+ Meer informatie

Van Melle moet nu boeten voor verzwegen afyersingspraktijken

Vreemd agerende suikerwerkboer blijft raadsel voor Braziliaanse recherche

9 minuten leestijd

RIO DE JANEIRO - „Hoeveel komen jullie halen?" De vraag, gesteld in gebrekkig Portugees, bracht het rechercheteam even in verwarring. Dat bleek wederzijds. Het kostte de vier politieagenten bijna een kwartier om de door de zenuwen verslonden Nederlandse zakenman tot bedaren te brengen en hem ervan te overtuigen dat zij heus geen steekpenningen wensten maar slechts hulp kwamen bieden.

Dit curieuze incident opende het onderzoek van de Braziliaanse politie naar het hilarische incident met de "cocaïnesnoepjes", waarvan deze krant drie weken geleden melding maakte.

De vreemdsoortige suikerwaar dook een kleine maand geleden in de handel op en houdt sindsdien de gemoederen in Brazilië bezig. De fabrikant van het verdachte snoepgoed, de Nederlandse firma Van Melle, kreeg een produktiestop en een verkoopverbod opgelegd van de verbijsterde autoriteiten.

Inmiddels rnag het bedrijf de machines weer laten ronken. Het vrijgeven van de verkoop laat evenwel nog op zich wachten. De schade loopt reeds in de miljoenen guldens. Het zal kapitalen kosten om de gehavende merknaam weer enigszins in ere te herstellen.

Snoepjessyndroom

Directeur Harmen Lensink vreest dat het "cocasnoepjessyndroom" de firma gedurende vele jaren zal blijven plagen. De VanMelletopman neemt geen blad voor de mond wanneer het gaat over de financiële gevolgen van „het incident", maar vergrendelt zijn lippen zodra het gesprek een iets andere wending neemt.

Crisismanager Bert van Dijk, een doorgewinterde zakenman die als adjunct-directeur van het in Breda gezetelde concern naar Brazilië ijlde om de situatie te redden, voert nu het woord.

De Zeeuwse suikerwerkboer, zoals Van Dijk zich graag omschreven ziet, plaatste de spraakzame directeur Lensink op een zijspoor en snoerde hem de mond met een zwijgplicht. De volgende stap, het intrekken van Lensinks eerdere verklaringen, leverde meer problemen op.

De Van-Melledirecteur onthulde op donderdag 3 oktober dat zijn fabriek in de klauwen was gevallen van een "misdaadbende". Tijdens een kort telefoongesprek liet de onthutste bedrijfsleider tevens weten dat de politie van Rio de Janeiro zich aan de verkeerde kant van de wet had laten zien.

Cocaprik

Met cocaïne vergiftigde VanMellesnoepjes kwamen aan de oppervlakte in Sao Paulo, Santos, Juiz de Fora en een aantal andere Zuidbraziliaanse steden. In Rio de Janeiro arresteerde de politie een straatventer wiens lekkernijen, zo bleek na een kort onderzoek, elf schoolkinderen in het ziekenhuis deden belanden.

Het politielaboratorium van die stad ontdekte als eerste sporen van cocaïne in enkele Van-Mellefruitpastilles. Later bevestigde het fonkelnieuwe gerechtelijk laboratorium van Sao Paulo deze vindingen. Drie partijen snoepjes, aangetroffen op verschillende plaatsen in de stad, bleken de verboden substantie te bevatten: gemiddeld zeven milHgram per pastille.

Meer dan zestig Van-Melleconsumentjes kwamen in het hospitaal terecht na het verorberen van de snoepjes. De televisie toonde schokkende beelden van hevig rillende en brakende kinderen, omringd door wanhopige ouders en bezorgde artsen.

De autoriteiten grepen direct in en namen de verdachte produkten uit de handel, ondanks het hevige protest van de gedupeerde VanMellefabriek.

De narcoticapolitie van Sao Paulo zoekt naar het antwoord op twee vragen: Hoe en waar vond de vergiftiging plaats. Aanvankelijk gingen de gedachten uit naar een met injectienaalden bewapende psychopaat die elk snoepje een cocaprik toediende. Maar de bikkelharde Van-Mellesnoepjes lenen zich niet vooreen dergelijke behandeling.

