Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Lessen uit de eerste Thessalonicensenbrief (11)

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Lessen uit de eerste Thessalonicensenbrief (11)

Navolgers én voorbeelden

9 minuten leestijd

En gij zijt onze navolgers geworden en des Heeren … alzo dat gij voorbeelden geworden zijt al den gelovigen in Macedónië en Acháje. (1 Thessalonicensen 1: 6-7)

Twee dingen

De vorige keer hebben we vanuit vers 6 gehoord, hoe Paulus de Heere dankte voor het feit dat de Thessalonicensen het Woord hadden ‘aangenomen’. In dat woord ‘aannemen’ lagen volgens Fergusson vier dingen opgesloten: kennen – instemmen – omhelzen – zich onderwerpen. We hebben toen ook nog gehoord dat de Thessalonicensen het Woord hadden aangenomen in omstandigheden van vervolging (‘veel verdrukking’). Maar de Heilige Geest had in die omstandigheden een wonderlijke blijdschap gewerkt in het hart van de gelovigen.

Over dit wonder schrijft de apostel in de verzen 6-7 nog twee andere dingen, die deze keer onze aandacht vragen. Allereerst dat de Thessalonicensen ‘navolgers’ zijn geworden (begin vers 6). En in de tweede plaats dat zij ook ‘voorbeelden’ zijn geworden (eind vers 7).

Navolgers

Om te beginnen zijn de Thessalonicensen dus ‘navolgers’ geworden. ‘Onze navolgers en des Heeren’, zoals Paulus schrijft. Ja, want geldt ook voor de Heere Jezus niet – in heel bijzondere zin – dat Zijn aardse leven stond in het teken van ‘het Woord’, van ‘veel verdrukking’ en van ‘blijdschap des Heiligen Geestes’? Enerzijds heeft Hij het Woord van God in Zijn hart meegedragen. Heel Zijn wezen ging ernaar uit. Als twaalfjarige Jongen in de tempel vroeg Hij het al aan Zijn moeder: ‘Wist gij niet, dat Ik moest zijn in de dingen Mijns Vaders?’ Hij heeft het Woord vooral ook gepredikt.

En dat alles gebeurde in omstandigheden van ‘veel verdrukking’. Want heel het leven van de Heere Jezus, en wel heel bijzonder de laatste periode, stond in het teken van ‘verdrukking’. Maar in dat alles was er ook een won-derlijke blijdschap die Zijn hart vervulde. Het was Zijn spijze en drank om de wil van Zijn Vader te doen. Christus heeft juist ‘voor de vreugde die Hem voorgesteld was, het kruis … verdragen en schande veracht’ (Hebreeën 12: 2).

Geestelijke herkenning

En wat voor Christus in bijzondere zin gold, gold ook voor Zijn apostelen. Ook hun leven stond in het teken van het Woord, van veel verdrukking en van wonderlijke blijdschap. Welnu, de Thessalonicensen zijn, zo schrijft Paulus, ‘hun navolgers en des Heeren’ geworden. De apostel neemt het met blijdschap waar. We zouden het zo kunnen zeggen: Er is echte geestelijke herkenning. Dezelfde genade die verdiend is door Christus, en waarin de apostelen mochten delen, wordt ook bemerkt bij de Thessalonicensen.

Geestelijke herkenning… Dat is een uitdrukking waar je het wel eens benauwd bij kunt krijgen. Als er heel makkelijk of zelfs wat dwingend gesproken wordt over ‘geestelijke herkenning’, zonder dat je die zelf ervaart. En je aangekeken wordt als degene die het feest bederft, als je in alle voorzichtigheid iets van je vragen naar voren brengt. Zomaar kan er een verstikkende stemming ontstaan waarbij we alles ‘mooi’ moeten vinden wat zich als geestelijk aandient.

Maar anderzijds: wat een zegen als er eens echt geestelijke herkenning mag zijn. Niet omdat het moet, maar omdat de Heere het geeft. Dan smelten harten ineen en zingt het in het hart: ‘Ik ben een vriend, ik ben een metgezel van allen die Uw Naam ootmoedig vrezen, en leven naar Uw goddelijk bevel’.

Voorbeelden

De apostel schrijft nog iets over de Thessalonicensen. Ze zijn behalve ‘navolgers’ ook ‘voorbeelden’ geworden. ‘Voorbeelden voor al de gelovigen in Macedónië en Acháje’. Met die twee streekaanduidingen wordt heel Griekenland bedoeld. Waarin zijn de Thessalonicensen dan voorbeelden geworden? Fergusson schrijft: ‘in hun moed, geduld en blijdschap waarmee ze de waarheid ontvangen hebben en er bij gebléven zijn te midden van veel verdrukkingen en aanvechtingen’.

Als Fergusson – zoals hij gewend is – ook uit deze verzen een aantal geestelijke lessen trekt, wijst hij op Gods genade die ook blijkt in het feit, dat God voorbeelden aan ons geeft. Letterlijk schrijft hij dat ‘de genadige God het nodig gevonden heeft om ons, naast het Woord der waarheid, dat de weg van onze plicht aanwijst, te voorzien van voorbeelden van anderen die in de weg van de plicht gegaan zijn vóór ons, zodat we zullen zien dat onze plicht haalbaar (‘feasible’) is, wanneer we zien dat mensen die onderworpen zijn aan dezelfde zwakheden als wij, deze al in de praktijk gebracht hebben (Jakobus 5: 17)…’. Hij bedoelt natuurlijk wel: door genade.

En heel mooi wijst hij er vervolgens op, dat de Heere in Zijn Woord een grote variatie aan voorbeelden heeft gegeven, zodat er ook voor mensen die ontmoedigd zouden worden door de indrukwekkendste voorbeelden, nog andere voorbeelden te vinden zijn in de Schrift.

Woorden wekken, maar voorbeelden trekken. Voorbeelden in onze omgeving, maar ook voorbeelden uit de Schrift. Zou het – heel praktisch – niet goed zijn om die vraag eens te stellen, allereerst aan onszelf, maar ambtelijk ook op de huisbezoeken of in de contacten met (belijdenis)catechisanten: Zijn er voorbeelden van mensen, in de Schrift of misschien ook in de eigen omgeving, die de Heere door genade mochten vrezen, en die je mogen aanspreken? En mag het gebed er zijn: ‘Heere, U Die werkte in Ruth of Daniël of Jozef, zou U zo ook willen werken in mijn leven?’

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 25 september 2018

Bewaar het pand | 12 Pagina's

Lessen uit de eerste Thessalonicensenbrief (11)

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 25 september 2018

Bewaar het pand | 12 Pagina's

PDF Bekijken