+ Meer informatie

aLLES niEuw

5 minuten leestijd

.... want de eerste dingen zijn weggegaan. (Openb. 21 : 4b.)

Na het stilzwijgen in cle hemel, komen cle gerichten los. De wereldgeschiedenis loopt naar het eindoordeel en God voltrekt Zijn oordeel.

Wat betekent dit voor de gelovigen, Gods kinderen? Zullen zij met de wereld veroordeeld worden? Zij hebben het wel verdiend. Maar, o eeuwig wonder, cle Heere behoudt Zijn volk uit dit gericht in en om Christus. O, clit is vrij en souverein welbehagen.

Toen de gehele wereld in de zondvloed onderging, staat er: „En de Heere sloot achter hem toe." Het was nu Gods tijd; Noach binnen, cle spotters en cle zorgelozen buiten.

Er was een einde gekomen aan cle weelde en het ongeloof en duizenden zijn in hun zonde buiten cle ark gestorven en omgekomen. Maar Noach was binnen in veiligheid.

Het groot geheim daarvan leest ge in Hebreën 11 vers 7.

Hebreën 11 vers 7. Een Loth werd van God uit Soclom geleid door cle Engelendienst. Het oordeel over Soclom wordt dan pas voltrokken, als Loth uit Sodoin is.

De verheerlijkte Immanuël roept: Vreest geen der dingen clie gij lijden zult. De Heere weet waar Zijn volk woont, namelijk daar, waar cle troon des satans is. Zo zal het ook in en met cle voleinding der wereld zijn. Nog eens: Hij, Christus behoudt Zijn volk, omdat Hij aan de Vader in hun plaats voldaan heeft, ja voor dit zondige en zo naakte en schuldige volk alles heeft volbracht. Alles zal eenmaal nieuw zijn; want cle eerste dingen zijn weggegaan.

O ja, dan zal het zijn in clat grote oordeel; als alle goddelozen, ja zelfs de dwaze maagden, cle talloze belijders en tijdgelovigen het zullen zien: „en de deur werd gesloten." Voor eeuwig gesloten! Dit is het einde dezer zotte wereld en alle valse godsdienst en grond buiten cle enige borggerechtigheid van Christus.

O, welk een souvereine barmhartigheid Gods omtrent het verloste en gekochte volk Gods in Christus de Heere, hun Gerechtigheid.

Wie Christus toebehoren, mogen de hemelse heerlijkheid beërven. Johannes zag een nieuwe hemel en een nieuwe aarde. Dit is de toekomst van Gods kinderen.

Het zijn bange dagen nu voor het Godvrezende volk. Maar dit zal hun leed verzachten: Jezus zelf zal hen afhalen, eerst naar cle ziel en daarna naar ziel en lichaam beide.

O. die grote dag des oordeels! Dan zullen cle goddelozen als een stoppel zijn. Hier zijn cle gelovigen nog in een wereld van zonden en wonden; vreemdelingen in een vreemd land en naar cle nieuwe mens niet thuis op aarde. Daarom hebben zij lijdzaamheid van node, oefeningen des geloofs, zelfverloochening en een dagelijkse strijd tegen alles wat hen aftrekt van de Heere.

Maar eens zal het zijn: „Want de eerste dingen zijn weggegaan." Welke dingen?

De zonde, de dienst des duivels en cle heerschappij van de mensenmoorder van den beginne.

De eerste dingen: clat is al het leed en cle moeite, het kruis en de ellende met al de gevolgen der zonde. Dat is het leven waarin God niet aan Zijn eer komt. Dat is alles weggegaan, want. . Hij maakt alle dingen nieuw. Johannes zag een nieuwe hemel en aarde. Hij zag cle heilige stad Gods als het nieuwe Jeruzalem, nederdalende van God uit cle hemel, toebereid als een bruid, clie voor haar man versierd is. En ik, zo vervolgt Johannes, hoorde een grote stem uit cle hemel, zeggende: Ziet, cle tabernakel Gods is bij cle mensen en Hij zal bij hen wonen en zij zullen Zijn volk zijn en Gocl zal Zelf bij hen en hun God zijn.

En Gocl zal alle tranen van hun ogen afwissen en de dood zal niet meer zijn... want de eerste dingen zijn weggegaan. De waarheid verklaart zichzelf; clat het bij aan-of voortgang ook zaligmakend in ons hart werd verklaard.

Hoe moeilijk kan voor clat lieve volk Gods hun gang door dit leven zijn, als een doornig pad. Van rouw en gekrijt en moeite is hun leven dikwijls vol. Maar eens zullen ze voor eeuwig verlost wezen. „Maar cle Heere zal uitkomst geven." Ps. 42.

Hun reis gaat wel door cle woestijn, maar naar een eeuwig Kanaan. Er blijft voor clat volk een eeuwige rust over, waar ze met al de hemellingen tot in de eindeloze eeuwigheid God zullen prijzen en altijd bij de Heere zullen zijn. Hier zijn ze maar pelgrims en hun reis is een door tocht.

Het einddoel van die reis is het vaderland hierboven.

Hier zeggen ze: „niets is er waar ik in kan rusten" en toch zijn ze in hope za-

Vreselijk daarentegen als wij op de aarde zo thuis zijn. Als we de gesprekken beluisteren dan gaat het meestal over mooi en genot, over vacantie, zee en bos, over dure mooie kleren enz. Dit alles bestempeld met het woord „ontspanning." Maar als dat alléén ons leven is, als we niet meer hebben, dan leven wij buiten God en zonder God en is straks de ark en de hemel gesloten. Heel deze moderne en ijdele wereld valt straks als een kaartenhuis ineen. Laten wij dan door Gods genade deze dingen ontvlieden, worstelen om onze zielen gered te krijgen, om op goede gronden met God, in Christus verzoend te worden. Nu horen wij van de jonge mensen zo dikwijls: „mag dit niet" en „mag dat niet". De vreze Gods heeft geen behoefte aan deze weelderige wereld. Hun bede is: „Wend, wend mijn oog van de ijdelheden af. Straks komt Jezus op de wolken, dan zijn de eerste dingen weggegaan en mag Gods volk naar huis.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.