Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Het Hogepriesterlijk gebed-5

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Het Hogepriesterlijk gebed-5

9 minuten leestijd

Het Uwe is Mijne

We lezen in Joh. 17:9b ‘Maar voor hen, die Gij Mij gegeven hebt, want zij zijn Uwe.’ Tot troost voor Gods kinderen herhaalt Christus dat Hij bidt voor de Zijnen. Christus is met Zijn hart en Zijn gedachten bij hen. Zij nemen Christus aan en bewaren Zijn Woord. Zij hebben een genadige Vader. Zij zijn door de Vader aan Christus gegeven. Laat u niet losrukken van het Woord. In dat Woord staat immers ook het Hogepriesterlijk gebed. We lezen in vs. 10a ‘En al het Mijne is Uwe, en het Uwe is Mijne.’ Geen schepsel kan dit zeggen, alleen Christus kan dit zeggen. ‘Het Uwe is Mijne’ betekent niet alleen dat Gods kinderen het eigendom van Christus zijn, het houdt ook in dat Christus waarachtig en eeuwig God is. “Er valt voor u in Christus niets te zien of te horen, of u ziet en hoort de Vader.” Wie God is wordt gezien aan het werk van Christus. Zo wenste Paulus niets anders te weten dan Jezus Christus en Die gekruisigd. In Christus liggen alle schatten der wijsheid en kennis verborgen (Kolossenzen 2:3). Met een vleselijk oog valt het niet te zien, alleen met een geestelijk oog, met het geloofsoog.

Verheerlijking

We lezen in Joh. 17:10b ‘En Ik ben in hen verheerlijkt.’ Gods kinderen geloven dat Christus door de Vader naar deze aarde is gezonden.. Christus wordt verheerlijkt wanneer Gods kinderen een heldere en duidelijke kennis van Christus hebben. Christus wordt in Gods kinderen verheerlijkt door geloof en belijdenis. Tijdens Zijn omwandeling op aarde was Zijn glans verduisterd en had Hij geen aanzien. Natuurlijke mensen zien niets bijzonders in Hem. Maar de discipelen mogen zien dat de Zoon door de Vader gezonden was en mogen op die manier Christus verheerlijken. “Zij houden Mij voor een gehele andere Man dan de wereld doet, te weten voor Uw Zoon, eeuwig en waarachtig God, Heere en Meester over wereld, duivel, zonde en dood.” Zij zien Christus anders dan de wereld. Zij zien Christus zoals het Woord Hem tekent. Het is een onbegrijpelijk grote zaak en een hoge eer dat Christus door mensenkinderen verheerlijkt wil worden en dat God de Vader daar behagen in heeft wanneer mensen Christus verheerlijken, loven en prijzen. Geliefde lezer, mag u Christus al verheerlijken? Mag u in Hem geloven? Mag u geloven dat wie Christus heeft ook de Vader heeft met al Zijn goederen, genade en het eeuwige leven?

Hemelvaart

We lezen in vs 11a ‘En Ik ben niet meer in de wereld, maar dezen zijn in de wereld, en Ik kom tot U.’ Lijden, sterven, opstanding en hemelvaart worden werkelijkheid. Hemelvaart betekent gaan tot de Vader. Naar Zijn mensheid zal Christus het aardse leven verlaten. Hij behoeft niet meer te eten en te drinken zoals wij. Wat van deze wereld is zal Hij niet meer nodig hebben zoals wij. Het is zoals onze Catechismus zegt: naar Zijn Godheid, Majesteit, genade en Geest wijkt Hij nimmermeer van de Zijnen. De volgelingen van Christus zijn wel in de wereld. Zij leven het aardse leven. Zij hebben eten en drinken nodig. Zoals God de Vader alomtegenwoordig is, is ook God de Zoon alomtegenwoordig. Dat is een rijke troost. “Laten wij geloven en belijden dat Christus bij ons is. Ongeacht waar en op welke plaats wij Hem aanroepen, hetzij in het water of in het vuur, hetzij in een kerker of in welke andere nood.”

Bewaring

We lezen in vs. 11b ‘Heilige Vader, bewaar ze in Uw Naam.’ Christus vraagt om bewaring voor de Zijnen. “Hij vraagt of de Vader hen zo wil bewaren als zij bewaard werden toen Hijzelf nog bij hen was.” God de Vader is heilig. Christus spreekt Hem dan ook aan als ´Heilige Vader´. Dit lezen we ook in Psalm 22:4 ´Doch Gij zijt heilig.´ Velen gebruiken de heilige Naam van God als een dekmantel voor dwalingen, verleidingen en vervolgingen. Maar zij bedriegen en misleiden zichzelf en de wereld. Leugenaars en verleiders roemen in de Naam van God. Leugens en dwalingen worden onder de Naam en in de Naam van God verbreid. Christus vraagt dat de Zijnen bewaard worden tegen de valse leer. Hij vraagt dat zij mogen blijven bij het zuivere Evangelie. Als God de Zijnen niet bewaart zijn zij verloren. “Immers de duivel is zo boosaardig, en de verleidingen van de schone schijn zijn zo groot, dat het onmogelijk is dat wij ooit met onze eigen wijsheid en kracht de overwinning kunnen behalen.” Door het gebed van Christus worden Zijn volgelingen bewaard te midden van boosaardige geesten en sekten die er de eeuwen door zijn geweest en er nog zijn. Luther denkt aan de moslims, de Turken, het pausdom en ook aan sekten in Duitsland. Ook Gods kinderen dienen te bidden om bewaring. We moeten blijven bij de prediking en leer dat God uit louter genade, door Christus, vergeving van zonden schenkt en zalig maakt. Geliefde lezer, beleeft u bewaard te moeten worden bij de waarheid?

Dit artikel werd u aangeboden door: Bewaar het Pand

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 23 juli 2020

Bewaar het pand | 12 Pagina's

Het Hogepriesterlijk gebed-5

Bekijk de hele uitgave van donderdag 23 juli 2020

Bewaar het pand | 12 Pagina's

PDF Bekijken