+ Meer informatie

RUILEN DOET HUILEN?

3 minuten leestijd

Pinksterzondag in de middagdienst. Ik zit in de kerk met een blij gevoel van verwachting. Zo vaak komt het niet voor dat ik op een feestdag mijn eigen gemeente kan bezoeken. En dan de teleurstelling: mijn predikant heeft geruild. Ik zeg er direct bij: niet vanwege de gastpredikant; daar gaat het mij nu niet om. Maar als de diensten met de feestdagen al gereduceerd zijn tot twee — en als je eigen predikant dan maar in één dienst voorgaat, juist díe dienst waar je zelf niet bij kunt zijn — dan vind ik dat ontzettend jammer. Op zich heb ik er alle begrip voor dat predikanten onderling ruilen. Je zult maar in je eerste gemeente staan en twee preken in één week moeten maken! Ik geloof niet dat mij dat zou lukken. Alle hulde dus voor deze predikanten: het vele werk dat ze aan de diensten besteden, hun gezwoeg in nachtelijke uren — om van de stress nog maar niet te spreken. En ook als je in je zoveelste gemeente staat, kan dit aan de orde zijn en daarom wil ik nogmaals onderstrepen, dat ik begrijp dat een predikant af en toe ruilt met een collega. Maar er is ook een andere kant.

In onze gemeente wordt vooral ’s middags geruild. En ik kan vaak alleen die dienst bezoeken. Slechts één keer in de zoveel tijd tref ik daarom mijn eigen herder en leraar. Dit brengt voor mij het gevoel mee of ik lid ben van een soort ‘classiskerk’, waar een aantal predikanten samen dienen. U begrijpt dat de binding met mijn eigen predikant hieronder lijdt. Maar dat niet alleen. Onder degenen die nog wel ’s middags naar de kerk gaan ontstaat het gevoel dat de tweede dienst ook door de ambtsdragers als ‘tweederangs’ beschouwd wordt. Veel gemeenteleden kijken er immers ook al zo tegenaan? Juist vanaf de kansel klinkt regelmatig de oproep om twee keer naar de kerk te komen en de middagdienst niet te verzuimen. Met zo’n oproep ben ik het van harte eens, want hoeveel mede- gemeenteleden mis ik niet als ik om me heen kijk ’s middags. Maar een dominee die ruilt, is er óók niet. Hij doet vanuit dit oogpunt hetzelfde als de anderen die er niet zijn. Hoe kun je oproepen om de eigen bijeenkomsten niet te verzuimen als je dat zelf ook regelmatig doet? Natuurlijk chargeer ik nu, maar hopelijk begrijpt u wat ik bedoel. Trouwens, als het dan toch moet gebeuren, waarom dan niet een keer ‘s morgens geruild? Of wordt er van kerkenraadswege toch onderscheid gemaakt tussen de ‘volle’ en ‘minder volle’ diensten? Toegegeven, ’s morgens preekt de dominee voor veel meer gemeenteleden dan ’s middags, maar de tweede dienst is toch ook voluit een samenkomst van de gemeente? Doen de tweede diensten er dan minder toe? Bovendien heeft lang niet iedereen die ’s middags aanwezig is ook de morgendienst bijgewoond. Dat eigenlijk wel zo wordt gedacht blijkt uit het feit dat er geruild wordt voor een middagdienst op een feestdag of een voorbereidingszondag.

U merkt het: wat mij betreft doet ruilen nog weleens huilen… Denkt u ook eens aan deze andere kant als dit onderwerp ter sprake komt op de kerkenraadstafel?

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.