+ Meer informatie

VERWARRING

6 minuten leestijd

Konstatering

Onmiskenbaar blijkt de tijd van eenheidsstreven een tijd van grote verwarring te zijn. De verwarring neemt al meer en meer toe, zowel in ons volksleven als in het kerkelijk leven. In ons volksleven kwam dat wel zeer duidelijk naar voren in de laatst gehouden verkiezingen. Het partijen-aantal vermeerderde zich. Ieder streefde weer naar de bekende voorrang met „veel beloven en weinig geven”, en zelfs kwam een partij van „de kabouters” naar voren, lees maar de partij van de provo communistische anarchistische idealen, die inmiddels zijn intrede deed in enkele gemeenteraden. De Amsterdamse rellen, de stakingen in de studenten- en scholenwereld, het opzetten van het publiek tegen het wettig gezag, treiteren van de politie, geven ons een boodschap van wat wij in de toekomst nog meer hebben te verwachten.

Dit alles tekent ons wat er zo leeft bij een groot deel van ons volk.

Symptomen van onbehagen en onverschilligheid ten opzichte van het huidige regeerbeleid komen duidelijk voor de dag. Beginselen, vaste lijnen in het leven schijnen geen waarde meer te hebben. Ook hier geldt al meer en meer: „Laat ons eten en drinken en vrolijk zijn”.

Het wordt nog erger als deze verwarring gekonstateerd moet worden ook in het kerkelijk leven. De kerk, die een eenheid diende te zijn, dreigt al meer en meer uiteen geslagen te worden door haar verdeeldheid. Wat een verwarring is er al niet over het belijden der kerk, over het gezag der Schrift, over de wezensvvaarheden in de Schrift vervat. Waarheden, die de eeuwen door als vast en bondig werden aanvaard, worden nu tot in hun wortels aangetast. Het gevolg is dat een grote spraakverwarring is ontstaan zelfs omtrent de weg der zaligheid. Over het werk van de Middelaar, over hemel en hel, over de begrippen van verzoening door voldoening. Men verstaat deze begrippen gewoonweg niet meer, en onze jeugd groeit op in een tijd, waarin men deze begrippen ook niet meer bijbrengt.

Katechisaties moeten gegeven worden in nieuwe stijl. Geen vraagboekjes meer en vooral geen Catechismus meer. Vragen rondom de zgn. medemenselijkheid moeten het doen vandaag aan de dag. De vertikale lijn is uitgewist en de horizontale lijn heeft men daarvoor in de plaats gesteld, en in deze richting wordt de toekomst van de kerk gestuwd op een wijze, die het ergste doet vrezen.

Verwarring alzo ook in het kerkelijk leven, omdat men ook daar de vaste lijnen niet meer ziet, of zodanig kamoefleert, dat men er alle kant mee uit kan.

De achtergrond

De vraag zou gesteld kunnen worden: hoe komt het toch, dat wij in zulk een grote verwarring verkeren? Daar is gewezen op de tekenen der tijden. Vanzelf is dit een bijbels gegeven. De grote afval is voorspeld, en ook de opstand en de revolutie. Ook de onenigheid van de één tegenover de ander. De diepe achtergrond van dit teken des tijds is echter het los van God willen zijn, het eigen heer en meester willen zijn, tot zelfs in het godsdienstige leven toe. Hier is de mens, die zichzelf voorop stelt, en God òf in de theorie, òf in de praktijk van zijn leven uitschakelt.

Hier treedt de oude paradijszonde weer naar voren, het als God willen zijn. In het laatste Bijbelboek, de Openbaring van Johannes, lezen wij dan ook, dat de mens der zonde als een god zal zitten op zijn troon, Openb. 13. Dit uitschakelen van God kan bruut openbaar, het kan ook heel geleidelijk, meer op een verborgen wijze geschieden.

De wereld doet dat bruut openbaar. Al lange tijd heeft zij het al in haar strijdbanieren afgeschreven: GEEN GOD EN GEEN MEESTER! God is dood, leve de mens!

