Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

5. Belijden met de kerk van alle eeuwen

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

5. Belijden met de kerk van alle eeuwen

13 minuten leestijd

Hoewel de belijdenissen uit de vroege kerk al oud zijn, zijn ze niet achterhaald. Het belang van deze geschriften neemt juist toe. Dit komt allereerst omdat de kerk steeds meer verdeeld lijkt te worden, terwijl de belijdenissen komen uit de tijd dat de kerk één was. Daarnaast komen er weer allerlei meningsverschillen naar boven die veel doen denken aan de thema's van de discussie uit de vroege kerk: de drie-eenheid van God en de Godheid en mensheid van Christus staan ook nu weer ter discussie. Tenslotte zijn deze belijdenissen van groot belang omdat ze de kern van het christelijk geloof bevatten. Wat in deze belijdenissen staat geschreven, is nodig om te geloven met het hart en te belijden met de mond om zalig te worden.

Het belijden van één wereldkerk

Was de kerk in de jaren van de vroegchristelijke belijdenissen min of meer één, in de loop der eeuwen is de kerkelijke verdeeldheid sterk toegenomen. Deze verdeeldheid is zonde omdat zij ingaat tegen de bede van Christus. Hij heeft immers Zijn Vader gebeden om de eenheid van de kerk: Heilige Vader, bewaar hen in Uw Naam, die Gij Mij gegeven hebt, opdat zij één zijn gelijk als Wij Qohannes 17: 11). En met deze opdracht stemt de Apostolische Geloofsbelijdenis in: Ik geloof één heilige, algemene, christelijke kerk. Maar in plaats van de ene kerk, ontstaat er een steeds groter aantal kerkgenootschappen van een steeds kleinere omvang.

Hoewel er ook in de vroege kerk allerlei geschillen en twistpunten waren, ging men toch gezamenlijk op zoek naar het Bijbelse antwoord. Daartoe roept ook Paulus verschillende keren de gemeenten op (bijvoorbeeld in 1 Korinthe 3 en Efeze 4). De vroege kerk heeft deze belijdenissen als geheel aanvaard. Nog steeds mogen en moeten kerken daarom, op grond van dit gezamenlijke verleden, aangesproken worden op wat in deze belijdenissen beleden wordt. Wie het niet met deze gemeenschappelijke belijdenis eens is, heeft niet het recht om een christelijke kerk te zijn. Aan de andere kant moeten we erg voorzichtig zijn om kerken, die deze belijdenis onderschrijven, niet als kerk te erkennen. Hoe kan een kerkverband dat een ander kerkverband de rug toekeert in Gods Koninkrijk samen tot één kerk behoren? De gebrokenheid en onvolmaaktheid van het aardse bestaan kan en mag hiervoor geen excuus zijn. Het lichaam van Christus op aarde laat zich niet aan de grenzen van kerkverbanden binden. Het is een lichaam dat bestaat uit gelovigen van allerlei tijden, plaatsen en kerkelijke denominaties. De kerk op aarde moet altijd de eenheid van het lichaam van Christus voor ogen houden. De belijdenis van de ene kerk klaagt vandaag de verdeeldheid van de kerken aan. Paulus' vraag Is Christus gedeeld?' (1 Korinthe 1: 13) moet de kerk aansporen om te zoeken naar eenheid. Hoewel daarbij niet uit het oog verloren moet worden dat de kerk één in het belijden moet zijn. Ook moeten we oppassen om een kerk, die van harte instemt met de belijdenissen, om het minste of geringste te verlaten.

Hoewel ook de latere belijdenisgeschriften van groot belang zijn (zoals de Heidelbergse Catechismus, de Nederlandse Geloofsbelijdenis en de Dordtse Leerregels), zijn deze door een kleinere groep kerken aanvaard en door meer regionale conflicten gekleurd. De vroegchristelijke belijdenissen laten daarentegen de wortel van het belijden van één wereldkerk zien.

