+ Meer informatie

Turkse militaire junta gaat voor West-Europa niet opzij

Generaal Evren stuurt aan op nieuw staatsbestel

8 minuten leestijd

Europa heeft het moeilijk met Turkije dat nog voor het einde van deze eeuw een volwaardig lid van de Europese Gemeenschap moet worden. Tenminste, dat ligt in het voornemen. Maar ook de NAVO waarvan Turkije reeds een volwaardig lid is, kent met dit land de nodige problemen.

Om al deze moeilijkheden te wijten aan het ontbreken van een westers model democratie, zoals de Raad van Europa in Straatsburg dat deze maand deed, is een onderschatting van de situatie in Turkije. De Raad van Europa ging echter vooral op aandringen van de Scandinavische leden verder.

Ze weigerde het mandaat van de Turkse leden in Straatsburg te verlengen. De Raad verlangt van de militaire junta, onder leiding van generaal Evren, dat ze een datum noemt, waarop de militaire junta weer terugtreedt en de voor september 1980 bestaande democratische staatsvorm weer in werking komt.

Poging

Reeds meerdere keren, en dat deed generaal Evren ook nu weer heeft de militaire junta aangekondigd dat tussen 20 augustus en 29 oktober een nieuwe wetgevende vergadering benoemd zal worden, die zich met een nieuwe grondwet zal bezighouden. Weliswaar onder de restrictie, dat ook in dat stadium de generaals zich het laatste woord voorbehouden.

Velen en ook in ons land is dat het gvral vinden dit maar een twijfelachtige toezegging. Ze zien in het beste geval slechts een vergadering ontstaan van „ja-knikkers", die accepteren wat de generaals zullen voorschrijven.

Helemaal onlogisch is die gedachtengang niet. Temeer omdat duidelijk is, dat het geen enkele politicus behorende tot de bestaande en nu ontkrachte politieke partijen zal worden toegestaan om aan deze wetgevende vergadering deel te nemen.

De vraag is echter of dit besluit van de junta nu tegelijkertijd ook een niet willen terugkeren tot de democratie moet betekenen. Die mening ben ik niet toegedaan. Het besluit van de junta is naar mijn overtuiging veel meer ingegeven door een ernstige poging de democratie in Turkije op vaste voeten te zetten, en het tegelijkertijd definitief een plaats in Europa te geven.

Revolutie

In de eerste plaats is het binnen een tijdvak van twintig jaar de derde keer, dat het land onbestuurbaar werd en de militairen zich gedwongen zagen in te grijpen om de erfenis van Kemal Atatürk, te bewaren. Want naast alle politieke verwording, die de laatste twintig jaar Turkije teistert, is daar ook nog de nog niet beëindigde door Kemal Atatürk gestarte cultuurrevolutie, die een einde maakte aan de overheersende islamitische invloed in Turkije en het land dwong de Europese civilisatie te accepteren.

Vervolgens is daar het feit, dat Turkije waar Oost en West elkaar ontmoeten, in de strijd tussen Oost en West opnieuw in handen van de Islam dreigt te geraken. Èen situatie, die de laatste is, die de militaire junta wenst. Het is echter juist Europa, dat met haar huidige afwijzende houding tegenover de junta de voorwaarden schept waardoor het streven van de generaals dreigt te mislukken en Turkije voor het Westen verloren zal kunnen gaan.

Wanneer in 1960 het leger op bevel van de kolonels, niet van de generaals, in Turkije ingrijpt en de regering Menderes, die tien jaar aan het bewind was opzij zet, dwingen ze het parlement, dat door het uitschakelen van Menderes, rechtsgerichte Democratische partij onder overheersende linkse invloeden kwam een nieuwe grondwet aan te nemen. Reeds een jaar later, trekt het leger zich terug en krijgen de politici weer het laatste woord.

Tweede ingreep

De tweede ingreep van de militairen vindt in 1971 plaats. Dan is het de Generale Staf van het leger, die het bevel geeft in te grijpen en een einde maakt aan de regering Demirel. Ze zag geen kans om aan de opbloeiende linkse terreur een einde te maken. Het politieke leven wordt onder toezicht gesteld, maar het parlement wordt niet naar huis gestuurd. In 1973 zullen de militairen weer terugkeren naar de kazernes en begint de democratie weer te functioneren.

In beide staatsgrepen ging het de militairen slechts om het behoud van de erfenis van Kemal Atatürk, het behoud van de democratie en de openbare orde.

Geen resultaat

Beide ingrepen hebben echter op den duur geen resultaat gehad. Want zowel tussen 1961 en 1971 en 1973 en 1980 bleek dat de politici niet in staat waren de democratie voor geweld en terreur met alle gevolgen van dien te behouden.

De terreur die van links reeds jaren in Turkije woedde, bleek vooral in de laatste jaren ook in toenemende mate door rechts gevoed te worden. Politieke moordacties, zowel van rechts als links deden het dodental snel stijgen. Vorig jaar vielen er gemiddeld twintig doden en meer dan 100 gewonden per dag! De gevolgen waren duidelijk. De inflatie steeg tot boven de 100 procent, terwijl er gebrek ontstond aan de meest noodzakelijke levensbehoeften. De terreur, die oorspronkelijk slechts politieke oorzaken had, vond in het afgelopen jaar ook voedsel in de etnische en religieuze tegenstellingen, die in Turkije nog altijd aanwezig zijn. De Turkse ambassadeur bij de VN Coskun Kirca zou hierover opmerken: ,,De oorzaak van dit terrorisme ligt in het sociale en psychologische patroon van ons land, waar het begrip democratie betrekkelijk nieuw is. We kennen geen traditie van politieke tolerantie. ledere extremist in Turkije is een fanaticus".

