+ Meer informatie

De waarheid van schepping en val

6 minuten leestijd

1.

Om fundamentele zaken.

Het zal niet nodig zijn, om de direkte aanleiding tot het schrijven over schepping en val hier te noemen. Ieder, die ook maar enigzins op de hoogte is van de huidige beoordeling van de eerste hoofdstukken uit Gods Woord, zal deze aanstonds zelf kunnen zeggen.

De aanleiding is toch nergens anders in te vinden, dan in de ontkenning van de feitelijkheid van het gebeuren rond schepping en val, zoals die de laatste tijd min of meer bedekt geopenbaard wordt.

Reeds meer dan een jaar geleden bereikte de kommissie van redaktie de vraag van één onzer predikanten om in ons blad aandacht te besteden aan de boze raadslagen tegen Gods Woord. Kennelijk werd in die vraag ook gedoeld op een behandeling van het gezag en de betrouwbaarheid van Gods Woord in verband met de benadering van deze dingen. Ook daarna kwamen meerdere verzoeken in deze richting.

Zo lag het reeds lang in de bedoeling te proberen een en ander over deze zaak te schrijven. Het blijkt nu te meer nodig daar deze aangelegenheid op eigen erf, een door ons betreurde aktualiteit gekregen heeft.

Uiteraard is het bespreken van dit onderwerp geen gemakkelijke zaak. Het kan nu eenmaal niet anders dan door kennis te krijgen van de verschillende stellingen en uitspraken, die door allerlei schrijvers op dit gebied de laatste tijd gedaan zijn. Veelal spreken dezen niet de taal der eenvoudigen. Daarom heb ik ook lang geaarzeld om hieraan te beginnen.

Anderzijds heb ik echter gevoeld, dathetvoorbijgaan aan dit onderwerp, juist tegemoet komt aan een bepaald soort wetenschappelijk denken. Daarbij heb ik het oog op die wetenschap, die met allerlei vóóroordelen nadert tot Gods Woord, en bij veel woordvoerders in deze aangelegenheid zo’n grote rol speelt. Het is die wetenschap, die ook aan de eenvoudigen het recht ontzegt, om maar één woord te spreken in de onderhavige kwestie, laat staan te oordelen.

Voor die afgod mogen en behoeven we niet te buigen. Hetgeen natuurlijk niet wil zeggen, dat de gestelde vragen en opmerkingen, niet ernstig en oprecht onderzocht dienen te worden.

Vergeet daarbij niet: het gaat hier om fundamentele zaken. Geen ogenblik zou ik eraan denken hier tijd aan te besteden, indien ik daarvan niet overtuigd was.

Spottend is het wel eens opgemerkt, dat het niet uitmaakt voor de zaligheid of de slang wel of niet gesproken heeft. Die spot valt op een andere wijze terug te vinden bij heel wat voorstanders van een ander verstaan van de geschiedenis van schepping en val, dan Gods Woord eenvoudig aangeeft. Maar bewust of onbewust gaat deze spot aan de werkelijkheid voorbij.

Om fundamentele zaken!

Allereerst raakt deze gehele zaak het Woord van God. De eerste hoofdstukken van de Bijbel zijn Gods Woord. Dat Woord van God is waar, is betrouwbaar, heeft gezag. God Zelf is toch de eigenlijke Auteur der Heilige Schrift.

Prof. Greydanus schrijft in „Schriftbeginselen ter Schriftverklaring”: Wat God dus in de Heilige Schrift openbaart, hetzij over Zichzelf, hetzij aangaande het schepsel, over engel en duivel, over mens en mensheid, over geschiedenis en toekomst, over hemel en aarde, en waarover ook maar, is waarheid. En moet door ons als waarheid gelovig worden erkend en voorgesteld, ook in onze Schriftverklaring”. Het kan en mag dus niet aan de diskussie worden overgeleverd of de historische mededelingen van Gods Woord betrouwbaar zijn.

Het in twijfel trekken van deze mededelingen, brengt dit Woord in geding. En naar twee zijden wordt dit waar, als de geschiedenis van schepping en val niet genomen wordt zoals die er staat. In de eerste plaats wordt in dat Woord het gehele Woord bestreden.

In de tweede plaats volgt op de kritiek op de eerste hoofdstukken de kritiek op het vervolg vanzelf. We hebben Gods Woord hoog te houden. De bron mag niet verontreinigd worden. De lamp moet helder branden. Laten we het betrachten in de wetenschap: Gods Woord verdedigt Zichzelf, en wij mogen alleen maar stamelend daarvan getuigenis geven.

Dan, dit raakt de belijdenis. De belijdenisgeschriften spreken een duidelijke taal. Artikel 5 van de Nederlandse Geloofsbelijdenis getuigt: En wij geloven, zonder enige twijfeling, al wat daarin, in de boeken van de Heilige Schrift, begrepen is. Trouwens de belijdenisgeschriften van de kerken der Reformatie hier en in het buitenland stemmen overeen in het aanvaarden van de bijzonderheden in de geschiedenis uit Gods Woord van schepping en val. Zo stelt men zich tegen de duidelijke uitspraken van de belijdenis, zonder dat uit Gods Woord aangetoond wordt, dat de belijdenis onjuist is. En het behoeft geen betoog dat in onze tijd die belijdenis ook hooggehouden dient te worden.

Ook komt hier de prediking in geding. Het is openbaar, dat de doorwerking van de zgn. nieuwe benadering van Genesis 2-3 b.v. in de prediking binnen de Gereformeerde Kerken, wrange vruchten draagt. Hoe kan het anders? Waar de betrouwbaarheid en het gezag van Gods Woord ondermijnd worden, daar wordt de bediening van dat Woord mager en zonder kracht. En schepping en val dienen in de prediking hun plaats te hebben. Helaas was deze plaats op het erf van menige kerk reeds gering, maar door deze kritiek zal het nog minder worden. Dan: in de prediking moet toch Christus als de 2e Adam voorgesteld worden, en hoe kan dat, als het bestaan van de 1ste Adam met legenden omringd wordt, of zelfs geheel en al legendarisch genoemd wordt?

Tenslotte: dit betreft ook de beleving. Wij hebben schriftuurlijke beleving nodig. Als wehe’ over de zaak die ons bezighoudt hebben, kan de Helvetische konfessie ons onderwijzen (1562): „Zo rusten wij slechts in het oordeel van geestelijke mensen, dat uit het Woord van God is genomen”. Geen beleving buiten of tegen Gods Woord. De Heere onderwijst de Zijnen door Woord en Geest. Hij leidt ook terug naar de eerste dingen, maar dan ook naar dat Woord. Ik kan het niet anders zien dan dat de schriftuurlijke beleving van wat God openbaart aangaande de eerste dingen in het Paradijs in gedrang komt. En daarmee raakt deze zaak de bearbeiding van zielen. Moet ik de velen, die mij toebetrouwd zijn, een Woord brengen, dat niet zo genomen moet worden als God het gegeven heeft?

Gevoelt u de ernst van deze vraag?

Met deze enkele punten zijn we al vooruitgegrepen, zelfs op de beoordeling. We zijn ons daarvan bewust. Later hopen we hierop terug te komen. Vergeet één ding niet. Blijf niet staan bij de kritiek op deze kritici, zoek voor uzelf de beleving van de kracht van Gods Woord.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.