Maar wordt zelfs in zgn. kerkelijke kringen vandaag ook niet hetzelfde verkondigd? Dan is de God van de Bijbel, de God van de traditie dood, en de mens zal dan in zijn waanwijsheid gaan verkondigen wat onder God moet worden verstaan. Wat onder de Bijbel moet worden verstaan. Wat onder hemel en hel, wat onder het begrip eeuwigheid moet worden verstaan. De mens, die God uitschakelt, en zichzelf in zijn zgn. „vrije denken” daarvoor in de plaats stelt.

Dit uitschakelen van God geschiedt dan heel geleidelijk, op een fijn gesponnen listige verborgen wijze.

De eerste aanval is dan altijd gericht op de Schrift.

De listige sluwe vraag van de vorst der duisternis blijft dan ook nu van kracht: „Is het ook dat God gezegd heeft? ”

Deze aanval op de Schrift staat dan niet los van de aanval op de taal der Schrift! Zelfs, of juist, een nieuwe vertaling kan daartoe dienstbaar worden gemaakt. De laatste tijd is dat wel duidelijk gebleken wanneer wij bedenken wat er zo uit de nieuwe vertaling al is voortgekomen. De zgn. „goed leesbare Bijbel” in de taal van de moderne mens is zo langzamerhand een Bijbel geworden waar de kernwaarheden der Schrift niet meer in worden gevonden. Waar het waarachtige geestelijke leven niet meer in klopt. Om dan maar niet te spreken over het taalgebruik in zijn historische waarde en betekenis.

Deze aanval op de Schrift zet zich voort zelfs in nieuwe berijmingen van de psalmen die wij zingen. Het geestelijk idioom wordt er uit weggenomen, omdat men òf er niets van verstaat, òf omdat men er zich vijandig tegenover heeft ingesteld. En zo neemt de geestelijke verarming al meer en meer toe, dat in zijn wortel of achtergrond ons laat zien waar wij heen gaan als het geestelijk bijbels kontakt met God wordt losgelaten.

Is het dan te begrijpen, dat zelfs Gods kinderen wel eens in de verwarring worden gebracht? Zegt de Schrift ons dan niet, dat de geest der dwaling zó ver zal gaan, dat men de leugen zal gaan geloven, en dat zelfs de uitverkorenen, indien het mogelijk ware, verleid zouden worden?

Intussen gaat de verwarring voort.

Zelfs „dolle mina’s” en protesterende jongeren komen op de Synodes.

Voorlichting(? ) op de jaarvergadering van onze vrouwenbond werd zelfs gegeven door iemand, die heus niet zo afkerig stond tegenover de ideeën van Prof. Kuitert en Lever. Zo worden ook onze vrouwen zelfs in de war gebracht. Waar staat nu het stopteken?

De oplossing

De oplossing zal alleen gevonden kunnen worden in een terugkeer tot God en Zijn Woord. Laat ons onze wegen onderzoeken en doorzoeken en laat ons wederkeren tot de Heere. Dat is de oplossing, die de Schrift ons voor ogen stelt. Een andere oplossing is er niet.

Niet ons verliezen in allerlei dwazigheden waar de wereld om lacht en mee spot. Niet in het opvoeren van de liturgie, niet in het dragen van een witte, een paarse, een blauwe toga, zoals in een zeker dagblad laatst werd gemeld. Niet in allerlei moderne uiterlijkheden, maar in het wederkeren tot de Heere, in het beleven van de waarachtige vreze des Heeren. Dan zal die zo mystieke psalm geldigheid en kracht in ons leven kunnen krijgen: Gods verborgen omgang vinden zielen waar Zijn vrees in woont; ’t heilgeheim wordt aan Zijn vrinden, naar Zijn vreeverbond getoond. Dan worden wij weer stil en gaan wij luisteren naar Gods stem, die gehoord wordt in Zijn Woord, die gehoord wordt ook in de tekenen der tijden, die ons zeggen dat het einde van ons leven, dat het einde aller dingen zeer nabij is.

Ziet de Rechter staat voor de deur!

Zalig de dienstknecht, die als zijn heer komt wakende zal worden bevonden.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.