Dralend

Twee jaar heeft het geduurd voordat de generaals onder leiding van generaal Kenan Evren, de chef van de Generale Staf op 12 september 1980 het leger bevel gaven in te grijpen. De aarzeling werd niet het minst veroorzaakt door de hoop dat de toegenomen terreur en de stijgende economische moeilijkheden, de beide grote politieke partijen, de Gerechtigheidspartij onder Demirel en de Republikeinse Volkspartij onder Ecevit, die beide net niet over een meerderheid in het parlement konden beschikken, zou dwingen een nationale oplossing te zoeken.

Nadat in de zomer van 1980 bleek, dat beide echter in de greep van hun radicale vleugels dreigden te geraken, grepen de generaals in. Want een winter zoals Turkije die in 1979/1980 meemaakte, waar door gebrek aan olie en transportmiddelen veroorzaakt door de onmogelijkheid van het parlement om te regeren, het land bijna ten onder ging, wensten ze niet te accepteren.

Met het invoeren van een zestigtal maatregelen werd de staat van beleg afgekondigd. Ten dele was dit reeds eerder in 13 van de 67 provincies die Turkije telt, gebeurd. Maar de terughoudende manier waarop de militairen in die provincies met deze staat van beleg omsprongen — het laatste woord lieten ze in die negen maanden nog steeds aan de linksgerichte politicus Ecevit — gaf weinig resultaat. De wanorde bleef aanhouden en toenemen.

De avondklok werd ingesteld tussen een en vijf uur 's nachts. Het parlement naar huis gestuurd en politieke partijen verboden. Eenzelfde lot onderging het linksgerichte vakverbond Disk. Demirel en Ecevit werden in een luxe militair hotel voorlopig uit de roulatie genomen. Ze zijn onlangs nadat ze de belofte hebben afgelegd geen politieke activiteiten meer te zullen ondernemen weer op vrije voeten gesteld.

Grondig

Erbakan, de leider van de linkse islamitische Heilspartij en Türkesch, de leider van in Europese ogen fascistische Nationale Aktiepartij staan nu voor een militair Gerechtshof terecht. Türkesch wacht de doodstraf. Hij is 64 jaar, maar omdat de Turkse wet de tenuitvoerlegging van de doodstraf boven de 65 jaar verbiedt, zal met het uitspreken van het vonnis wel gewacht worden tot hij volgend jaar vijfenzestig jaar wordt. Dat betekent echter niet, dat hem dan gratie wacht. Daar is geen sprake van.

Ook de vakbeweging is aan strenge banden gelegd. Het stakingsrecht is opgeheven, kortom in tal van diepingrijpende maatregelen is de harde dwingende hand van het leger te bemerken. Dagelijks vinden nog arrestaties plaats en worden wapenvoorraden opgeruimd. Honderden geweren en tientallen kilo's munitie en springstoffen zijn reeds in de handen van de militairen gevallen.

De politie heeft in het geheel slechts een aanvullende taak gekregen. Ze bleek in het verleden als hoeder van de openbare orde geheel niet op haar taak berekend. Ten dele werd dit veroorzaakt doordat ze voornamelijk links georganiseerd was. Subversieve elementen kregen de overhand, waardoor ze bij de toegenomen terreur steeds minder effectief kon optreden. In 1980 lieten zich in reactie hierop ook steeds meer rechtsextreme krachten binnen de politie zich gelden. Ze werd en dat was vooral de laatste maanden voor de staatsgreep het geval slechts een speelbal van extreme richtingen.

In tegenstelling tot 1961 en 1973 lijkt de militaire junta nu op een geheel nieuw staatsbestel in Turkije aan te sturen. Ze wil de politiek in Turkije en het maatschappelijke bestel een geheel nieuwe basis geven. Er zijn steeds meei aanduidingen dat men daarbij denki aan een grondwet a la de Gaulle, mei een sterke macht voor de president en weinig invloed van het parlement.

Generaal Evren heeft zich hierover nog steeds niet uitgelaten. Hij hult zich daarover in stilzwijgen. Het is echter wel zeker, dat wanneer de bevolking de keus gelaten wordt om de president te kiezen, de keus op hem zal vallen.

Zijn populariteit onder de militairen zowel als onder de bevolking is groot. Want hij is er in geslaagd om snel een einde te maken aan de bloedige terreur, die iedereen teisterde. Orde en veiligheid is dank zij het ingrijpen van het leger teruggekeerd, zodat ik tijdens het korte bezoek dat ik aan Turkije bracht, niemand heb gesproken, die niet opgelucht adem haalt.

Daarbij komt dat ook de economie zich langzaam maar zeker herstelt van de wonden, die politiek wanbeheer geslagen hebben. De inflatie is sedert september vorig jaar met tweederde gedaald, terwijl de werkgelegenheid weer toeneemt. Zo lang de herinnering aan het geweld en de terreur in Turkije levendig blijft, behoeven we er niet op de rekenen dat er vanuit de bevolking aandrang ontstaat om de democratie weer terug te willen. Daar is geen sprake van.

Maar er is er ook geen sprake van dat de militaire junta, die trots op haar taak is als de hoeder van de erfenis van Kemal Atatürk voor de eisen en verlangens van de Westeuropese politici opzij zal gaan.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.