+ Meer informatie

Gevaarlijk avontuur op de Filippijnen

6 minuten leestijd

Ver van huis en haard durven toeristen meer dan ze thuis voor mogelijk houden.Op de Filippijnen wandelen ze op een actieve vulkaan. De Taaivulkaan is de kleinste en een van de gevaarlijkste op aarde.Dank zij haar verwoestende kracht is de Taal een van de best bewaard gebleven natuurgebieden in de omgeving van Manilla. Industriëlen hebben het nooit aangedurfd om in de buurt fabrieken te bouwen. De toeristenindustrie ziet daarentegen letterlijk een gat in de markt. Frisse lucht in combinatie met een avontuurlijke kratertocht vormen de ingrediënten.

Op zestig kilometer en drie uur rijafstand van Manilla ligt Tagaytay. Gelegen op een bergkam, 500 meter boven het Taalmeer, biedt het plaatsje een prachtig uitzicht op het fenomeen dat in de toeristenfolders heel toepasselijk omschreven wordt als: "Een eiland in een meer, in een eiland in een meer, in een eiland in een zee." Ter verduidelijking: in het vulkanische eiland Luzon in de Pacific ligt het vulkanische Taalmeer met het vulkanische Taaieiland, en daarin een Kratermeer waarin weer een piepklein eilandje ligt... Als je staart naar het zachtglooiende gebergte, omgeven door het diepblauwe kratermeer, is het moeilijk voorstelbaar dat het vreedzame schouwspel beneden te boek staat als een permanente gevarenzone. Op het Vulcanologische en Seismologische Instituut in Manilla worden dagelijks tussen de 60 en de 300 aardschokken geregistreerd. Niet voor niets wordt het groene eiland met zijn 45 kraters de 'Killer Vulcano' genoemd. Die naam dankt het aan de laatste grote uitbarsting in 1911, die ruim 1300 mensenlevens kostte.

Vruchtbaar
Ondanks de verwoestende reputatie oefenen het eiland, het meer en zijn oevers een enorme aantrekkingskracht uit op avonturiers, touroperators en hotelexploitanten. De koele lucht lokt tijdens de weekeinden veel bewoners uit de verstikkende hoofdstad. Op de dodelijke vulkaan zelf wonen vijfduizend mensen. De Filippijnse overheid is daar allesbehalve gelukkig mee. Maar van het officiële vestigingsverbod trekt niemand zich wat aan, want de vruchtbare grond leent zich uitstekend voor de verbouw van rijst, bonen, wortels, mango's en ananassen en is daarmee een bron van inkomsten. Dit geldt ook voor het visrijke Taalmeer, waar kostbare soorten zoals de Stille-Zuidzeeharing en maliputo rondzwemmen. Vanaf Tagaytay voert een slingerweggetje vol kuilen en stenen, omringd door bananenbosjes, varens, ipil-ipilgras en bougainville naar het dorpje Palisay aan de oever van het Taalmeer. Verkeer is er nauwelijks. Plukjes asfalt wijzen erop dat er een begin wordt gemaakt aan verbetering van de wegen voor toeristische dagtripjes. Achter de markt, waar fruit en vis op grote tafels is uitgestald, liggen aan de oever van het Taalmeer banka's te wachten op passagiers.

Verzonken steden
Terwijl de zijspannen van de banka glinsterende strepen in het water trekken, wijst onze gids, Dante, in de verte op een eiland dat als een kleine groene bol in het water ligt. Isla Napayong, zo blijkt, is zijn familiebezit. Als middelbare sclioHer droomde hij er al van om het ooit te ontwikkelen tot toeristenoord. In samenwerking met een reisbureau in Manilla organiseert hij nu vulkaantours. Na een avontuurlijke tocht door de kraters worden de vulkaanbeklimmers van Taal eiland per boot naar Isla Napayong gebracht. Aldaar kunnen ze in de openlucht met uitzicht op het meer en de vulkaan genieten van drie soorten visschotels en de onvermijdelijke coca-cola. De bodem van het meer, vertelt Dante, is niet alleen een mijnenveld van kraters, maar eveneens een archeologische schatkamer met resten van verzonken steden die in de loop der eeuwen door het natuurgeweld aan het water werden geofferd.