De twistpunten van toen en nu

De vroege belijdenisgeschriften laten zien wat de kernwaarheden zijn van het christelijk geloof. Daarmee geven ze aan wat de grootste strijdpunten van het christendom zijn. Deze belijdenissen zijn immers naar aanleiding van een grote strijd in de vroege kerk ontstaan: de strijd om het geloof in de drie-eenheid van God en de twee naturen van Christus. In deze twee grote thema's komt het hele christelijke geloof samen. Want het geloof is het kennen van God in Christus. En dit is het eeuwige leven, dat zij U kennen, de enige waarachtige God, en Jezus Christus, Dien Gij gezonden hebt (Johannes 17: 3). God is de ene God, bestaande in drie Personen: de Vader, de Zoon en de Heilige Geest. Christus is het Die God was, is en blijft, en Die mens geworden is om mensen zalig te maken.

De strijd om deze thema's gaat ook nu nog door. Ook vandaag de dag komen er steeds weer vragen op rondom de drie-eenheid van God en het mens- en Godzijn van de Heere Jezus. Naar buiten toe komen deze twee geloofsuitspraken ter discussie in de ontmoeting met de Islam en het jodendom. De Islam ziet in Jezus alleen een profeet, terwijl het Jodendom alleen van de ene God wil weten en niet van Zijn Zoon Jezus Christus.

Maar ook binnen de kerk geloven veel mensen niet meer in Jezus als de Zoon van God. Ze zien Hem slechts als een groot voorbeeld of als een mens om medelijden mee te hebben. Sommigen gaan zelfs zo ver dat ze zeggen dat Hij aan Zijn eigen idealen ten onder is gegaan. Daarnaast zijn er ook mensen die er niet in geloven omdat ze het met het verstand niet kunnen begrijpen.

Wanneer deze twee kernwaarheden van het geloof echter niet meer beleden en vastgehouden worden, heeft het christendom zijn bestaansrecht verloren. Het lijden omwille van het belijden is dan tevergeefs geweest. De band met de kerk van het Nieuwe Testament wordt dan doorgesneden. Een kerk gaat dan belijden wat die kerk denkt dat op dat moment het beste is om te geloven.

De kern van het christelijk geloof

Wanneer het om het belijden van de kerk gaat, is dit niet slechts een belijden met de mond, een uitspreken van een formule. Het is het belijden waarvoor martelaren geleden hebben. Daaruit blijkt dat het niet alleen een zaak van het verstand en de mond is; het was in de vroege kerk een zaak die het hele leven aanging, zowel de mond als het hart. De belijdenis 'Ik ben een christen' kon de dood tot gevolg hebben. Wie heeft er vandaag zijn of haar leven nog over voor deze belijdenis? Men is tegenwoordig veel meer geneigd om compromissen te sluiten. Maar over deze grondbelijdenissen van de kerk kunnen geen compromissen gesloten worden. Het is zoals in de belijdenis van Athanasius verwoord: 'Zo wie wil zalig zijn, dien is vóór alle dingen nodig, dat hij het algemeen geloof houde; en zo wie dit niet geheel en ongeschonden bewaart, die zal zonder twijfel eeuwiglijk verloren gaan. Het algemeen geloof is dit: dat wij den Enigen God in de Drieheid, en de Drieheid in de Eenheid eren; zonder de Personen te vermengen, of het wezen, de zelfstandigheid te delen. Maar het is tot de eeuwige zaligheid nodig, dat hij ook de menswording van onzen Heere Jezus Christus getrouwelijk gelove. Zo is dan het rechte geloof, dat wij geloven en belijden, dat onze Heere Jezus Christus, Gods Zoon, God en mens is' (artikel 1-4 en 29-30). Met dit belijden van de kerk is het om de zaligheid van de zondaar te doen. Paulus verwoordt het als volgt: Indien gij met uw mond zult belijden den Heere jezus, en met uw hart zult geloven, dat Hem God uit de doden opgewekt heeft, zo zult gij zalig worden. Want met het hart gelooft men ter rechtvaardigheid, en met de mond belijdt men ter zaligheid (Romeinen 10: 9-10).

Dit artikel werd u aangeboden door: Jeugdbond Gereformeerde Gemeenten

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van maandag 1 oktober 2007

AanZet | 83 Pagina's

5. Belijden met de kerk van alle eeuwen

Bekijk de hele uitgave van maandag 1 oktober 2007

AanZet | 83 Pagina's