Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

1. Achtergrond

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

1. Achtergrond

5 minuten leestijd Arcering uitzetten

Petrus is een bekend persoon uit de Bijbel. Hij behoorde, samen met Jakobus en Johannes, tot de discipelen die het meest met de Heere Jezus optrokken. In de vier Evangeliën staat veel over hem geschreven.

 

Eerste brief van Petrus

Schrijver

Petrus begint beide brieven met het noemen van zijn naam. In die tijd was het gebruikelijk om eerst de naam van de afzender te noemen. Als de brief geschreven was, werd hij opgerold en voorzien van een zegel. Rolde je de brief af, dan kon je gelijk zien wie de afzender was.

Opmerkelijk is dat hij zich in de eerste brief niet voorstelt als Simon, maar met de naam Petrus, dat betekent Rots. Die naam heeft hij van de Heere gekregen (Mattheüs 16: 18). Petrus schrijft de brief niet op persoonlijke titel, maar als 'apostel van Christus'. Hij verloochende eens zijn Meester, maar mag zich nu Zijn apostel noemen. Door Gods genade mag hij deze brieven nu opstellen. Petrus geeft de brief mee aan Silvanus. Die is bekend en geliefd bij de gelovigen in Klein-Azië. Dat blijkt uit wat Petrus over hem zegt: die u een getrouw broeder is (5: 12). Silvanus heeft de brief waarschijnlijk bij de verschillende gemeenten gebracht.

Ontstaan

Aan het einde van de eerste brief (5: 13) staat dat de brief in Babyion geschreven is. Wat wordt daarmee bedoeld? De meeste uitleggers denken dat het hier over Rome gaat. Het belangrijkste argument hierbij is dat de naam Babylon in Openbaring voorkomt (Openbaring 14: 8). Rome werd in die tijd gezien als het centrum van de anti-goddelijke wereldmacht, zoals Babel dat was in het Oude Testament.

Sommige uitleggers denken echter dat het hier om het 'echte' Babyion gaat, een oude en beroemde stad die aan de Eufraat ligt. De Joden vormden hier een belangrijke bevolkingsgroep. Het is goed mogelijk dat Petrus daar gekomen is om er onder zijn volksgenoten het Evangelie te verkondigen. De kanttekenaars bij de Statenvertaling kiezen voor deze uitleg.

Schrijver

In de tweede brief gebruikt hij beide namen: Simeon Petrus. Als je de tweede brief leest, ontdek je dat die op veel punten erg verschilt van de eerste. Bijvoorbeeld in het taalgebruik: er worden hele andere woorden gebruikt en de zinsopbouw is anders. Ook qua inhoud zijn er verschillen aan te wijzen.

Sommigen twijfelen daarom of Petrus deze brief wel echt heeft geschreven. Calvijn dacht eerder aan een leerling van de apostel, tegen wie Petrus zijn gedachten heeft uitgesproken. Een soort secretaris dus. Petrus moet namelijk al erg oud zijn geweest toen hij deze brief schreef. Luther was overigens wel van mening dat Petrus de brief had geschreven. Voor de verschillen is een verklaring. Petrus heeft de laatste tijd van zijn leven in Rome gewoond en sprak de taal zoals die daar werd gesproken. En als je de brief gaat lezen, merk je dat er verschillende keren wordt terugverwezen naar de eerste brief.

Doelgroep

Petrus richt zich in de eerste brief tot de vreemdelingen, die in de verstrooiing zijn (1: 1). Ze wonen in een groot gebied: Pontus, Galatië, Cappadocië, Azië en Bithynië, vijf regio's ten noorden van het Taurusgebergte, in het huidige Turkije. In dit gebied hebben Paulus en zijn medewerkers jarenlang gewerkt en zijn verschillende gemeenten ontstaan. Vaak waren dat kleine groepjes gelovigen die midden in een heidense samenleving woonden.

Tot twee keer toe noemt Petrus zijn lezers 'vreemdelingen' (1: 1, 2: 11). Dat heeft ook alles te maken met hun geloof in de Heere Jezus. Vreemdelingen leven anders dan anderen. Zo is het ook met christenen. Ze moeten afstand doen van heidense gewoonten en van vleselijke begeerlijkheden (2: 11).

Opbouw

De eerste brief van Petrus is een echte brief, voorzien van een voorwoord (1: 1,2), een naschrift (5: 12-14) en een lofrede (1: 3-12). Soms worden alle lezers gezamenlijk, soms bepaalde groepen apart aangesproken. In het middengedeelte (1: 13-4: 11), de kern van de brief, behandelt hij het leven en het lijden van christenen. In het laatste deel (4: 12-5: 11) waarschuwt hij voor het lijden dat het gelovig-zijn met zich mee brengt.

De verschillende delen staan niet los van elkaar. Elke keer komen dezelfde thema's, als lijden en heilig leven, terug.

 

Tweede brief van Petrus

Ontstaan

In de wereldstad Rome heeft de apostel Petrus zijn laatste levensjaren doorgebracht. Vanuit die stad heeft hij zijn tweede rondzendbrief geschreven. Als hij deze brief schrijft, weet hij dat zijn einde nabij is. In Rome is hij zijn leven niet zeker. Keizer Nero doet er alles aan om de christenen te vervolgen. Alzo ik weet dat de aflegging mijns tabernakels haastzijn zal, gelijkerwijs ook onze Heere Jezus Christus mij heeft geopenbaard (1: 14). Je kunt deze brief dus lezen als een soort afscheidspreek. Net als Paulus sterft Petrus de marteldood.

Doelgroep

Voor wie is de tweede brief bestemd? Petrus richt zich in zijn tweede brief tot allen die, net als hij, een 'dierbaar geloof' hebben verkregen. Een concreet adres, zoals in de eerste brief, ontbreekt. Uit de tweede brief blijkt echter dat het een vervolg is op de eerste. De brief is dus bedoeld voor dezelfde groep christenen in Klein-Azië, die de eerste brief al ontvangen hebben.

Opbouw

De kern van de tweede brief van Petrus is Gods belofte. De brief valt uiteen in drie delen, die overeenkomen met de hoofdstukken van de brief. In het eerste hoofdstuk herinnert Petrus de lezers aan de rijkdom van Gods belofte, in het tweede keert hij zich tegen het ontkennen van die belofte. Het laatste hoofdstuk wijst op de realiteit van Gods belofte. Wat God belooft, gaat gebeuren, je kunt de brief met één zin samenvatten: de kennis van Christus als Heere en Redder vraagt om een christelijke levenswandel, juist vanwege de gelovige verwachting van Zijn eeuwig Koninkrijk.

 

Doel van beide brieven

Petrus kent zijn lezers niet, want hij is zelf nooit in Klein-Azië geweest. Hij heeft gehoord van hun lijden om de zaak van het Evangelie. Ze werden achtergesteld en gediscrimineerd. Hij deelt in hun leed en voelt zich geroepen om hen te bemoedigen. Petrus, die eens hard wegliep voor het lijden, mag nu getuigen dat het lijden leidt tot heerlijkheid.

Dit artikel werd u aangeboden door: Jeugdbond Gereformeerde Gemeenten

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 2010

AanZet | 103 Pagina's

1. Achtergrond

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 2010

AanZet | 103 Pagina's