+ Meer informatie

Ware schuldbeleving aan Jezus' voeten

4 minuten leestijd

„En staande achter Zijn voeten, wenende..." Lukas 7:38

De Heere Jezus is te gast in het huis van Simon, een Farizeeër. Nee, het is niet het huis van Simon de melaatse, waar Jezus ook gezalfd is. Dat is geweest vlak voor Zijn lijden en sterven, zoals we lezen in Mat. 26.

Deze Simon heeft Hem uitgenodigd voor de maaltijd, samen met nog wat anderen, die mede aanzitten aan de tafel, vs. 49. Plotseling komt tijdens de maaltijd een vrouw binnen. Wie is deze vrouw?

We lezen in vers 37 „En ziet, een vrouw in de stad, welke een zondares was..." Hoewel het er niet staat, denken de meeste verklaarders aan een publieke vrouw, of een overspelige vrouw. Een vrouw met een zondig verleden.

Nee, ze is niet zo maar toevallig binnengelopen. Ze heeft kennelijk naar Jezus gezocht en heeft Hem gevonden. Er woonde zoveel hoogachting en liefde in haar hart, dat zij vast besloten is om Hem te bezoeken. Haar hart is brandende van liefde.

Maar ze wil ook deze liefde tonen, want... ze bracht een albasten fles met zalf Dat is zeer dure mirre, gewonnen uit hars en werd gebruikt om het hoofd te zalven.

Maar als ze de hals van de fles wil breken en zij wil beginnen de zalf uit te gieten, dan, lezen we in vers 38: „En staande achter Zijn voeten, wenende, begon zij Zijn voeten nat te maken met tranen..." Achter zijn voeten! Heel dicht bij Jezus. Vlak bij Zijn voeten, die daar rusten op de bank.

Als ze zo staat bij Jezus, dan kan ze niet direct doen waarvoor ze gekomen is. Want ze kan haar tranen niet bedwingen. Ineens barst zij uit in tranen. Het zijn tranen van boetvaardigheid en droeflieid. Dat is beleving geweest bij deze vrouw. Schuldbeleving. Deze tranen spreken.

Opvallend is in het hele gedeelte dat de vrouw zwijgt. Er staat niets uit haar mond opgetekend. Ze zegt niet: Ik ben een zondares. Maar ze beleeft het. We kunnen zoveel praten over schuld en zonde. Maar hebben we wel eens beleefd wat schuld is?

Ja, dit is nu een mens die zondaar voor God geworden is. Die weet van schuld en zonde. Het zijn deze liefdestranen die zij bij Hem schreit, door diep schuldbesef getroffen en verslagen. Deze tranen druppen op de voeten van de Heere Jezus, Die daar aanligt aan de tafel.

Zijn we al een keer echt zondaar voor God geworden? Als een boeteling, smekend om genade. Smekend, echt op onze knieën terecht gekomen om God aan te lopen. Tegen een goeddoend God gezondigd. Dat zijn zij die met hun zonden te doen krijgen. Die gaan inleven dat zij helwaardig zijn. Alle geboden te hebben overtreden en geen daarvan gehouden.

Dan wordt zonde zonde in ons leven. En schuld schuld. Dat is een bevindelijke les, die al Gods kinderen leren. Waar de Schriftgeleerden en rijke mensen niet van weten. Niet van willen weten. Maar Gods oprechte volk wordt daar gebracht. Waar de liefde Gods in onze harten wordt uitgestort daar worden wij arme zondaren.

We komen openbaar als haters van God en haters van onze naaste. Daar wordt het beleefd: Een stroom van ongerechtigheden had de overhand op mij... Daar gaan zij het met David inleven en uitroepen: Ik heb gedaan dat kwaad was in Uw ogen, dies ben ik, Heere, Uw gramschap dubbelwaardig.

Zondaar voor God? Weten we daarvan? Van dat hartelijke leedwezen, dat wij God om onze zonden vertoornd hebben? Van die offeranderen die God en Christus behaaglijk zijn: een verbroken hart en een verslagen geest!

Deze vrouw beleeft het als zij bij Christus staat. Zij ervaart haar schuld, maar tegelijk de schuldvergevende liefde van Christus. Als een onwaardig, diep schuldig mensenkind, die niets meer te zeggen heeft. Alleen maar schuld en nog eens schuld.

Zalig zij die zo treuren, want die zullen vertroost worden. Nee, dat zijn geen tranen van het gemoed. Als een mens die haar emoties niet de baas is. Het zijn geen tranen van droefheid naar de wereld. Daarachter schuilt een hart dat de zonde vast wil houden. Maar deze tranen zeggen iets van de gesteldheid van het hart.

Er zijn ook mensen die al vertroost zijn, voordat zij ooit een waarachtige traan naar God geschreid hebben. Hier is iemand, bij wie het werkelijk om Jezus te doen geworden is. Haar hart is vol van de schuldvergevende liefde van Christus. Zij ziet alles in Hem. Zulk Een is Mijn liefste, zulk Een is Mijn vriend!

Is het niet onbehoorlijk wat deze vrouw doet? Want het is nogal wat, wat Jezus daar toelaat. Zijn voeten laat Hij bezoedelen door de tranen van zo'n slechte vrouw. Weet u wat het wonder is? Dat Jezus zulke zondaren niet wegstoot. Zulken, die wenende aan Zijn voeten staan. Die al hun liefde Hem waardig schatten. Zo wil Hij een vriend zijn van tollenaren en zondaren.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.