+ Meer informatie

Naar de Catechisatie

6 minuten leestijd

51.

HET WERKVERBOND

God heeft de mens goed en naar Zijn evenbeeld geschapen. Hij kon dus volkomen beantwoorden aan de bestemming, die God hem gegeven had: Hem te kennen, zichzelf als een levend dankoffer Gode op te offeren en als koning te heersen over al het geschapene. Nu wil dit niet zeggen, dat de mens aanstonds al op de hoogste sport van die ladder stond, waarop God hem geplaatst had. Maar let er wel op, dit wil niet zeggen, als zou er toch enig gebrek nog zijn geweest. Volstrekt niet. De mens was volkomen toegerust met de allerbeste gaven. Maar hij moest nog komen tot zulk een verheven en vaste staat, dat hij niet meer vallen en sterven kon! Dit was het eeuwige leven, waarvan„de boom des levens” een heerlijk teken en zegel was.

Tot dat eeuwige leven en tot die vaste staat kon de mens komen langs de weg van het WERKVERBOND. Dit werkverbond lag begrepen in zijn schepping, waarbij Gods eis was: volkomen gehoorzaamheid aan Zijn wet, die in Adam was ingeschapen en waarbij God Zijn belofte stelde: op gehoorzaamheid het EEUWIGE LEVEN te geven en bij ongehoorzaamheid de bedreiging: de dood sterven. Hoe moest Adam die gehoorzaamheid betonen? Geheel vrijwillig. God vraagt geen gedwongen dienen. De onbezielde schepselen dienen en prijzen God, zij kunnen niet anders. Zij doen dit onbewust. Dit heeft God in hen gelegd. Maar van de mens als redelijkzedelijk schepsel vroeg God een VRIJWILLIGE gehoorzaamheid. Daarom heeft ook God de mens VERBONDSGEWIJZE geschapen.

Dit houdt een schone gedachte in.

Want dit „verbondsgewijze” wijst op een bijzondere verhouding en betrekking, een verhouding als van een vader met een kind, een meest intieme liefde-betrekking. Niet dus in een verhouding alsvanpatroonenknecht. Hierop zou de naam ,.werkverbond” kunnen wijzen. Dit is echter niet het geval. De benaming „ werkverbond”, die de kerk gegeven heeft aan dit verbond, wijst op de weg, waarlangs de mens kon komen tot het eeuwige leven, namelijk: volstrekte gehoorzaamheid, die hij door de hem van God verleende gaven zelf kon betonen.

Het woord „werkverbond” vinden wij niet letterlijk in Gen. 2 en 3. Wel de zaken, zoals: eis, belofte en bedreiging. Ook de naam: „HEERE God” in Gen. 2 en 3 wijst op een verbond.

In Hosea 6 : 7 lezen we: „Maar zij hebben het verbond overtreden als Adam”.

Ook onze Nederlandse Geloofsbelijdenis wijst heen naar dit werkverbond. In artikel 14 is sprake van „het gebod des levens”.

Zo heeft God dus op de meest intieme wijze gemeenschap met Zijn mens willen oefenen. „ Verbond” houdt dus in: liefdesbetrekking. De wet, die in het hart van Adam was ingeschapen, was dan ook een LIEFDE-WET!

O, wat is de VAL van de mens dan ook ontzaggelijk erg en smartelijk geweest. Tegen zulk een Schepper en God gezondigd te hebben! De Heilige Geest leert dit in de weg der ontdekking verstaan en met smart bewenen. Terugkomend op de EIS: volkomen gehoorzaamheid, merkten we op, dat de mens die VRIJWILLIG moest betonen. Uit enkel liefde had God de mens geschapen en daarom was het billijk, dat God VRIJWILLIGE WEDERLIEFDE eiste.

Om nu die vrijwillige wederliefde op te brengen stelde God het PROEFGEBOD. Niet omdat God het niet zou geweten hebben, maar Adam moest hettonen. God wilde het zien. Een heel eenvoudig voorbeeld moge dit verduidelijken. Wanneer u een jongen op een stoel vastbindt en u zegt tot hem: je moet blijven zitten, dangehoorzaamthiju, maar..... hij kan niet anders. Het is bedwongen gehoorzaamheid. Doch wanneer u hem op een stoel zet, ongebonden, en u zegt dan: je moet blijven zitten, dan kunt u zien of hij u vrijwillig gehoorzaamt.

