Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Het boek des geslachts van JEZUS CHRISTUS

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Het boek des geslachts van JEZUS CHRISTUS

(Mattheüs 1:1)

8 minuten leestijd

Veel mensen doen tegenwoordig aan genealogie. Men doet onderzoek naar het voorgeslacht om zodoende een stamboom samen te stellen. En wat is het dan bijzonder als mensen ontdekken dat een voorouder van adel was. Of dat ze afstammen van Hugenoten. Of van Geuzen. Dat vertel je toch met een zekere trots. Maar als je ontdekt dat er een prostituee tussen zat. Of een moordenaar. Of een NSB-er. Daar loop je niet bepaald mee te koop. Daar schaam je jezelf toch voor.

De levensgeschiedenissen van de voorouders van de Heere Jezus bevatten donkere hoofdstukken. Zijn geslachtsregister predikt ons ten eerste de diepe val die de mens in Adam heeft gemaakt. Want al begint Mattheüs het geslachtsregister bij Abraham, de namen van degenen die genoemd worden, laten ons zien dat het allereerst kinderen van Adam zijn geweest.

Toen de Joden er zich op beriepen dat zij kinderen van Abraham waren, zei de Heere Jezus: Abraham? ‘Gij zijt uit uw vader den duivel, want gij wilt de begeerte van uw vader doen!’

Adam en Eva hebben de vreselijke zonde gedaan door naar de duivel te luisteren. En God, Die met hen was, is tegen hen geworden. En tegen alle kinderen en mensen die uit Adam geboren zouden worden. Dat ligt niet aan de HEERE. Nee:

Wij hebben God op ’t hoogst misdaân

Wij zijn van het heilspoor afgegaan

Ja wij en onze vaderen tevens.

Vergramden God, de God des levens

Die zoveel wonderen had verricht.

Dat is de eerste boodschap van dit geslachtsregister. ´Zij hebben allen gezondigd en derven de heerlijkheid Gods´. Met diepe schaamte moeten de geschiedenissen en namen genoemd worden, waaruit Christus geboren is. Juda en Thamar, David en Bathséba, Manasse, Achaz. Wat een zwarte bladzijden in ‘het boek des geslachts van Jezus Christus’.

Zouden wij ons niet schamen als Manasse onze vader was en Rachab onze moeder? Wij zouden zo’n afkomst maar liever bedekken. En toch, hier ligt ook onze afkomst. En bij ontdekkend licht gaan wij onszelf ook zien als een kind van Adam. Van dezelfde lap gescheurd als Manasse en Rachab. Dan zeggen we: het is niet David en niet Manasse, niet Thamar en niet Rachab, maar ´ik ben in ongerechtigheid geboren´.

Ons geslachtsregister bepaalt ons bij de vraag: ´wie zal een reine geven uit een onreine?´ Het antwoord van de kant van de mens luidt: ´Niet één!´

Jongelui, ouderen, lopen we daar weleens mee? Dat we zelf een onreine vader en moeder hebben? En dat we zelf onreine kinderen voortbrengen? ´Allen hebben gezondigd´.

Als dat gaat wegen, wat wordt Jezus’ stamboom dan een wonder. Dat er toch een Reine uit een onreine voortkwam, met de naam Immanuël. De belichaming van het wonder, dat waar niemand naar God zoekt en niemand naar God vraagt, God in Christus zegt: ‘Dan zal Ik het doen. Dan zal Ik gaan zoeken en zalig maken wat verloren was’. Dat is het wonder achter alle andere wonderen. Dat God een welbehagen had.

Terwijl er niemand Hem zoekt, is God al van eeuwigheid bezig om Zijn volk zalig te maken. Hij is het begin en het einde. Geen nagelschrapje van ons mag er bij. Opdat het zou zijn: door U, door U alleen, om het eeuwig welbehagen.

Dat is het wonder van ‘het boek des geslachts van Jezus Christus’. Dat Hij Zich niet heeft geschaamd hen broeders te noemen. Hij wilde ingeschreven worden in dit geslachtsregister. Hij wilde het erkennen: ´Ik ben lid van deze verdorven familie´. Hij is God uit God en Licht uit Licht. Rein en heilig, zonder zonde. Maar Hij wilde hen in alles gelijk worden, uitgenomen de zonde. Hij wilde zeggen: ‘Adam is Mijn vader en Eva is Mijn moeder’. En Hij schaamt Zich niet voor datgene waar wij ons wel voor zouden schamen.

Daarom staat Zijn Naam én aan het begin én aan het einde van het geslachtsregister. Hij is het begin en het einde ervan. Hij omsluit dat ganse verdorven geslacht met Zijn genadearmen. Om hun schuld te betalen en om bij God alles goed te maken wat zij verdorven hebben.

Het is goed om het geslachtsregister van Christus maar veel te lezen. Het maakt je klein en het houdt je klein. En dan komt er bij aanvang en voortgang plaats voor de persoon en het werk van de vernederde Borg.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 3 december 2020

Bewaar het pand | 12 Pagina's

Het boek des geslachts van JEZUS CHRISTUS

Bekijk de hele uitgave van donderdag 3 december 2020

Bewaar het pand | 12 Pagina's

PDF Bekijken