De enig andere mogelijkheid is dat de besmetting plaatsvond tijdens het produktieproces. Dit is het spoor dat de politie momenteel volgt. Speurwerk heeft weliswaar geen cocaïneresten in de fabriek aan het licht gebracht maar dat is volgens de recherche ook niet verwonderlijk. Al het met cocaïne bewerkte snoepgoed is tijdens het tweede trimester van dit jaar geproduceerd. In later gefabriceerde snoepjes is geen cocaïne aangetroffen.

Produktiemonsters

De Zeeuwse suikerwerkboer houdt bij hoog en bij laag vol dat het geknoei met de pastilles niet op de fabrieksvloer kan hebben plaatsgehad. Bert van Dijk gaat nog een stapje verder en zegt twijfels te hebben over het in Brazilië verrichte laboratoriumonderzoek. Dat deugt volgens hem van geen kant.

Het door Van Melle ingeschakelde gerechtelijk laboratorium in Rijswijk kon geen cocaïne vinden in het geruchtmakende snoepgoed. Maar de Van-Melletopman vergeet te vertellen dat de Nederlandse experts helaas geen snoepjes onder handen kregen uit het juist zo interessante tweede trimester.

In Sao Paulo probeerde de keuringsdienst voor waren tevergeefs de produktiemonsters van de Nederlandse firma te bemachtigen. Die monsters zouden opheldering kunnen geven. De onlangs door een soortgelijk probleem getroffen Amerikaanse kauwgomfabrikant Adams wist zich van alle blaam te ontdoen door haar produktiemonsters aan de autoriteiten te overhandigen. Na onderzoek kwam vast te staan dat het geknoei met Adams' produkten buiten de fabriek had plaatsgevonden, waarop de Amerikanen reeds na twee dagen toestemming kregen om de produktie en verkoop te hervatten. Maar Van Melle zegt geen monsters te hebben. „Dat is vreemd. Het nemen en bewaren van monsters is een oud gebruik in de voedingsindustrie. Het kost bijna niets en iedereen heeft er baat bij", zo stelt mevrouw Marisa Carvalho van het CVS, de keuringsdienst voor waren in Sao Paulo. Zij acht het ontbreken van monsters een „grove nalatigheid".

Befaamde advocaat

Er zitten meer vreemde aspecten aan deze affaire. De politie van Sao Paulo, die tachtig man op de zaak zette, klaagt over het gebrek aan medewerking van de Nederlandse firma. „Tot onze grote verbazing gedragen de Hollanders zich niet als de slachtoffers van een gewetenloos crimineel brein. Hun gedrag doet eerder denken aan dat van een in het nauw gedreven verdachte. Dat geeft ons speurwerk een nieuwe dimensie", aldus de commissaris van een rechercheteam van de Denare, Sao Paulo's roemruchte narcoticapolitie.

De commissaris, die vanwege het nog lopende onderzoek zijn naam liever niet in de krant wil zien, is ervan overtuigd dat Van-Melledirecteur Lensink „veel meer" weet dan hij doet voorkomen. „De man vertelt leugens maar doet dat beslist niet uit vrije wil. Er zijn hier duistere krachten aan het werk".

De Van-Melledirecteur moest dinsdag op het politiebureau verschijnen om uitleg te geven. Hij had daartoe een bevel van de rechter ontvangen. Ook andere directieleden van de firma kregen eind vorige week een aanmaning van de rechter om de Denare-burelen te bezoeken.

Maar Van Melle neemt geen risico's. Lensink liet zich dinsdag vergezellen door niemand minder dan Marcio Thomaz Bastos, Braziliës meest gevierde pleitbezorger, specialist in het strafrecht, voormalig deken van de prestigieuze advocatenorde en een van de meest invloedrijke mensen in het land.

Driehoeksverhouding

Marcio Bastos ontfermde zich over de Nederlandse firma. Hij deed dat volgens directeur Lensink op verzoek van Romeu Tuma, chef van Braziliës federale politie. Deze stoere wetsdienaar had zich op zijn beurt laten vermurwen door de noodkreten van Lensink zelf.

De zakenman deed een beroep op de federale politie om het bedrijf in bescherming te nemen tegen de verschillende deelstaatkorpsen die Van Melle zouden dwarsbomen.

„Deze meneer wil niet dat wij de waarheid achterhalen. Hij werkt systematisch tegen door al onze vindingen in twijfel te trekken zonder argumenten aan te voeren. Dat is natuurlijk zijn goed recht als advocaat maar het is wel bizar. Wij willen Van Melle juist helpen door de criminelen te ontmaskeren die het bedrijf zulke schade berokkenden", aldus de zichtbaar geprikkelde Denare-commissaris, die hoofdschuddend zegt in zijn 35 jaar lange carrière nog nooit iets dergelijks te hebben meegemaakt.

