+ Meer informatie

Schipbreuk mei de „Daisy"

5 minuten leestijd

Hoe was het ondertussen met cle makkers van Mackay gegaan? Toen Mackay moest terug keren vanwege de hevige koortsen, waren de Britten met cle Afrikaanse dragers verder getrokken en hadden het grote meer bereikt. Daar zetten ze de boot, die de dragers in delen hadden vervoerd, in elkaar, om het meer over te steken. Toen cle „Daisy" klaar was, zagen de mannen wel in, dat de boot te klein was om het aantal mensen te vervoeren. Ze lieten daarom de „Daisy" liggen op het zuiderstrand voor Mackay, om zelf met een arabisch zeilschip naar het noorden te varen.

Na grote moeilijkheden was Mackay met zijn dragers op de plaats gekomen waar het verlaten vaartuig lag. Wat een teleurstelling! Was dat de boot die ze zo ver hadden meegevoerd? De naden waren open getrokken door cle hitte van de zon, en de boeg was helemaal gekraakt. Had een nijlpaard met zijn geweldige kaken er een knauw aan gegeven? En zie eens wat een gaten! De witte mieren hadden lelijk huisgehouden in het hout. Van vertrekken was heel geen sprake. Wat moest Mackay doen? Bij de pakken neer zitten? Daar was hij de man niet naar. Was hij de man niet, wiens handen nergens verkeerd voor stonden? Dadelijk ging hij aan het werk. Zie hem daar kloppen en beitelen en hameren! Met platen lood en koper en zink maakte hij de boeg en de romp weer sterk. De naden stopte hij op met katoen, dat van de omringende struiken genomen werd.

De Afrikaners stonden verbaasd te kijken. Wat doet die witte man toch? Waarom deed hij niet als zij gewoon waren te doen? Zij hadden veel vlugger een kano in elkaar gezet: wat uitgeholde boomstammen en wat planken samengebonden met vezels van de bomen.

Mackay liet ze kijken en opmerkingen maken. Onverstoord werkte hij verder. Wie zou hem van zijn plannen af kunnen krijgen? Hij was gegaan om de Afrikaners te helpen en clat plan zou hij ten uitvoer brengen, wat het ook mocht kosten. Zijn voorgangers, Livingstone en Stanley, hadden ook zo gehandeld en ze hadden grote dingen tot stand gebracht. Gelukkig, zijn handen stonden niet verkeerd en hij had een goede leerschool gehad. Hij had gewerkt op de werven en machinefabrieken van Edingburgh en hij was bedrijfsleider geweest in Berlijn!

In augustus 1878 was de „Daisy" klaar voor cle start. Het zeil werd gehesen en daar voeren Mackay en zijn mannen het meer op om koers te zetten naar het noorden, naar M' tesa, cle koning van Uganda. Het was een gewaagde onderneming. Mackay had niets bij zich dan een oude, onvolledige landkaart, door Stanley op zijn eerste tocht vervaardigd.

Vóór de avpnd van de eerste dag aanbrak, werd de lucht betrokken en een hevige onweersbui ontlastte zich boven het meer waar de mannen voeren. Het zeil werd gestreken, want men was bevreesd om te slaan door de hevige rukwinden waarmee de bui gepaard ging. Na de ondergang van cle zon is het in de tropen heel gauw donker en daar zaten de mannen. Met alle macht werd verder geroeid en Mackay wierp geregeld het peillood uit, om te weten te komen of ze niet dicht bij de kust kwamen. Het lood raakte de bodem niet, zo diep was het water waar ze zich bevonden. Zo zwoegden de mannen voort, de hele nacht. Evenals Paulus wenste men dat het dag werd. Hoe lang duurde die vreselijke nacht! Tot nu toe hadden ze de „Daisy" in hun macht kunnen houden, en het peillood raakte de bodem, zodat er kans bestond, dat ze ergens konden landen. In het oosten kwamen de tekenen van de komende dag en dat gaf nieuwe moed en kracht.

Langzamerhand doemde in de verte de kust op, die heel traag nader kwam. Waar zou men landen? Het onweer was voorbij, maar de grote golven waren nog niet tot rust gekomen. Daarom besloot Mackay om dicht onder de klipkust het anker uit te werpen. Dat gebeurde en de mannen konden even op adem komen. Lang zou dit echter niet duren. De boot rukte aan de ankerketting door het geweld van de golven. Ineens een hevig gekraak en een geduchte schok. Het water spoelt de boot binnen en even later wordt het vaartuig op het strand geworpen, De schipbreukelingen hebben gelukkig de tegenwoordigheid van geest: zo vlug ze kunnen slepen ze cle scheepsvracht uit het wrak om het veilig op het strand te bezorgen.

Wat was er ineens gebeurd? Door het rukken aan de ankerketting was er een gedeelte van de boot losgewrikt, met het vreselijke gevolg.

Daar stonden de mannen, op een vreemd strand, zonder boot, in druipnatte kleren. Waar waren ze? Later bleek, dat op cleze zelfde plaats cle grote ontdekkingsreiziger Stanley was geland en daar nauwelijks aan de dood was ontsnapt. De vijanden had Stanley tot vrienden gemaakt. Dat wist Mackay, en die les zou hij in toepassing brengen, als hij straks wilden zou ontmoeten.

De inboorlingen kwamen op de plaats waar het scheepswrak lag en waar zich vreemden bevonden, maar ze lieten de blanke man met zijn helpers met rust.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.