+ Meer informatie

Gezelschappen der godzaligen

4 minuten leestijd

Wij werden laatst getroffen door wat wij lazen in de voorrede van de Lofzangen Israëls. Deze lofzangen zijn in hoofdzaak van Ds. Johannes Groenewegen, indertijd predikant te Werkendam. Zijn broer Jacob, lid van de kerk te Werkendam, gaf deze lofzangen in het licht. De voorrede is van zijn hand. De reden van deze uitgave is — zo schrijft hij —, dat het zo gering niet kan zijn, of het kan door Gods genade tot zegen zijn, en de bewustheid die wij hebben dat het reeds menigmaal dat einde bereikt heeft, alzo zij inzonderheid te Werkendam veel gelezen en gezongen worden. Even verder zegt hij, dat er niets is, dat meer invloed op het hart heeft dan het zingen van liederen en psalmen, als men in zijn gedichten de grote en beminnelijke Koning Jezus tot het onderwerp heeft. Wij hebben daar — zo gaat hij verder — vele bevindingen van, welke zegen dat heeft in de gezelschappen der godzaligen.

Hij schrijft dan van de gewoonte in Werkendam om des zondagsavonds enige uren in een aanmerkelijk getal samen te vergaderen en daar allereerst met psalmgezangen God te verheerlijken en dan tezamen in den gebede zich voor de Heere te brengen en het aangezicht des Heeren te zoeken, waarna men met het aanheffen van deze of andere heilige liederen zich in de Heere verlustigt en het hart zoekt hemelwaarts te voeren.

Dit was twee eeuwen geleden zo en mogelijk ook later nog. We lezen meer van gezelschappen uit vroeger tijden, die van zo belangrijke betekenis waren. Ouderen weten zich nog wel gezelschappen uit hun jeugd te herinneren, waar men in de vreze des Heeren bijeen was. Wij zouden niet willen beweren, dat zij thans niet meer zouden worden gevonden, maar we hebben wel de indruk, dat er in dit opzicht veel veranderd is. Dat is wel te betreuren We willen de vroegere tijd niet gaan idealiseren, want ook toen was er veel, dat moest worden bestraft en betreurd, maar toch, het doet weldadig aan iets over het gezelschapsleven, zoals dat toen in Werkendam gevonden werd, te lezen. Daarom willen we laten volgen, wat Jacob Groenewegen hierover nog meer schrijft.

We geven dus het woord aan Groenewegen. Eén of meer liederen gezongen hebbende, begint deze of gene, tot dat einde aangesproken, eenvoudig te spreken hoe het hem deze dag of week is gegaan, wat zegen men onder de openbare godsdienst, of wat werk men met Jezus in het verborgen ondervonden heeft, daar somtijds de heerlijkste verbondsvernieuwingen en verenigingen met Jezus verteld worden, of ook somtijds van anderen klachten en tranen over een zich verbergende Jezus. Daar verhaalt men, hoe het tussen de Heere en de ziel staat, wat nieuwe blijken van aandeel men onlangs gehad heeft of wat vreze dat hun werk geen waarheid is.

Hier komen dan diegenen, die, onder gezicht van zonden en verloren staat om Jezus roepen en schreien, die verhalen hoe ellendig zij zichzelven zien, wat ontdekking zij wel eens van Jezus krijgen, of hoe Hij Zich verbergt en wat roepen en worstelen er wel eens omgaat in het verborgen of onder de middelen om Jezus te verkrijgen.

En is er eens één die uit zijn verloren staat door geloofsvereniging met Jezus gered is en dat geloven kan op goede gronden, dan is dat daar de stof van het verhaal en van verheerlijking Gods, waaronder men alweer eens met het zingen van enige liederen zich verlustigt, veeltijds toepasselijk op de zaken, die besproken zijn, waarna men op het laatste zich weer in dengebede tot de Heere keert en door dat samen bidden, spreken en zingen wel eens onuitsprekelijk vereniging ondervindt met Jezus en met elkander.

Ziet, zo wordt onder ons de gemeenschap der heiligen geoefend, en schoon alles met gebrek is, de stok lieflijkheid en samenbinding is hier nog weinig verbroken.

Voorlopig tot zover Groenewegen. Het bovenstaande doet denken aan de onderlinge gemeenschap voor, op en na de Pinksterdag.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.