Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

“Maar nu…”,

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

“Maar nu…”,

9 minuten leestijd

Lukas 22:36a

De Heere Jezus zit met Zijn discipelen aan de paasmaaltijd. Het zijn de laatste uren voor Zijn bitter lijden en sterven. Er worden nog vele dingen gezegd. De Heere kijkt die avond met Zijn discipelen terug en daarna vooruit. Eerst terug.

Hij herinnert aan de uitzending van de Zijnen. Toen sprak Hij: “Neemt niets mede tot de weg, noch een staf, noch male (reistas), noch brood, noch geld; noch iemand van u zal twee rokken hebben”, Lukas 9:3. Juist wat men nodig achtte voor een dergelijke onderneming moesten zij thuis laten, slechts gehoorzaam aan de opdracht om het Koninkrijk Gods te prediken.

Lukas 10 vermeldt dat zij met blijdschap terugkeerden. Zelfs duivelen hadden zij kunnen uitwerpen. Jezus reageerde daarop ook met vreugde en vermeldde van de ondergang en val van satan, wiens werken Hij zou verbreken: “Ik zag de satan als een bliksem uit de hemel vallen”, Lukas 10:18.

Het was een goede en rijk gezegende tijd. De Heere had ook in hun persoonlijke behoeften rijk voorzien. Want een discipel heeft met een rijke Meester van doen! Hier ligt troost voor zendingswerkers, evangelisten, predikers en allen die arbeiden in Gods Koninkrijk. Het is niet gemakkelijk geweest voor het vlees. Ze zouden liever met een zak brood en een zak geld op stap gegaan zijn. Zo zit een mens in elkaar. Vertrouwen op Gods leiding en zorg is iets wat God Zelf mij moet leren.

In de nacht van het verraad komt Jezus op deze blijde dagen terug. “Als Ik u uitzond zonder buidel en male en schoenen, heeft u ook iets ontbroken?” En de discipelen konden eenparig antwoorden: Niets! Het heeft ons aan niets ontbroken. Zo doet de Heere de Zijnen menigmaal achterom zien. Gedenk aan hetgeen Hij heeft verricht. Hij blijft Dezelfde!

Maar dan komt er ook een blik vooruit. Maar nu, zo vervolgt dan Jezus. Hij kondigt andere tijden aan. Hij blijft wel Dezelfde, maar de tijden veranderen wel. Reken nu op strijd, tegenstand en vijandschap. Zinnebeeldig spreekt Hij van een zwaard. Ze moeten zich aangorden tot de strijd. Voorbereid zijn op lijden en strijden. Er zou een tijd komen van waken en bidden. In hun onkunde vatten de discipelen het niet zinnebeeldig op, zoals bedoeld, maar letterlijk. Ze tonen de Heere Jezus twee zwaarden. Het is genoeg, zei Jezus daarop. Daar ga Ik nu niet verder op in, bedoelt Hij. Later zult u wel begrijpen wat Ik bedoel.

Maar nu! De macht en de ure der duisternis zou aanbreken in het leven van Christus en daarom ook in het leven der Zijnen. Christus zou met misdadigers gelijk gesteld worden! En zo kan het ook de vervolgde en verdrukte kerk overkomen dat zij gevangen genomen en zelfs gedood worden, alsof zij misdadigers waren. Maar zoals Christus straks zou overwinnen, zo zou ook de strijd voor de discipelen een voor satan reeds verloren strijd zijn en zou Christus bewijzen dat Hem is gegeven alle macht in hemel en op aarde.

De Kerk zal de voetstappen van Christus drukken. De arbeid in Gods Koninkrijk zal doorgaan tot de jongste dag, maar er zou tegenstand zijn van vijanden, valse godsdiensten, zorgeloosheid en grote verleidingen. En de Zijnen zouden ondervinden: Zij hebben Mij gehaat, zij zullen ook u haten. Maar op de dag van Zijn wederkomst zal blijken dat Gods vijanden misdadigers zijn en als zodanig geoordeeld zullen worden. En de Heere zal de Zijnen Zijn vrienden noemen!

Zo gaat het ook in geestelijk opzicht in het leven des geloofs. Hoe heerlijk schijnt de zon als het morgenlicht van Gods genade opgaat in het hart. Hoe heerlijk is de tijd van de eerste liefde. Maar weldra blijkt dat Gods kind in de strijd terecht komt en dat er een driehoofdige vijand is, die het dan wel verloren heeft van Christus, maar die zich juist daarom nog duchtig roert in het leven van de Zijnen. Maar nu, zo spreekt Christus Zijn Kerk toe. Gij zult wel ingaan, ingaan in het Koninkrijk, maar wel door vele verdrukkingen heen.

Let op: de Heere wil niet bang maken. Maar Hij wil Zijn Kerk van alle tijden en alle plaatsen wel voorbereiden op de realiteit van wereld en de tijd waarin wij leven. Wie op de sympathie van de wereld uit is moet de Heere verloochenen.

Maar ook in het donkerste uur zal het de Zijnen aan niets ontbreken. De Heere zal hen niet begeven en niet verlaten en in de grootste beproevingen zal Hij hen van vrede en troost spreken. Wat van Christus voorzegd is, Zijn lijden en opstanding, zal ook aan de Kerk vervuld worden: na hun lijden en strijd de eeuwige overwinning! Door een nacht hoe zwart, hoe dicht, voert Hij hen naar ’t eeuwig licht. Dat is de prediking van Pasen. De opstanding van Christus garandeert allen die in en van Hem zijn eeuwig leven.

Maar nu… nu is het de tijd van kruis dragen, zelfverloochening, trouw blijven tot het einde. En dat alles in de kracht van Hem Die dood en graf achter Zich liet en daarmee een eeuwige overwinning garandeert voor allen die tot Hem de toevlucht nemen. En in de geest vertoevend bij het geopende graf mag de Kerk het zingen: Wij steken het hoofd omhoog en zullen de eerkroon dragen, door U, door U alleen, om het eeuwig welbehagen. Want God is ons ten Schild in het strijdperk van dit leven. En Koning Jezus is van Isrels God gegeven!

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 23 april 2020

Bewaar het pand | 12 Pagina's

“Maar nu…”,

Bekijk de hele uitgave van donderdag 23 april 2020

Bewaar het pand | 12 Pagina's

PDF Bekijken