de indruk van het weer. Onder de indruk van de krachten die erachter zitten. Onder de indruk van de uiterst intelligente manier waarop het in mekaar zit. Het is niet iets wat wij bedacht hebben".


Gegeven
Dat pleit dan toch voor het bijbelse gegeven dat boven het weer een almachtige Schepper staat?


„Dat weet ik niet. Ik zie wel hoe mooi het in elkaar zit, hoe indrukwekkend het is. Maar ik zie er niet meteen een Schepper achter. Het weer moet er een keer gekomen zijn. Of misschien is het er altijd wel geweest. Ik weet het niet. Als ik een lezing over het weer geef, probeer ik mensen wel duidelijk te maken hoe mooi het is. Dat het geen zin heeft om erop te schelden, maar dat je ervan moet genieten. Het is iets wat je gegeven wordt, hè. Wat je krijgt. Het is er zomaar. Ook zo'n sombere dag als vandaag".

Mede n.a.v. "Altijd weer", door Erwin Kroll; uitg. BZZToH, Den Haag; 144 pag; prijs 25 gulden.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.