+ Meer informatie

Papendrecht heeft Friese wortels

Graaf Dirk III liet noorderlingen woeste gronden ontginnen

4 minuten leestijd

PAPENDRECHT - Iedereen die een blik werpt op het Papendrechtse gemeentewapen en een beetje verstand heeft van molens kan zien dat het wapen niet bepaald uit de grijze oudheid stamt. Er staan namelijk molens met wieken op, en die waren er niet voor de tweede helft van de zestiende eeuw. Het dorp heeft echter oudere papieren dan haar gemeentewapen.

Onderzoek in oude akten toont aan dat in stukken uit de twaalfde en dertiende eeuw al sprake is van "Papendrecht, Vinckenlandt en Matena". Sommige deskundigen zijn echter van mening dat ook in eerdere stukken al sprake is van een dorp dat hetzelfde is als het huidige Papendrecht. Toen werd de nederzetting echter Menkenesdrecht. De betekenis van deze naam is: de drecht (dat is de rivierovergang) in het gebied van de priester Menco. Deze priester woonde in het gebied van het bisdom Utrecht en was kennelijk de eigenaar van Menkenesdrecht.

In de elfde eeuw veranderde de rivierovergang van eigenaar, want graaf Dirk lit breidde zijn macht uit en nam veel gebieden in het huidige Zuid-Holland in bezit, waaronder het dorp van Menco. Toen hij in 1064 alles weer aan de bisschop van Utrecht moest teruggeven, werd er een oorkonde opgesteld, waarin de naam Menkenesdrecht voor het eerst voorkomt.

Friezen

Of nu Menekensdrecht wel of niet dezelfde plaats is als Papendrecht, het staat vast dat Papendrecht in de dertiende eeuw een vrije Heerlijkheid was, in bezit van de Vrijheren van Brederode. De verklaring van de naam Papendrecht levert ook niet zo veel moeilijkheden op: de rivierovergang die eigendom is van de Papen (dus van het bisdom Utrecht).

Het vaak in één adem genoemde Vinckenlandt is hetzelfde als de nu nog bestaande Vinkepolder, die echter al lang niet meer onder Papendrecht valt, maar onder Alblasserdam. Dat komt omdat in 1444 deze polder totaal onder water stroomde. Omdat Vrijheer van Brederode de kosten vdor dijkonderhoud te hoog vond, besloot hij toen maar afstand te doen van zijn bezit.

Ook de naam Matena is tegenwoordig niet onbekend, omdat er veel Papendrechters zijn die deze naam als achternaam hebben. Oorspronkelijk is het een Friese naam, die niets anders betekent dan: zoon van Mate. Vrijwel zeker is er omstreeks 1100 dus een oud Fries geslacht in Papendrecht geweest dat de naam Matena droeg.

Aangezien ook Menco een Friese voornaam is, doemt de vraag op of de Friezen een vinger in de pap hebben gehad bij het ontstaan van een Zuidhoilands dorp. Zo heel onwaarschijnlijk is dat niet, want graaf Dirk III liet in het jaar 1015 Friezen komen om de woeste gronden aan de Merwede te ontginnen. Het zou dus niet vreemd zijn dat dit ook in de buurt van het huidige Papendrecht gebeurde en dat het dorp dus omstreeks die tijd gesticht is.

Slimme molenaar

Nadat het gebied in de zeventiende eeuw nog in handen is geweest van het geslacht van Muijlwijck, werden Papendrecht en Matena iil 1744 voor 45.000 gulden aan de stad Dordrecht verkocht. In 1816 werd het een zelfstandige gemeente, met een eigen burgemeester en, niet te vergeten, met een eigen wapen.

Sommige mensen denken dat de drie gele, of om netjes volgens heraldische termen te spreken, gouden molens in het gemeentewapen betekenen dat er vroeger drie windmolens in Papendrecht waren. Dat is niet helemaal waar, want er waren er vier. De drie molens wijzen op het feit dat er drie soorten molens waren: een korenmolen, twee watermolens en eentrasmolen.

Over de molenaar van een van de watermolens doet nog een aardig verhaal de ronde. Tijdens strenge winter kreeg hij om een of andere reden een bekeuring van de veldwachter. Deze had echter geen horloge bij zich en omdat hij op het proces-verbaal de tijd moest noteren vroeg hij aan de molenaar hoe laat het was. Op dat moment was het drie uur, maar de molenaar gaf op dat het half vier was. Toen de veldwachter weg was, bond de molenaar vliegensvlug zijn schaatsen onder en haastte zich om de bevroren rivier over te steken naar Dordrecht. Hij schoot een café in en gaf luidruchtig te kennen dat het al half vier was. Toen de rechtspraak begon, ontkende de molenaar eenvoudig alles, omdat hij op dat moment niet op de molen was, maar in Dordrecht. Vele getuigen konden dat naar waarheid bevestigen.

Verdwenen

Wie nu verwacht bij een bezoek aan Papendrecht enkele molens tegen te komen, heeft het mis, want alle molens zijn al lang verdwenen. Zelfs de plaatsen waar ze ooit hebben gestaan zijn al niet meer terug te vinden, zodat alleen het gemeentewapen nog aan de periode dat er drie soorten molens waren, herinnert.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.