+ Meer informatie

EEN KERK DIE BIJ JE PAST

3 minuten leestijd

BIJ WELKE KERK?

Als de signalen die mij bereiken juist zijn, heeft elke gemeente er wel mee te maken: zoekers. Ik bedoel nu niet de mensen die nooit eerder bij een kerk hoorden en op zoek zijn naar God (zulke zoekers heb je nooit genoeg, maar in de praktijk kom je er niet zoveel tegen). De zoekers waar het mij hier om gaat, zijn mensen die verhuisd zijn en in hun nieuwe woonplaats op zoek gaan naar een kerkelijke gemeente ‘die bij je past’. De tijd dat mensen zich als vanzelfsprekend na een verhuizing aansloten bij de dichtstbijzijnde gemeente van hetzelfde kerkverband lijkt geheel achter ons te liggen. In allerlei verbanden is deze trend al eerder gesignaleerd. Sommigen reageren met een oproep tot grotere kerkelijke trouw. Anderen koppelen het probleem direct terug naar de kerkelijke verscheidenheid binnen en buiten het eigen kerkverband. Ondertussen blijven mensen zoeken naar een ‘kerk die bij je past’.

GEVOLGEN

Los van hoe men de verminderde honkvastheid van christenen zou moeten beoordelen, fantaseer ik voor mezelf hardop over de praktische gevolgen. In een gemeente met veel nieuwe ‘instromers’ neemt de variatie van kerkelijke achtergronden toe. Dat kan een verrijking zijn voor de bestaande gemeente: naast platgetreden paden worden nieuwe wegen en manieren van doen ontdekt, die de hele gemeente opbouwen. Maar er kan ook verstarring optreden: een bepaalde manier van preken, een bepaalde samenstelling van liturgische en kerkelijke gewoonten is de verbindende schakel geworden. Als daar ook maar iets aan verandert, moet men weer op zoek naar een andere ‘gemeente die bij je past’.

Een ander punt: hoeveel kerkelijke ‘nieuwkomers’ kan een gemeente aan? Is er niet een bepaald minimum aan ambtsdragers en gemeenteleden nodig die voldoende ervaring hebben opgedaan om mee te kunnen doen in allerlei kerkelijke verbanden (waaronder bijv. de classis)? Wie contacten en ervaringen heeft opgebouwd in het ene kerkverband, kan in een ander kerkverband weer opnieuw beginnen.

MOGELIJKHEDEN

Eerlijk gezegd zie ik niet zo snel een oplossing om de kerkelijke honkvastheid te vergroten. De bladen waarin wordt opgeroepen tot kerkelijke trouw worden in verhouding weinig gelezen. De conferenties en toogdagen waarin het probleem gesignaleerd wordt, vertonen teruglopende bezoekersaantallen. Daarmee zijn we weer terug bij de plaatselijke gemeente. Of daar nu helemaal de oplossing ligt? Het valt te betwijfelen, want op plaatselijk vlak herkennen gemeenteleden elkaar in het kiezen voor een ‘kerk die bij je past’.

Of moeten we misschien juist terug naar de plaatselijke gemeente? Niet met de eis dat de kerk bij mij past, maar met de belijdenis dat ik een levend lidmaat van de kerk van Christus ben, en eeuwig blijven zal (HC zondag 21 vr. en antw. 54). Die belijdenis bloeit alleen waar de Schrift open gaat en mensen ervoor buigen. Waar wij zelf passen en meten, wordt het snel te krap of te ruim. Waar de Heilige Geest de genade van Christus toepast, worden mensen als levende stenen ingepast en aangepast. Kom, Heilige Geest…

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.