+ Meer informatie

Verloren arbeidsplaatsen

3 minuten leestijd

Limburg, Nederlands enige provincie met 'hergen'. telijke structuur van de nederzetting werd grotendeels bepaald door de mijnondernemingen. In de eerste plaats hadden de mijnen zelf veel ruimte nodig: voor schachten, stortbergen, spoorwegen voor de afvoer, fabrieksterreinen voor de nevenbedrijven en dergelijke.

Een en ander leidde tot een chaotische, verspreide bebouwing, een stedelijke inrichting waarbij een echt stadscentrum ontbreekt. Een bebouwing zonder enig stedebouwkundig plan. Deze zogenaamde amorfe verstedelijking is onder andere goed te zien in de zich uitbreidende bebouwing van Heerlen in de loop van de tijd. (Zie figuur 1).

Deze specifieke structuur van de stedelijke nederzettingen geeft problemen met betrekking tot de verkeersafwikkeling en de verzorgingsfunctie (met name winkelfunctie) van de binnensteden. Het wegennet was immers gericht op de mijnondernemingen en de verzorgende functies liggen nu sterk verspreid over een groot oppervlak. In de tweede helft van de jaren zestig komt de klad in de mijnbouw. In tien jaar tijds werden de mijnen gesloten. Verlies aan arbeidsplaatsen: 75.000! Dit zijn zowel directe en indirecte arbeidsplaatsen.

Zuid-Limburg werd een rampgebied, al werd dit in Den Haag eufemistisch als herstructureringsgebied, een gebied waar een nieuwe economische structuur moest worden gerealiseerd, aangeduid.

Door middel van stadssanering en herinrichting van de vroegere mijnterreinen probeert men het aanzicht van • de westelijke en oostelijke mijnstreek weer aantrekkelijk te maken.

Bedrijven kwamen als vliegen op de subsidiestrooppot af. Helaas waren dat vaak noodlijdende bedrijven, die al vrij snel geruisloos van het Limburgse toneel verdwenen. Het resultaat is dat de werkloosheid nog steeds boven , het landelijk gemiddelde blijft. Het overheidsbeleid is niet toereikend geweest voor de dreun die de mijnsluiting teweegbracht. De herindustrialisatie is grotendeels mislukt, zeker in het oostelijk mijngebied.

In de westelijke mijnstreek zijn grote industriële bedrijven gevestigd en uitgegroeid (DSM, Volvo-car).

Op de vroegere mijnterreinen zijn geen nieuwe industrieën gevestigd. Wel kwam er met name tertiaire werkgelegenheid. Bij voorbeeld het CBS zit nu op het terrein van de voormalige Oranje-Nassaumijn in Heerleh. Diensten en overheid zijn de belangrijkste werkgevers geworden in het Limburgse land. De kantoorfunctie is in de grotere kernen fors toegenomen en heeft zelf weer gezorgd voor vestiging van onder andere computerdienstverlening (bij voorbeeld vestiging van computercentrum Nederland in Heerlen). Zo wordt de wervingskracht van het stedelijk produktiemilieu versterkt en kunnen de grootscheepse plannen voor de noodzakelijke aanpassing van de rommelige binnensteden gerealiseerd worden. Het zal echter nog vele jaren èn miljoenen vergen voordat' alle sporen van het mijnbouwverleden zullen zijn uitgewist. De mijnbouw heeft gezorgd voor verstedelijking in het Zuidlimburgse land.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.