+ Meer informatie

Generale Synode

5 minuten leestijd

2

We hadden het over nieuwigheden.

Deze beheersen in zekere zin een hele synode. Dat behoeft nog niet te leiden tot allerlei openlijke verdeeldheid. De behandeling kan in zekere zin op hoog niveau plaats vinden, zoals wel eens gezegd wordt, terwijl toch de afgevaardigden het gevoel hebben, dat er een knelpunt aan de orde is. Men kan wel beweren, dat het niet om wezenlijke dingen gaat, maar in feite gaat het wel om wezenlijke zaken. Anders is niet te begrijpen, dat men zo halstarrig nieuwigheden blijft verdedigen en niet rust voor er een meerderheidsbesluit gevallen is. Er blijkt niet veel begrip te zijn voor het gevoelen van hen, die vast willen houden aan het oude.

Het is ook een zeer opmerkelijk verschijnsel, dat sommige afgevaardigden op de achtergrond blijven en anderen schier bij elk onderwerp wat hadden te zeggen. Dat blijkt ook uit de verslagen. Kwam dat allemaal voort uit wijsheid en bescheidenheid? Werd altijd naar de raad der ouden geluisterd?

Door die vele zaken en die langdurige besprekingen wordt een synode een zeer kostbare zaak, die duizenden verslindt. Er zijn heel dure afgevaardigden op de synode, niet vanwege de reiskosten. Die zijn wel hoog, maar blijven nog binnen redelijke perken, maar vanwege de tijd, die zij in beslag namen voor hun betogen.

Dit is een algemeen verschijnsel op allerlei kerkelijke vergaderingen. En niet alleen op kerkelijke vergaderingen, maar schier overal waar mensen samenkomen om het een en ander te regelen. Naar onze vaste overtuiging zou het wel profijtelijk kunnen zijn, wanneer overal alleen maar vergaderingen gehouden werden, die bestonden uit wijze mannen, die met weinig woorden veel kunnen zeggen.

Of het dan niet beter is de synode helemaal af te schaffen en ook de particuliere synoden en de classis tot het verleden te doen behoren? Is het niet zaak het hele kerkverband op de helling te zetten? Deze gedachte is wel geopperd, maar doet toch geen recht aan het belang van een goed functionerend kerkelijk verband. Er zijn altijd zaken, die in een meerdere vergadering thuis horen. Ook deze synode moest worden gehouden.

Daar was bij voorbeeld de benoeming van een hoogleraar aan de theologische hogeschool te Apeldoorn. Een van de hoogleraren had de 70-jarige leeftijd al overschreden en kreeg eervol emeritaat. Er moest een opvolger worden benoemd. Dat moest door de synode geschieden. Dat is ook gebeurd. Hoeveel tijd dat deze keer in beslag genomen heeft is ons niet bekend. Wel, dat er eenstemmigheid was bij de benoeming.

Dat is wel eens anders geweest. We herinneren ons, dat een vroegere hoogleraar, die al vele jaren geleden gestorven is, eens het volgende vertelde. De Heere had hem doen verstaan, dat hij tot dat werk geroepen was. Er kwam een tweetal voor de dag, waarop ook de naam van de verteller stond. Beide candidaten werden verwezen naar een kamertje, waar ze lang moesten wachten, terwijl de synode over hen kon spreken en een beslissing kon nemen. De synode kon het blijkbaar niet gauw eens worden over de te benoemen candidaat. In elk geval, de candidaten dachten, dat ze vergeten werden. Maar ten slotte mochten ze weer binnenkomen en werd medegedeeld, dat de andere candidaat met meerderheid van stemmen benoemd was. Dat was een beproeving voor onze verteller. De benoemde nam de benoeming in beraad, maar deelde daarna mede, dat hij geen vrijmoedigheid had de benoeming te aanvaarden. De synode was toen even ver als bij het begin van de behandeling van deze benoeming. Nieuwe beraadslagingen volgden. Toen werd de tweede candidaat benoemd. Deze nam de benoeming terstond aan en zei, dat al die tijd gespaard had kunnen zijn, wanneer men hem terstond gekozen had.

Het komt wel eens meer voor, dat iemand weet ergens een plaats te zullen krijgen en dat het gaat in een weg, waarin het schijnt, dat er niets van terecht kan komen. Maar als iets van de Heere is, zal Hij op Zijn tijd en wijze heerlijk vervullen, wat men heeft verwacht. De Schrift geeft hiervan verschillende voorbeelden.

In ons blad is al meer dan eens naar voren gekomen, dat wij bevreesd zijn voor al die contacten met de vrijgemaakten, of ze nu binnen het verband zijn of daarbuiten. Verschillende gemeenten en classes lijken er op gebrand te zijn toch zo gauw mogelijk en zo goed mogeüjk samen te smelten met de buitenverbanders. Daarbij wordt zelfs kerkelijke bepalingen geweld aangedaan.

Ook ter synode kwam deze zaak aan de orde en bleken sommige afgevaardigden meer gericht te zijn op de buitenverbanders dan op de gemeenten in eigen kerkverband, die van samengaan of nauwer contact met die vrijgeraakten niets willen weten, omdat zij daarvan het ergste vrezen voor eigen kerkelijk leven. Van de kant van de vrijgemaakten blijkt nog niet veel toenadering. Ze staan in elk geval niet te dringen bij onze kerkdeuren. Laten we niet vergeten, dat na 1892 velen de Gereformeerde kerken verlaten hebben, hele gemeenten en ook gezinnen en personen, die zonder meer aansluiting gezocht hebben bij die kerken, die na 1892 hun zelfstandigheid bewaard hadden. Dat is de juiste weg.

Het is duidelijk, dat de Christelijke Gereformeerde kerken aanvankelijk, en jarenlang, hun rug gekeerd hadden naar de Gereformeerde kerken en dat het nu al jaren anders is. Onbegrijpelijk.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.