Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Justinus Martyr, verdediger en uitlegger (2)

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Justinus Martyr, verdediger en uitlegger (2)

9 minuten leestijd

De vorige keer hebben we gehoord, hoe Justinus (ca. 100-165 na Chr.) tijdens een wandeling bij de zee een oude, eerbiedwaardige man ontmoette. Deze man bracht hem eerst in een crisis. Daarna wees hij hem op de Schriften en op het gebed. Tenslotte liet hij Justinus achter met een brandend hart (Dialoog met de Jood Trypho, 2.3-8.1).

Bij de Schriften gebracht

Onwillekeurig vallen ons de overeenkomsten met de ontmoeting van Christus met de Emmaüsgangers (Lukas 24:13-35) op. Ook daar is sprake van een ontmoeting onderweg. Ook Christus brengt de Emmaüsgangers in een crisis, om vervolgens de Schriften te openen. En Zijn onderwijs zorgt ook bij de Emmaüsgangers voor brandende harten. Wat met deze overeenkomsten aangegeven wordt, is dat het ten diepste de verhoogde Christus was, Die Justinus bij de Schriften heeft gebracht.

Als de Heere een zondaar tot bekering brengt, brengt Hij hem altijd bij Zijn Woord. In dat Woord wordt ons getekend Wie God is, en wat Hij in Zijn gerechtigheid van ons eist. In dat Woord wordt ons getekend, hoe we goed uit Gods scheppende hand zijn voortgekomen, maar ook hoe we in zonde gevallen zijn en verloren liggen. In dat Woord wordt ons de enige Weg tot de zaligheid aangewezen in de Heere Jezus Christus. Vele eeuwen na Justinus zal Johannes Calvijn het schrijven in zijn Institutie: ‘Tot het Woord moet men komen’ (ad verbum veniendum est)!

Zend Uw licht en Uw waarheid

Als we dit Woord gaan horen of lezen, mogen we echter nooit vergeten dat we de genade van de verlichting door de Heilige Geest zo onmisbaar nodig hebben. Nog een keer herinner ik aan het woord waarmee de oude, eerbiedwaardige grijsaard afscheid nam van Justinus: ‘Maar u moet vooral bidden dat de poorten van het licht voor u geopend worden. Want deze dingen zijn niet voor iedereen te zien en te vatten, maar alleen als God en Zijn Christus het aan iemand geeft’ (Dialoog, 7.3).

Na zijn bekering stelt Justinus zijn talenten in dienst van Gods Koninkrijk. Gekleed in een filosofenmantel reist hij langs verschillende steden in het Romeinse Rijk en treedt daar op als wijsheidsleraar. Over de inhoud van zijn onderwijs bestaat geen twijfel: waarheid- en wijsheidzoekers maakt hij bekend met het christelijk geloof. Als Justinus aan het einde van zijn leven voor de Romeinse rechter staat, vertelt hij desgevraagd: ‘Ieder die mij wilde bezoeken, maakte ik deelgenoot aan de leer van de waarheid’.

Ontmoetingen rondom het Woord

Daarnaast heeft Justinus ook (catechetisch?) onderwijs gegeven aan christenen die bij het Woord opgevoed waren. We weten dat uit de martelaarsakte van Justinus en zes van zijn leerlingen. Als de rechter aan deze leerlingen vraagt: ‘Heeft Justinus jullie tot christenen gemaakt?’ zegt een van hen: ‘Justinus’ woorden hoorde ik graag, maar van mijn ouders heb ik meegekregen, christen te zijn’. Het mooiste antwoord geeft wellicht Charito, een vrouw. Ze zegt: ‘Ik ben christin dankzij Gods gave’.

Het is rond het jaar 160 dat Justinus tijdens één van zijn reizen de stad Efeze bezoekt. Als hij daar op een ochtend in een overdekte zuilengang (xysthos) wandelt, ontmoet hij een Joodse vluchteling, die de naam Trypho draagt. Justinus raakt met deze Trypho in gesprek. Hij vertelt aan Trypho, hoe hij gezocht heeft naar ware wijsheid in allerlei filosofische systemen. Maar ook hoe hij in het christelijk geloof de ‘enige ware filosofie’ gevonden heeft, en hoe Jezus de Messias is, van Wie de Schriften getuigen.

Bewogen

Hierna ontstaat een levendig gesprek tussen Justinus en Trypho, dat maar liefst twee dagen duurt. Het gesprek gaat vooral over drie onderwerpen: De Wet, de Persoon van de Heere Jezus Christus en de bekering van de heidenen.

In het gesprek ontmoeten we Justinus als een leraar in de Schriften. Hij is niet alleen door Gods genade bij het Woord gebracht, maar de Heere heeft ook de ´poorten van het licht´ voor hem geopend. Bijna iedere bladzijde van de Dialoog geeft blijk van Justinus´ diepe inzicht in de Schriften, vooral als het gaat om de manier waarop het Oude Testament heenwijst naar de Heere Jezus Christus. Zijn geboorte en menswording, Zijn Goddelijke en menselijke natuur, Zijn lijden en sterven, Zijn opstanding en hemelvaart – het is allemaal al voorzegd in het Oude Testament.

Tegelijk ontmoeten we Justinus ook als iemand die diep bewogen is met het zielenheil van zijn naasten. Heel het gesprek door is het er Justinus om te doen, dat de joodse vluchteling Trypho tot geloof zal komen in de Christus der Schriften. Veelzeggend is de manier waarop hij het gesprek besluit: ‘Als ik hier zou blijven, zou ik graag iedere dag zo’n gesprek hebben. Maar nu ik verwacht volgens de wil van God en met Zijn hulp spoedig scheep te gaan, spoor ik u aan: Strijd de zeer zware strijd voor uw eigen redding, en zorg ervoor dat u de Christus van de almachtige God verkiest boven uw leermeesters’ (Dialoog, 142.2).

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 12 september 2019

Bewaar het pand | 12 Pagina's

Justinus Martyr, verdediger en uitlegger (2)

Bekijk de hele uitgave van donderdag 12 september 2019

Bewaar het pand | 12 Pagina's

PDF Bekijken