Dit proefgebod bedoelde vanzelf nooit om Adam te verzoeken. verre is God van goddeloosheid en de Almachtige van onrecht. God kan niet verzoeken, want verzoeken is aanporren tot het kwade. Dit zien we bij satan. Die kwam na het proefgebod tot Evaomj uist aan te zetten tot ongehoorzaamheid, tot het eten van de verboden boom.

De Heere daarentegen BEPROEFDEdemens. Juist opdat zou blijken, dat hij God VRIJWILLIG zou gehoorzamen. En hij kon dit VOLKOMEN. Er was NIETS in de mens, waardoor hij zou moeten zondigen. Volkomen goed geschapen. Maar met het oog op het VRIJWILLIGE van zijn gehoorzaamheid moest er dus gesteld worden: de ZIJWEG, het kunnen zondigen, d.w.z. niet uit iets, dat toch op enige afwijking of zwakte inzijnschepping zou wijzen, nog eens: volstrekt niet, maar kunnen zondigen door wat van BUITENAF tot hem kwam. En dit was hier de duivel, die het boze zaad in Eva’s hart zaaide en niet minder in dat van Adam. Zij hadden kunnen bemerken, dat hier een verkeerde macht aanwezig was. Want God had de mens in de hof van Eden geplaatst, om die hof te bouwen en te bewaren, Gen. 2 : 15. Dit onderstelde dus gevaar.

Toch heeft de mens gegeten. En daardoor heeft hij het werkverbond verbroken, moeden vrijwillig!

Nooit kan de mens van zijn kant ditverbond herstellen, terwijl toch zijn eis blijft gehandhaafd. Onze Heidelberger stelt de vraag in Zondag 4: Doet dan God de mens niet onrecht, dat Hij in Zijn wet van hem eist, wat hij niet doen kan? Dan luidt het antwoord: Neen Hij; want God heeft de mens alzo geschapen, dat hij dat doen kon; maar de mens heeft zichzelf en al zijn nakomelingen DOOR HET INGEVEN DES DUIVELS en door MOEDWILLIGE ONGEHOORZAAMHEID van deze gaven beroofd.

Wanneer u deze les gelezen hebt, ligt het kerstfeest weer achter ons.

Dit machtige heilsfeit spreekt van de weg waardoor alleen de HERSTELLING van het verbroken werkverbond heeft kunnen plaats vinden, namelijk door de komst van H6m, de Zoon van God, Die nu als Borgen Middelaar voor al Zijn volk de EIS der wet op Zich heeft genomen om die volkomenlijk te volbrengen, ja haar vloektedragen, deschulden straf der overtreding te boeten en alzo deverzoening door voldoening aan te brengen. En dit is geschied. Maar langs de weg van

Zijn bitter lijden en sterven, door dediepte der vernedering heen. Boven de kribbe hingen reeds de schaduwen van hetkruis: geen plaats in de herberg, geen plaats meer voor Hem op Golgotha: daarom gekruisigd, tussen hemel en aarde hangend!

Gods oordeel is grondeloos!

Hoe duur is de prijs geweest, waarmede de Borg de Zijnen heeft gekocht. Wat heeft de zonde van Zijn volk Hem gekost!

Wie daarvan iets gaat verstaan, zal de zonde bewenen en vlieden.

Maar die zal ook in verbrokenheiddesharten iets smaken van de eeuwige, ondoorgrondelijke LIEFDE van God en van Christus. Van God, Die Zijn eigen lieve Zoon daarvoor over heeft gehad, en van Christus, Die Zichzelf uit gadeloze liefde gaf om Zijns Vaders eer en deugden op te luisterenen om..... vijandenmet God te verzoenen!

„Doch Gode zij dank voor Zijn onuitsprekelijke Gave”.

Urk v.L.

Alle kollegae en broeders-medewerkers, alsook alle lezers van ons bind, onze zeer hartelijke zegewensen voor 1969!

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.