Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Obadja

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Obadja

8 minuten leestijd

Ik, uw knecht, nu vrees den HEERE van mijn jonkheid af. - 1 Koningen 18:12

Obadja diende de HEERE

Als nu Obadja op de weg was, zie zo was hem Elia tegemoet (1 Kon. 18:7). Sommige mensen zeggen van Obadja dat hij een ongelovige was die heulde met de vijand en twee heren diende (Matth. 6:24). Maar de Heilige Geest zegt nergens dat Obadja er verkeerd aan deed om bij Achab in dienst te blijven. Ook lezen we nergens dat zijn geestelijk leven daaronder te lijden had. Juist het tegenovergestelde: de Geest vertelt ons: Obadja was de HEERE zeer vrezende (1 Kon. 18:3). Dit is één van de grootste complimenten die hij kon krijgen. God zorgt er vaak voor dat Zijn knechten genade vinden in de ogen van heidense meesters (bijvoorbeeld Jozef en Daniël).

K Kan de Heilige Geest van jou zeggen: Hij of zij dient de HEERE?

Obadja diende de HEERE op een moeilijke plaats

Er is niets mis mee als een kind van God een invloedrijke positie heeft, zolang dit niet ten koste gaat van zijn principes. Hij kan op zo’n plek juist bijzonder veel betekenen voor de dienst van God. Als hofmeester van Achab bevond Obadja zich ongetwijfeld in een moeilijke en gevaarlijke situatie. Hij peinsde er niet over om zijn knie voor Baäl te buigen maar redde daarentegen velen van Gods knechten. Hoewel hij omringd werd door veel verleidingen hield hij vast aan zijn principes.

K Hoe kan jij op jouw plaats iets betekenen voor de dienst van God?

Obadja had hoogachting voor Elia

Wie kan beschrijven wat een mengeling van ontzag en vreugde zich meester maakte van Obadja toen hij de man Gods zag? Op het woord van Elia was het land bijna helemaal verwoest door een vreselijke droogte en hongersnood. Obadja liet onmiddellijk de hoogste hoogachting zien: Als nu Obadja op den weg was, ziet, zo was hem Elia tegemoet; en hem kennende, zo viel hij op zijn aangezicht, en zeide: Zijt gij mijn heer Elia (1 Kon. 18:7)? Zoals Obadja bezorgdheid had laten zien ten opzichte van de zonen van de profeten, zo liet hij eerbied zien aan de vader van de profeten en liet daardoor duidelijk merken dat hij de HEERE zeer vreesde, aldus M. Henry.

K Heb jij Bijbelse hoogachting voor ambtsdragers (Zie ook 1 Tim. 5:17)?

Obadja kreeg een moeilijk opdracht van Elia (1 Kon. 18:8-14)

Hij zeide: Ik ben het; ga heen, zeg uw heer: Zie, Elia is hier (1 Kon. 18:8). Het is ook opmerkelijk dat Elia respectvol sprak over Achab, hoe goddeloos hij ook was, door tegen Obadja te spreken over uw heer. God gebiedt ons: eert de koning (1 Petr. 2:17). Het was heel vanzelfsprekend dat Obadja liever niet zo’n gevaarlijke opdracht kreeg. Obadja vroeg en vertelde Elia drie dingen. Als eerste wat hij verkeerd heeft gedaan. Waarom kreeg hij anders zo’n moeilijke opdracht (vers 9)? Ten tweede hoeveel moeite Achab heeft gedaan om Elia te vinden (vers 10). Ten derde noemt Obadja zijn moedige en edele daad (vers 13). Hij noemde dit niet om op te scheppen over zichzelf, maar hij noemt dit als bewijs van oprechtheid.

K Zou jij een voorbeeld kunnen noemen van iets wat je voor de HEERE hebt over gehad?

Obadja gehoorzaamde Elia

Hierop stelde Elia hem in de naam van de HEERE gerust en Obadja stemde vervolgens gehoorzaam met het verzoek in. En Elia zeide: Zo waarachtig als de HEERE der heirscharen leeft, voor Wiens aangezicht ik sta, ik zal voorzeker mij heden aan hem vertonen! Toen ging Obadja Achab tegemoet, en zeide het hem aan; en Achab ging Elia tegemoet (1 Kon. 18:15-16).

K Ben jij ook gehoorzaam aan de dienstknechten van de HEERE die in Zijn naam jou bevelen je te bekeren en het Evangelie te geloven (Zie ook DL. Hst. 2 par. 5)?

Dit is een hertaling door Gerben van der Wulp van een gedeelte uit hoofdstuk 11 van Vuur uit de hemel, geschreven door A.W. Pink. De vragen in het stukje zijn door hem toegevoegd.


Verder praten

Op JV, thuis of met je vrienden:

Ϙ Obadja peinsde er niet over om zijn knie voor Baäl te buigen en is daarin een voorbeeld voor mij. Ϙ Ik houd in een omgeving waar veel verleidingen zijn net als Obadja vast aan mijn principes. Ϙ Ik ben jaloers op het geheim van Jozef, Obadja en Daniël om in een wereldse en goddeloze omgeving een zoutend zout en lichtend licht te zijn.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 14 mei 2020

Daniel | 32 Pagina's

Obadja

Bekijk de hele uitgave van donderdag 14 mei 2020

Daniel | 32 Pagina's

PDF Bekijken