+ Meer informatie

Alcoholprobleem wordt bewust verdoezeld

ZCAD-directeur R. Visser:

5 minuten leestijd

MIDDELBURG — Een economische toestand die weinig rooskleurig is, een daarmee samenhangende stijging van de werkloosheid en een toenemend aantal jongeren dat geen perspectieven meer ziet. Het zijn ontwikkelingen die directeur R. Visser van het Zeeuws Consultatiebureau voor Alcohol en Drugs (ZCAD) met zorg vervullen. „In zo'n klimaat", zegt hij. „dreigt de verslaving aan genotmiddelen een verontrustende omvang aan te nemen".

ZCAD-directeur Visser komt tot deze slotsom naar aanleiding van het vorige week gepubliceerde jaarverslag van zijn bureau. Uit dat verslag blijkt dat het aantal verslaafden aan alcohol en drugs in Zeeland het laatste jaar opnieuw is gestegen. Met name in de categorie alcohol-verslaafden valt een toename te bespeuren en dat is dan ook een van de redenen waarom Visser het alcoholprobleem nadrukkelijk aan de orde wil stellen, zonder daarbij overigens voorbij te gaan aan de categorie drugs-verslaafden. Hij zegt: ,,Als bureau schenken we aan het alcohol- en drugprobleem evenveel aandacht. Naar buiten toe echter wijzen we wat meer op de alcohol omdat de neiging bestaat om dat probleem bewust te verdoezelen. Het is heel opmerkelijk dat de hele samenleving praat over het drug- maar niet over het alcoholgebruik. Kijk maar naar de media. Men heeft het over een heroïne-dode hier en een heroïne-dode daar maar je leest nergens dat er ook alcoholdoden zijn. Terwijl die er toch net zo goed zijn, ook in Zeeland! 30 jaar geleden kwam dat nauwelijks voor."

Minderheden

De ZCAD-directeur wijst wat de categorie alcoholverslaafden betreft, in het bijzonder op de jongeren.uit de etnische
minderheidsgroepen die volgens hem in toenemende mate een probleemgroep vormen. Hij zegt daarover: ,,Deze mensen, die toch niet vatbaarder zijn voor verslaving dan de gemiddelde Nederlander, zijn m een hoek geduwd,
ergens in de Bijlmermeer of zo. Vaak hebben ze geen werk omdat wij ze niet lusten en daardoor zoeken ze hun toevlucht tot alcohol of drugs. Maar als hulpverleners hebben wij de taak om deze mensen te helpen, net zo goed als wij anderen helpen. Men heeft ze tenslotte tot ons land toegelaten."

Aanpak

Gezien het stijgend aantal alcoholverslaafden, is Visser van mening dat een effectieve aanpak van dit probleem meer moet inhouden dan het bestrijden van de symptomen. Daarom juicht hij toe dat de overheid de laatste jaren nadrukkelijker koerst in de richting van een preventieve aanpak (het voorkomen van alcohol- en ook drugverslaving).
Wat Visser minder kan waarderen is de geringe aandacht die de politieke partijen aan het alcoholprobleem schenken. ,,In het verleden", zegt hij, ,,was het duidelijk anders. Zo vond men vroeger geheelonthouders bij uitstek in politieke kringen, zoals onder de socialisten en de gereformeerden. Het is jammer dat dat thans niet meer het geval is. Het is in dit verband opvallend dat de AR nog wel eens een rapport aan het druggebruik heeft gewijd maar nimmer aan het alcoholprobleem".
Dat laatste zou bepaald niet overdreven zijn, vindt Visser. ,,Als je ziet welke bedragen er tegenwoordig aan alcohol Directeur R. Visser: alcoholprobleem groter dan begin van deze eeuw worden uitgegeven, dan is dat zonder meer verontrustend. Er wordt per hoofd van de bevolking per jaar momenteel meer gedronken dan rond de eeuwwisseling. Toen echter spraken we over een volksziekte! Nu schijnen we ons meer zorg te maken over kernenergie en milieuvervuiling, waarover dan vaak gediscussieerd wordt met een glas bier in de ene en een sigaret in de andere hand. Dan denk ik: wat is dat toch voor een hypocriet gedoe?"

Soberheid

Kwalijk vindt Visser het ook dat het alcoholgebruik tegenwoordig in alle kringen wordt gevonden. ,,Er wordt wel gezegd dat het niet voor de varkens is gebrouwen en dat mag leuk en aardig klinken maar ik acht dat een misplaatste grap. Ik kom zelf uit een calvinistisch gezin — en ben nog calvinist — maar bij ons werd vroeger alleen tijdens gelegenheden gedronken. Vandaag de dag zie ik echter dat er ook in mijn — kerkelijke — kring gedronken wordt, net zowel als in niet-kerkelijke kring. Ik vind dat jammer want het moet toch zo zijn dat zij die een bepaalde levensovertuiging hebben — welke dat dan ook is — een zekere soberheid betrachten. Uiteraard kan ik niemand de vrijheid ontzeggen om te drinken maar aan de andere kant ligt er toch duidelijk de opdracht om onze verantwoordelijkheid ten opzichte van dit soort dingen te kennen. Bij het aanschouwen van zoveel menselijke ellende zouden wij ons dat zeker moeten realiseren. En er ligt toch ook de opdracht — en dan praat ik in mijn eigen taal — dat er zo min mogelijk mensen verloren behoren te gaan".
Ook in een ander opzicht is volgens de ZCAD-directeur matigheid geboden. Hij zegt: ,,In de na-oorlogse jaren heb
ik het met eigen ogen gezien dat sommige gezinnen op de rand van de financiële afgrond geraakten omdat vader alcoholist was. Voor zo'n verslaving was dat aan alle kanten funest. Als vader echter van z'n verslaving genas, zag je dat zo'n gezin meteen opfleurde."

Inzet

Kortom, het alcoholprobleem is voor directeur Visser zo acuut dat een zeer gerichte aanpak meer dan ooit op z'n
plaats is. Wil die aanpak succesvol zijn, dan zal het volgens Visser zaak zijn dat iedere hulpveriener zich maximaal inzet. Wat dat betreft signaleert hij in de welzijnssector een verambtelijking die hem toch wel enige zorg baart. ,,Ik ben misschien ouderwets", zegt hij, ,,maar ik sta op het standpunt dat je als hulpverlener het heilige vuur moet hebben. Dan zul je meer doen dan je formeel verplicht bent. Het is net als met een predikant: als die in een week een paar bruiloften en begrafenissen heeft, zal hij een 40-urige werkweek verreweg overschrijden. Maar dat is toch inherent aan het werk! Zo ligt het in het ons ,,vak" ook. Daarbij komt dat het vergaderwezen tegenwoordig veel te veel tijd opeist. Dat wordt gewoon te duur voor de samenleving."

Ontevredenheid

Aan het slot van het gesprek stelt Visser er prijs op nog een persoonlijke noot aan het geheel toe te voegen. ,,Deze samenleving", zegt hij, ,,is voor vele mensen heel moeilijk; iemand zei me eens: deze wereld lijkt wel een mallemolen. En het is een geluk dat-ie nog om z'n as draait. Er wordt met name door de massa-media een geest van ontevredenheid gekweekt die wel tot problemen moet leiden. Ik zou daarom ieder willen toewensen dat hij een geloof had dat hem rust geeft en hem bemoedigt. Dan zal de fles nooit de baas worden."

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.