Wat Sao Paulo's deelstaatpolitie ook grenzeloos irriteert is de opmerkelijke driehoeksverhouding tussen de Van-Melledirectie, advocaat Bastos en politiebaas Tuma.

Het is geen geheim dat Bastos en Tuma jeugdvrienden zijn. De indruk bestaat dat de Nederlandse snoepgoedfabrikant via zijn machtige advocaat directe invloed uitoefent op de speuractiviteiten van de federale politie. Zelfs Sao Paulo's deelstaatsecretaris voor openbare orde en veiligheid, Pedro Toledo Campos, sprak zijn verbazing uit over het werk van Tuma's agenten: „Zij mogen zich feitelijk helemaal niet met deze zaak bemoeien. Het is een deelstaataffaire, die ook als zodanig moet worden aangepakt".

Twee opties

De secretaris liet doorschemeren dat de „federalen" hem in de wielen rijden en het werk van de politie bemoeilijken. „We zouden dolgraag willen weten waarom deze mensen zo eigenaardig handelen. Onze nieuwsgierigheid is geprikkeld", zo stelt een ervaren Denarerechercheur.

De politie houdt twee opties open: afpersing en wraakneming. Van Melle ontkent evenwel het slachtoffer van industriële sabotage te zijn. Directeur van Dijk acht ook wraakneming door gewezen personeelsleden "onmogelijk".

Toch staat een geval van afpersing zo goed als vast. Enkele corrupte politieambtenaren van Rio de Janeiro zochten eind september contact met de Nederlandse firma.

Zij hadden een vreemd voorstel: het tegen betaling in de doofpot stoppen van de resultaten van het laboratoriumonderzoek dat voor het eerst het bestaan van de cocaï-' nesnoepjes aan het licht bracht. Van Melle is hierop niet ingegaan. Dit voorval moet de heer Lensink hartkloppingen hebben bezorgd.

Hartkloppingen

Het legt tevens zijn verklaringen aan deze krant van donderdag 3 oktober uit en werpt licht op de ietwat afwijkende manier waarop hij de recherche van Sao Paulo welkom heette toen deze zich aan de fabriekspoort meldde. De politie van Rio de Janeiro is inmiddels begonnen met een intern onderzoek om de gesjeesde afpersers in hun midden op het spoor te komen.

Maar dat verklaart nog niet het gedrag van de Van-Melledirectie. Het is te begrijpen dat de contacten met Rio enige paniek veroorzaakten. Toch is er meer aan de hand. Iemand heeft cocaïne in de snoepjes verwerkt en had daarmee ongetwijfeld een criminele bedoeling.

Volgens de politie is er ten minste een halve kilo cocaïne gebruikt en dat vergt een forse investering. Meer dan een gefrustreerd personeelslid kan opbrengen. De lonen bij Van Melle, gemiddeld driehonderd gulden per maand, staan dergelijke uitspattingen niet toe.

Strafbare nalatigheid

De door het bedrijf gepropageerde theorie dat mogelijk een concurrent zonder scrupules de oorzaak van alle ellende zou zijn, klinkt al evenmin geloofwaardig. Van Melle is weinig meer dan een lilliputter in de Braziliaanse snoepwereld, met een marktaandeel van slechts 1,2 procent. De Nederlanders zijn op dit terrein geen geduchte concurrenten waartegen criminele bokkesprongen zijn vereist.

Voor de politie van Sao Paulo blijft er niets anders over: Van Melle stond in het vizier van afpersers. De eerste resultaten van het recherchewerk wijzen in deze richting. De directie heeft de dreigementen, geuit aan het begin van dit jaar, manmoedig naast zich neergelegd en ervaart nu de consequenties , hiervan.

In de hoop dat de bui zonder winstderving zou overwaaien, heeft het bedrijf de autoriteiten destijds niet ingelicht. Dat is een strafbare nalatigheid (het niet aangeven van een misdaad), waarmee de volksgezondheid van Brazilië werd blootgesteld aan onnodige risico's. Van Melle zit met een knap lastig probleem en deed er bijzonder verstandig aan een beroep te doen op de befaamde juridische capaciteiten van Marcio Bastos. De namen van de geïnterviewde autoriteiten mogen in verband met het nog lopende onderzoel< niet door de auteur van dit artikel worden vrijgegeven.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.