Vloedgolven
Dank zij legendes die in de herinneringen van de bewoners rond het Taalmeer voortbestaan, wist de Amerikaan Thomas Hargrove een aantal ruïnes te traceren. Volgens Hargrove zijn de steden Lipa, Taal, Bauan en Tanauan ettelijke malen door het kolkende water van het meer verzwolgen en daarna opnieuw landinwaarts opgebouwd. In zijn boek "The mysteries of Taal" vertelt Hargrove aan de hand van getuigenissen hoe de heftige uitbarstingen het gebied rond de vulkaan veranderden. In 1716 beschreef missionaris Francisco Pingarran een vier dagen lange eruptie in de nabijheid van Lipa. „De uitbarsting veroorzaakte grote vloedgolven die met de kracht van een orkaan tegen het klooster aanbeukten en de aarde zestig voet van de kust wegsloegen..."

PH-graad 2.7
„Ontzagwekkend", belooft de toeristenfolder. Maar waar de Spaanse missionarissen het hadden over een „hel van vuur en een sinistere gloed van weerlichten", rept de folder van „een onbedorven schoonheid, badend in weelde en dansend in de kleuren van vreugde." Je moet er wel wat voor over hebben om het wonder te mogen aanschouwen. Zodra we bij een dorp aan de zuidzijde van het eiland voet aan wal zetten, begint een barre klimtocht naar de krater. De barangay captain, de dorpsleider, gaat ons voor met een kapmes. Rechts en links zwaaiend baant hij een weg voor ons door het metershoge gras. De zon staat loodrecht aan de hemel en de weelde van de folder bestaat vooralsnog uit het mulle, grafietgrijze zand waar we moeizaam doorheen sloffen. Takken van de bougainvillestruiken zwiepen af en toe in je gezicht. Ook Dante heeft er zichtbaar moeite mee om zijn omvangrijk lichaam naar boven te torsen. Maar eenmaal op de rand van de krater toont zijn gezicht een mengeling van opluchting en triomfen wacht hij vol verwachting onze reactie af.

Gifgroen
Nog versuft van de hitte staren we naar de ver beneden ons liggende krater. Het roerloze, gifgroene kratermeer is zo intens van kleur is dat het pijn aan je ogen doet. Aan de oppervlakte komt hier en daar witte stoom naar boven. We zijn overweldigd door het uitzicht, niet in de laatste plaats door de wetenschap dat het meer minder idyllisch is dan het op het eerste gezicht lijkt. De onderzoeker Hargrove nam ooit een duik in het water om monsters te nemen. Eens, maar nooit meer, was zijn eerste reactie nadat hij de uitslag van het laboratorium kreeg. Het water bleek verdund zwavelzuur te zijn met een PH-waarde van 2.7: voor geen enkel leven vatbaar.

Pinatubo
Terug in het dorp reikt de captain de eerste flesjes coca-cola aan. Wanneer de volgende uitbarsting komt is volgens hem niet te zeggen. Het kan vijfjaar duren, maar ook vijf weken. Hij glimlacht: „Misschien wel binnen nu en vijf minuten." „Toen de Pinatubo anderhalf jaar geleden uitbarstte, waren hier de aardschokken duidelijk merkbaar", vertelt hij. „Op twee plaatsen borrelde het kratermeer en aan de zijkanten stegen stoomkolommen op. In allerijl werd aan de oever bij Palisay een evacuatiecentrum opgezet maar uiteindelijk 'gebeurde het' allemaal 140 kilometer verderop bij de Pinatubo." De bewoners van het Taaieiland zijn gewend geraakt aan het gerommel dat af en toe uit de aardkorst omhoog stijgt. Het toerisme, zegt Dante, heeft sinds die tijd een terugslag gekregen. Hij vertrouwt erop dat het allemaal weer in orde komt. Zolang het vulcanologisch instituut geen alarm slaat is de vulkaan volgens hem een volstrekt veilig recreatiegebied. Dante is vastbesloten om vulkaanbeklimmers die zijn Isla Napayon komen bezoeken in de toekomst meer faciliteiten te bieden. Op de splinternieuwe folders nemen beloftes over waterskiën en hanengevechten een voorschot op de lucratieve toekomst. Misschien, overlegt Dante ietwat dromerig, komen er ook nog wel zomerhuisjes bij. Eten, slapen, wandelen en waterskiën op een actieve vulkaan. „Een ongelooflijke ervaring", belooft de toeristenfolder, „een paradijs."

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.