+ Meer informatie

Ver malen aan de Zaan

5 minuten leestijd

Niets onderscheidt molen De Kat uiterlijk van de vele andere vierwiekers die in het Hollandse polderland behouden bleven. Binnen draaien echter de loodzware kantstenen van de enige verfmolen ter wereld. Tropische bossen en Zuid-Europese mijnlocaties leveren de grondstoffen. In de Zaanstreek worden bomen vermalen tot verf.

Als een donkere streep doorsnijdt de vaargeul de bevroren Zaan. De wind snerpt over de ijsvlakte. Ook de sloten liggen verstijfd in het landschap. Het kleine openluchtmuseum De Zaanse Schans ligt er verlaten bij. Slechts een schoolklas trotseert de koude en loopt kleumend rond.
De wieken van de mosterdmolen draaien onverstoorbaar hun rondjes. Ook verfmolen De Kat, een van de zes molens aan de slingerende Kalverringdijk even buiten de Zaanse Schans, weet van geen ophouden. De wind jaagt de wieken rond. „Alleen bij windstilte draaien ze niet en bij windkracht 10 of meer houden we er ook mee op", zegt molenaar F. Rol. Vanuit de koude onderbouw van de molen stapt hij het verwarmde kantoortje binnen. Daar is alles antiek, zelfs de geur: boven de ruwhouten tafel bengelt een olielamp. De wind doet de gebinten kraken. De houten „hut" is echter heel solide, verzekert Rol. „Tegenwoordig zijn houten gebouwen vaak van droevige kwaliteit, maar vroeger werden ze heel degelijk gebouwd. In de Schermer staan houten molens uit de zestiende eeuw die nog steeds in goede staat verkeren." Aan weerszijden van de tikkende gaskachel gedragen twee katten zich zo lui mogelijk. Zij zorgden overigens niet voor de naam van de molen. „Er stonden hier vroeger wel duizend windmolens, meer dan waar ook ter wereld. Er kwam dan ook een verordening dat ze allemaal een naam moesten krijgen. Vooral voor de belastingheffing was dat belangrijk. Die namen werden ontleend aan dieren, planten en bijbelse figuren, maar ook een naam als De Vrijheid kwam vaak voor. Zo'n tien molens in de Zaanstreek heetten De Oranjeboom."

Verf en olie
De kleine ruitjes bieden uitzicht op het landschap, weids en wit. Twee Veluwse langhaargeiten kortwieken het bevroren gras. Hun ogen verschuilen ze achter hun weelderige 'kapsel'. Binnen strekt kat A zich nog wat luier uit. Kat B stopt haar kop 'verlegen' tussen haar poten. Verfmolen De Kat is oud en jong. Terwijl de onderkant van vierwieker haar 214e verjaardag achter de rug heeft, is het verfifabriekje binnen nog maar dik tien jaar oud. Ook vroeger werd op deze plaats echter al verf gemalen. Van de industriële molens langs de Zaan, dicht bij het handelscentrum Amsterdam, hielden er 55 zich met het schilderachtige goedje bezig. n tweehonderd vierwiekers heetten oliemolen. In andere molens hield men zich bezig met gerst, rijst, papier, hout, mosterd, tabak of hennep.
Veel molens gingen in vlammen op en een nog groter aantal verdween onder de slopershamer. Nadat stoommachines het werk hadden overgenomen, gingen de meeste molens ten onder. Van het duizendtal bleven er maar dertien over. De eerste verfmolen De Kat werd in 1646 in gebruik genomen, maar brandde in 1781 af Vanaf 1782 stond er op deze plaats een oliemolen. Die werd in 1904 tot stellinghoogte gesloopt. De onderbouw en de schuur bleven staan. Jarenlang deden ze dienst als krijtopslag. In Peldersveld moest verfmolen De Duinjager plaatsmaken voor een nieuwbouwwijk van Zaandam. De bovenkant werd in 1959 op het overblijfsel van De Kat gezet en ook het interieur verhuisde naar de Zaanse Schans. Twee oude molenrestanten gingen samen verder. Later is De Kat in gebruik genomen als verfmolen, de enige ter wereld nadat in de jaren vijftig de laatste waterradverfmolen in Engeland was opgedoekt. Daar werden destijds de kleuren voor uniformen bereid.

Historische verf
In De Kat wordt geen natte verf, maar droge poeder gemaakt. Dit halffabrikaat gaat via zo'n 25 kunstschilderspeciaalzaken naar schilders, meubelmakers, violenbouwers en andere instrumentmakers en ook steeds meer naar iconenschilders. Vanuit de tropen worden twee meter lange stammen aangevoerd. Ze worden verfijnd tot spaanders, die in De Kat volledig tot verfstof vermalen worden. Vochtige aardverfstoffen worden eerst opgeslagen in de droogloods naast de molen. Als de deuren opengezet worden, heeft de wind er vrij spel. Omdat in de molen historische verfstoffen op de klassieke manier worden verwerkt, hebben ook restaurateurs veel belangstelling voor de halffabrikaten van De Kat. Probleem is wel dat deze verfstoffen steeds moeilijker te krijgen zijn. De moderne verfindustrie geeft de voorkeur aan één egale kleur, terwijl de aardkleuren die in de molen gemaakt worden, altijd wat variatie vertonen.
In de halfduistere ruimte staan twee kantstenen, elk zeven ton zwaar. Zij vermalen de verfstof, maar ook krijt, dat op voetbalvelden gebruikt wordt en in stopverf wordt verwerkt. Om de verschillende kleuren gescheiden te houden, staan de twee andere maalstenen in een volledig afgesloten ruimte. Daardoor wordt voorkomen dat rode stof richting de groene verf dwarrelt en vice versa. Overschakelen op een andere kleur betekent dat de molenaars twee dagen met een stofzuiger bezig zijn om alles schoon te maken. Vroeger ging dat met stoffer en blik, „maar toen keken ze ook minder nauw."

Authentiek
De molen draait het hele jaar, maar alleen als er bestellingen binnenkomen, wordt er verf gemalen. Lange tijd vertoonde de klandizie een dalende lijn, maar de laatste tijd is de afzet weer iets toegenomen.
's Winters hebben de molenaars een eenzaam bestaan, 's Zomers is De Kat een toeristische attractie. De molenaars Kempenaar, Van Leeuwen en Rol, die de vierwieker van de Vereniging De Zaansche Molen huren, krijgen dan hulp van seizoenwerkers. Ze richten de vijftien ton zware kap met het wiekenkruis op de wind. Met zeilen en borden wordt de draaisnelheid bepaald.
Tijdens de dagen dat er geen verf gemalen wordt, houden de molenaars zich bezig met het opknappen van de molen. „Eigenlijk wordt er al sinds 1959 gerestaureerd. Met een loep bekijken we oude foto's om te weten te komen hoe de verfmolens oorspronkelijk in elkaar zaten. Die gegevens gebruiken we om hier een zo authentiek mogelijke verfmolen in te richten. We zijn nog erg incompleet. Het vernieuwen van onderdelen kost bergen geld. Helemaal compleet zullen we nooit worden: een verfmolen had vroeger geen twee, maar vijf koppels kantstenen, maar als we die hier aanbrengen, is er geen ruimte meer om toeristen binnen te laten."

Verfmolen De Kat is van april t/m oktober van 9.00 tot 17.00 uur te bezichtigen, 's Maandags gesloten. Van november t/m maart kunnen bezoekers 's zaterdags terecht.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.